Еремії 42
Kulish and Puluj Bible (1905)Translation
Kulish and Puluj Bible (1905)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1І приступила вся військова старшина з Йоананом Кареєнком і Езанїєю Гошаїєнком й усїм людом од малого до великого,
1Nu traden alle legeroversten met Jochanan den zoon van Karéach, en Azarja den zoon van Hosjaäja, met heel het volk, van klein tot groot,
2І сказали до пророка Еремії: Нехай упаде наша просьба перед лице твоє; помолись Господеві, твойму Богові, за ввесь останок сей, бо нас тілько трохи з множества зосталось, як се очі твої бачать, —
2op den profeet Jeremias toe, en zeiden tot hem: Doe toch wat wij u vragen, en smeek voor ons tot Jahweh, uw God, voor ons allen die zijn overgebleven; want wij zijn nog maar een kleine rest van de grote menigte, zoals ge met eigen ogen kunt zien.
3Нехай нам Господь, Бог твій, укаже дорогу, якою йти нам, і навчить, що нам чинити.
3Laat Jahweh, uw God, ons de weg doen kennen, die wij hebben te volgen, en de beslissing, die wij moeten nemen.
4І відказав їм пророк Еремія: Чую, помолюся Господеві, Богу вашому, як бажаєте, й зʼясую вам увесь відказ, який дасть вам Господь. Нї слова не втаю од вас.
4De profeet Jeremias gaf hun ten antwoord: Goed dan! Ik zal voor u tot Jahweh bidden, zoals ge verzocht hebt; en al wat Jahweh u antwoordt, zal ik u mededelen, zonder iets te verzwijgen.
5І сказали вони до Еремії: Господь нехай буде сьвідком вірностї й правди між нами й тобою, що ми чинити мем усе те, з чим пошле тебе до нас Господь, Бог твій:
5Ze verzekerden Jeremias: Jahweh zij onze waarachtige en getrouwe getuige, dat wij alles zullen doen, wat Jahweh, uw God, door u ons beveelt.
6Чи легке, чи тяжке воно буде, ми послухаєм голосу Господа, Бога нашого, що до його ми тебе оце посилаємо, щоб нам добре було, як послухаємо голосу Господа, Бога нашого.
6Of het ons goed schijnt of kwaad: naar de stem van Jahweh onzen God, tot wien wij u zenden, zullen we luisteren, opdat het ons goed gaat; waarachtig, naar de stem van Jahweh zullen we horen!
7Як уплило ж десять день, надійшло слово Господнє до Еремії.
7Tien dagen later werd het woord van Jahweh tot Jeremias gericht.
8Він покликав перед себе Йоанана Кареєнка з усією військовою старшиною й з усїм людом од найменшого до найстаршого,
8Toen riep hij Jochanan, den zoon van Karéach, met al de legeroversten die bij hem waren, en heel het volk van klein tot groot om zich heen,
9І сказав їм: Так говорить Господь, Бог Ізрайлїв, що до його ви посилали мене, щоб зложити перед ним молитву вашу:
9en zeide tot hen: Zo spreekt Jahweh, Israëls God, tot wien ge mij hebt gezonden, om Hem uw bede voor te dragen!
10Коли зостанетесь у сїй землї, так я вас побудую, а не повалю, насаджу вас і не повириваю, жалую бо вас задля тих злиднїв, які допустив на вас.
10Als ge rustig in dit land blijft wonen, dan bouw Ik u op, en breek u niet af, dan plant Ik u neer, en ruk u niet uit, want Ik heb spijt van het onheil, dat Ik u heb berokkend.
11Не бійтесь царя Вавилонського, що його тепер лякаєтесь, говорить Господь, я бо з вами, щоб вам помагати й вас із рук його рятувати.
11Weest niet bang voor den koning van Babel, voor wien ge beducht zijt; vreest hem niet, is de godsspraak van Jahweh; want Ik ben met u, om u te verlossen, en u uit zijn macht te bevrijden.
12Я буду милосердним до вас, і поверну вас у вашу землю.
12Ik zal u bij hem genade doen vinden; hij zal zich uwer ontfermen, en u op uw eigen grond laten wonen.
