エゼキエル書
Chapter 46
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

エゼキエル書 46

Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1主なる神はこう言われる。「東を向く内庭の門は、六日の労働日には閉じておかなければならない。しかし、安息日には開き、新月の日にも開かなければならない。
1Dit zegt Jahweh, de Heer: De oosterpoort van de binnen-voorhof moet gedurende de zes werkdagen gesloten blijven; alleen op sabbat- en op nieuwemaandag mag ze geopend worden.
2君主は外から門の前廊を通って入り、門の柱のそばに立つ。祭司たちは彼の焼き尽くすささげ物と平和のささげ物を用意し、彼は門の敷居の所で礼拝する。それから外へ出るが、門は夕方まで閉じてはならない。
2Dan moet de vorst van buiten door de poorthal binnenkomen, en in de poortdeur blijven staan; dan zullen de priesters zijn brandoffer en dankoffers opdragen, en hij zal zich neerbuigen op de drempel van de poort. Als hij de poort verlaten heeft, mag die tot de avond niet gesloten worden.
3この地の民も、安息日と新月の日に、その門の入口で主の前に礼拝しなければならない。
3Maar het gewone volk moet zich op sabbat- en nieuwemaandagen buiten de ingang der poort voor Jahweh neerbuigen.
4君主が安息日に主にささげる焼き尽くすささげ物は、傷のない子羊六頭と、傷のない雄羊一頭である。
4Het brandoffer, dat de vorst op sabbatdag aan Jahweh moet brengen, zal bestaan uit zes gave lammeren en één gaven ram,
5穀物のささげ物は、雄羊一頭につき一エパ、子羊については彼がささげることのできる量とし、一エパにつき一ヒン の油を添える。
5met een meeloffer van een efa bij den ram en een meeloffer naar eigen keuze bij de lammeren, en bij iedere efa een hin olie.
6新月の日には、傷のない若い雄牛一頭、子羊六頭、雄羊一頭をささげる。それらは傷のないものでなければならない。
6Op nieuwemaandag echter zal het offer bestaan uit een gaven jongen stier, zes gave lammeren en een gaven ram.
7彼は穀物のささげ物として、雄牛一頭につき一エパ、雄羊一頭につき一エパ、子羊については彼がささげることのできる量を用意し、一エパにつき一ヒンの油を添えなければならない。
7Bij den stier en den ram moet hij een meeloffer van een efa brengen, bij de lammeren zoveel als hij zelf verkiest, en bij iedere efa een hin olie.
8君主が入るときは、門の前廊を通って入り、同じ道を通って出なければならない。
8Als de vorst de tempel bezoekt, moet hij langs de poorthal binnenkomen, en langs dezelfde weg terugkeren.
9しかし、この地の民が定められた祭りに主の前へ来るとき、礼拝するために北の門から入る者は南の門から出なければならず、南の門から入る者は北の門から出なければならない。入って来た門から引き返してはならず、まっすぐ向かい側の門から出なければならない。
9Maar komt op feestdagen het gewone volk voor Jahweh, dan moeten zij, die langs de noorderpoort komen aanbidden, door de zuiderpoort terugkeren; en zij die langs de zuiderpoort binnenkomen, moeten door de noorderpoort vertrekken. Men mag niet terugkeren door dezelfde poort, waardoor men gekomen is; men moet langs de overkant heengaan.
10君主は、民が入るときに彼らと共に入り、彼らが出るときに共に出なければならない。
10De vorst moet tegelijk met de anderen komen en heengaan.
11祭りと定められた祝日には、穀物のささげ物は雄牛一頭につき一エパ、雄羊一頭につき一エパ、子羊については彼がささげることのできる量とし、一エパにつき一ヒンの油を添える。
11Op feesten en gedenkdagen zal het meeloffer een efa bedragen bij elken var en ram; bij de lammeren mag hij geven wat hij wil, maar bij iedere efa een hin olie.
12君主が主への自発のささげ物として、焼き尽くすささげ物または平和のささげ物を用意するときには、東を向く門を彼のために開かなければならない。彼は安息日に行うのと同じように、焼き尽くすささげ物と平和のささげ物を用意する。それから彼が出た後、門を閉じなければならない。
12Als de vorst uit eigen beweging brand- of dankoffers brengt, een vrijwillig offer aan Jahweh, dan moet men de oosterpoort voor hem openen, opdat hij op dezelfde wijze als op sabbatdag zijn brandoffer en dankoffer kan brengen; maar zodra hij is heengegaan, moet men de poort achter hem sluiten.
