Leviticus 1
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)
1Jahweh riep Moses, en sprak uit de openbaringstent tot hem:
1O SENHOR chamou Moisés e falou com ele da Tenda do Encontro, dizendo:
2Zeg aan de Israëlieten: Wanneer iemand van u aan Jahweh een offergave wil brengen uit het vee, moet gij uw offergave kiezen uit de runderen of het kleinvee.
2“Fale aos filhos de Israel e diga-lhes: ‘Quando algum de vocês apresentar uma oferta ao SENHOR, vocês deverão apresentar sua oferta de animais, seja do gado ou do rebanho.
3Wanneer iemand een rund als brandoffer wil opdragen, moet hij een gaaf mannelijk dier offeren. Om het welgevallig aan Jahweh te maken, moet hij het naar de ingang van de openbaringstent brengen,
3“‘Se a sua oferta for um holocausto do gado, ele oferecerá um macho sem defeito. Ele o oferecerá à porta da Tenda do Encontro, para que seja aceito perante o SENHOR.
4en zijn hand op de kop van het brandoffer leggen; dan zal het goedgunstig worden aanvaard, en vergiffenis voor hem verkrijgen.
4Ele porá a mão sobre a cabeça do holocausto, e este será aceito em seu favor para fazer expiação por ele.
5Daarna moet hij het rund voor het aanschijn van Jahweh slachten; en de zonen van Aäron, de priesters, moeten het bloed opdragen, en daarmee het altaar, dat bij de ingang van de openbaringstent staat, aan alle kanten besprenkelen.
5Ele matará o novilho perante o SENHOR. Os filhos de Arão, os sacerdotes, apresentarão o sangue e aspergirão o sangue ao redor do altar que está à porta da Tenda do Encontro.
6Vervolgens moet hij het brandoffer villen, en in stukken snijden.
6Ele tirará a pele do holocausto e o cortará em pedaços.
7De zonen van Aäron, de priesters, moeten vuur op het altaar leggen, hout op het vuur stapelen,
7Os filhos do sacerdote Arão colocarão fogo no altar, e arrumarão a lenha sobre o fogo;
8en de stukken met de kop en het vet op het hout leggen, dat op het altaarvuur ligt.
8e os filhos de Arão, os sacerdotes, arrumarão os pedaços, a cabeça e a gordura sobre a lenha que está no fogo sobre o altar;
9Maar de ingewanden met de poten moet hij met water afwassen; dan moet de priester alles tezamen op het altaar in rook doen opgaan. Het is een brandoffer, een welriekend vuuroffer voor Jahweh.
9mas ele lavará as suas entranhas e as suas pernas com água. O sacerdote queimará tudo isso no altar, como holocausto, uma oferta feita por fogo, de aroma agradável ao SENHOR.
10Wanneer zijn gave voor het brandoffer uit kleinvee bestaat, uit een schaap of een geit, dan moet hij een gaaf mannelijk dier als offergave brengen.
10“‘Se a sua oferta for do rebanho, de ovelhas ou de cabras, para holocausto, ele oferecerá um macho sem defeito.
11Hij moet het aan de noordzijde van het altaar voor het aanschijn van Jahweh slachten, en de zonen van Aäron, de priesters, moeten het altaar aan alle kanten met het bloed besprenkelen.
11Ele o matará no lado norte do altar, perante o SENHOR. Os filhos de Arão, os sacerdotes, aspergirão o seu sangue ao redor do altar.
12Dan moet hij het in stukken snijden, die de priester met de kop en het vet op het hout moet leggen, dat op het altaarvuur ligt.
12Ele o cortará em pedaços, com a sua cabeça e a sua gordura. O sacerdote os arrumará sobre a lenha que está no fogo sobre o altar,
13De ingewanden met de poten moet hij met water afwassen; dan moet de priester alles tezamen opdragen en op het altaar in rook doen opgaan. Het is een brandoffer, een welriekend vuuroffer voor Jahweh.
13mas as entranhas e as pernas ele lavará com água. O sacerdote oferecerá tudo, e o queimará no altar. É um holocausto, uma oferta feita por fogo, de aroma agradável ao SENHOR.
14Wanneer hij gevogelte aan Jahweh als brandoffer wil opdragen, moet hij een tortel of een jonge duif als offergave brengen.
14“‘Se a sua oferta ao SENHOR for um holocausto de aves, então ele apresentará a sua oferta de rolinhas ou de pombinhos.
15De priester moet die naar het altaar brengen, haar de kop afknijpen en die op het altaar in rook doen opgaan. Haar bloed moet tegen de zijde van het altaar worden uitgeperst.
15O sacerdote a trará ao altar, destroncará a sua cabeça e a queimará no altar; e o seu sangue será escorrido na lateral do altar;
16Haar krop met de veren moet hij verwijderen, en naast het altaar, aan de oostkant, op de ashoop werpen.
16e ele removerá o seu papo e as suas penas, e os lançará ao lado do altar, na parte leste, no lugar das cinzas.
17Hij moet de vleugels inscheuren zonder ze er helemaal af te trekken. Dan moet de priester haar op het altaar, op het hout boven het vuur, in rook doen opgaan. Het is een brandoffer, een welriekend vuuroffer voor Jahweh.
17Ele a rasgará pelas asas, mas não a dividirá em duas partes. O sacerdote a queimará no altar, sobre a lenha que está no fogo. É um holocausto, uma oferta feita por fogo, de aroma agradável ao SENHOR.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.