13Коли ж ви скажете: Не хочемо жити в сїй землї, та й не послухаєте заповідання Господа, Бога вашого, а скажете:
13Maar als ge zegt: Wij willen niet in dit land blijven wonen, niet luisteren naar Jahweh, uw God;
14Нї, пійдемо таки в землю Египецьку, там не будемо бачити війни й не чути гуку трубнього та й не будемо голодувати, й там ми хочемо жити, —
14neen, we willen naar het land van Egypte, waar wij geen oorlog meer zien, geen krijgsbazuin horen, geen broodsgebrek hebben; dáár willen we wonen:
15Так чуйте слово Господнє, ви, останок Юди: Так говорить Господь Саваот, Бог Ізраїля: Коли ви справдї обернете лиця ваші, щоб ійти в Египет та й пійдете туди, щоб там пробувати,
15hoort dan ook het woord van Jahweh, Juda’s rest! Zo spreekt Jahweh der heirscharen, Israëls God: Wanneer ge blijft bij uw plan, om naar Egypte te trekken, om daar te gaan wonen,
16То меч, що ви його лякаєтесь, наздогонить вас там у землї Египецькій, і голоднеча, що її лякаєтесь, пійде слїдом за вами в Египет, і там ви погинете.
16dan zal het zwaard, waarvoor ge beducht zijt, u daar in het land van Egypte achterhalen; zal de honger, waarvoor ge zo bang zijt, u daar in Egypte achtervolgen, en daar zult ge sterven.
17Та й усї, що наважились ійти в Египет, щоб там жити, поляжуть од меча, голоднечі й морової пошестї, і нїхто з них не зостанеться й не втече від того лиха, що пошлю на них.
17Alle mannen, die koppig vasthouden, naar Egypte te trekken, om daar te gaan wonen, zullen sterven door het zwaard, de honger en pest, en niemand van hen zal het onheil ontvluchten, het onheil ontsnappen, dat Ik hun zal berokkenen!
18Так бо говорить Господь сил небесних, Бог Ізрайлїв: Так само, як вилився мій гнїв палкий на осадників Ерусалимських, так пролиється досада моя на вас, коли пійдете в Египет; і зробитесь ви прокляттєм і острахом, наругою й сьміховищем, і не бачити вам уже землї сієї.
18Want zo spreekt Jahweh der heirscharen, Israëls God: Zoals Ik mijn grimmige toorn over de bewoners van Jerusalem heb uitgestort, zo zal Ik mijn woede aan u koelen, als ge naar Egypte durft gaan; dan wordt ge een vloek en een afschrik, een verwensing en spot, en nimmer zult ge deze plaats meer aanschouwen!
19Так, — Господь заповів вам, ти, останку Юдин: Не ійдїть у Египет; затямте ж собі добре, що й я вас остерігав нинї;
19Het is Jahweh, die tot u spreekt, Juda’s rest! Trekt niet op naar Egypte! Denkt er aan, dat ik u heden gewaarschuwd heb, en dat ge uw leven verspeelt.
20Ви бо прогрішились проти себе самих; ви посилали мене до Господа, Бога вашого, мовляючи: Помолися за нас Господеві, Богу нашому, й вияви нам усе, що скаже Господь, Бог наш, а ми те вчинимо.
20Zelf hebt ge mij tot Jahweh, uw God, gezonden, en gezegd: Smeek voor ons tot Jahweh, onzen God; verkondig ons al wat Jahweh, onze God, zal zeggen; en wij zullen er naar handelen.
21Оце ж я вам виявив нинї, та ви не хочете послухати слова Господа, Бога нашого й того всього, з чим він послав мене до вас.
21Ik heb het u heden verkondigd. Luistert ge niet naar de stem van Jahweh, uw God, naar al wat Hij mij voor u heeft gelast:
22То ж знайте, що поляжете від меча, голоднечі й морової пошестї в тому місцї, куди захотїли йти, щоб там пробувати.
22denkt er dan aan, dat ge sterven zult door het zwaard, door honger en pest, op de plaats, waar ge wilt heen gaan, om er te wonen!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.