13あなたは毎日、傷のない一歳の子羊一頭を、主への焼き尽くすささげ物として用意しなければならない。朝ごとにこれを用意せよ。
13Elke dag moet ge een gaaf, éénjarig lam als brandoffer aan Jahweh opdragen; elke morgen moet ge dat opdragen.
14また、朝ごとに、それと共に穀物のささげ物として一エパの六分の一と、上質の小麦粉を湿らせるための油一ヒンの三分の一を用意せよ。これは永遠の定めにより、絶えず主にささげる穀物のささげ物である。
14Ook moet ge er elke morgen een meeloffer bijvoegen van een zesde efa met een derde hin olie, om de bloem aan te maken. Dit is het dagelijks meeloffer voor Jahweh: voor altijd ingesteld.
15このようにして、朝ごとに子羊と穀物のささげ物と油を、絶えずささげる焼き尽くすささげ物として用意しなければならない。」
15Elke morgen moet men als dagelijks brandoffer het lam, het meeloffer en de olie opdragen.
16主なる神はこう言われる。「君主が自分の息子の一人に贈り物を与えるなら、それはその息子の相続地となる。それは世襲の所有地として息子たちのものとなる。
16Dit zegt Jahweh, de Heer: Als de vorst een stuk van zijn erfdeel aan een van zijn zonen ten geschenke geeft, zal dat aan de zonen in eigendom behoren, en hun erfelijk bezit zijn;
17しかし、自分の相続地から、しもべの一人に贈り物を与えるなら、それは解放の年までそのしもべのものとなり、その後は君主に戻る。君主の相続地は、ただその息子たちのものとなる。
17maar geeft hij een stuk van zijn erfdeel ten geschenke aan een van zijn dienaren, dan zal het hem slechts toebehoren tot het jaar der vrijlating, en daarna weer aan den vorst vervallen; alleen het erfdeel van zijn zonen zal dus hun eigendom zijn.
18君主は、民をその所有地から追い出すために、民の相続地を取り上げてはならない。自分の所有地から息子たちに相続地を与えなければならない。わたしの民が、それぞれ自分の所有地から散らされないためである。」
18De vorst mag niets afnemen van het erfgoed van het volk, door ze hun bezit af te persen; alleen eigen bezit kan hij aan zijn zonen vermaken, opdat niemand van mijn volk uit zijn bezit verdreven wordt.
19それから彼は、門の脇にある入口を通って、北を向く祭司たちのための聖なる部屋へ私を連れて行った。見よ、その奥の西側に一つの場所があった。
19Toen bracht hij mij door de ingang terzijde van de poort, naar de heilige zalen, die voor de priesters bestemd zijn en op het noorden liggen; daar zag ik aan de uiterste westkant een ruimte.
20彼は私に言った。「ここは、祭司たちが罪過のささげ物と罪のきよめのささげ物を煮、穀物のささげ物を焼く場所である。それらを外庭へ持ち出して、民を聖別してしまうことがないようにするためである。」
20Hij sprak tot mij: Dit is de ruimte, waar de priesters het schuldoffer en het zonde-offer moeten koken en het meeloffer bakken; zo behoeven ze niet naar de buiten-voorhof te gaan, waardoor ze het volk zouden heiligen.
21それから彼は私を外庭へ連れ出し、庭の四隅を通らせた。見よ、庭の各隅に小庭があった。
21Daarna bracht hij mij naar de buiten-voorhof, en leidde mij langs de vier hoeken van de voorhof; en daar zag ik in elke hoek van de voorhof een besloten ruimte.
22庭の四隅には囲まれた小庭があり、それぞれ長さ四十キュビト、 幅三十キュビトであった。四隅にあるこの四つは、すべて同じ寸法であった。
22In de vier hoeken van de voorhof waren afgesloten ruimten van veertig el lang en dertig breed: alle vier van dezelfde afmetingen.
23四つの小庭には、それぞれ周囲に壁があり、その壁の下には周囲を巡る煮炊き場が設けられていた。
23Rond alle vier liep een galerij, en onder de galerijen waren keukens ingericht.
24彼は私に言った。「これらは、宮に仕える者たちが民のいけにえを煮る場所である。」
24En hij verklaarde mij: Dit zijn de keukens, waar de tempeldienaren voor het volk de slachtoffers moeten koken.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.