Genesis
Chapter 13
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Freedom Bible (フリー…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1Zo trok Abram met zijn vrouw en al zijn bezittingen uit Egypte weg, de Négeb in, en Lot met hem.
1アブラムは、妻と、すべての持ち物、そしてロトと一緒に、エジプトを出てネゲブ地方へ上って行った。
2Abram was zeer rijk aan vee, aan zilver en goud.
2アブラムは家畜、銀、金を非常に多く持ち、たいへん豊かであった。
3Van de Négeb trok hij geleidelijk voort naar Betel, naar de plaats tussen Betel en Ai, waar al eerder zijn tent had gestaan,
3彼は旅を続けて、ネゲブからベテルへ向かい、初めに天幕を張っていたベテルとアイの間の場所へ行った。
4en waar hij vroeger een altaar had gebouwd; daar riep Abram de naam van Jahweh aan.
4そこは、彼が以前に築いた祭壇の場所であった。そこでアブラムは主の御名を呼び求めた。
5Ook Lot, die met Abram was meegetrokken, bezat schapen, runderen en tenten.
5アブラムと一緒に行ったロトもまた、羊の群れ、牛の群れ、天幕を持っていた。
6De landstreek echter liet niet toe, dat zij bij elkaar bleven wonen; want hun bezittingen waren zo groot, dat zij onmogelijk bij elkaar konden blijven.
6その地は、彼らが一緒に住むには十分ではなかった。彼らの持ち物が多すぎて、一緒に住むことができなかったからである。
7Telkens rees er twist tussen de veeherders van Abram en de veeherders van Lot; bovendien woonden ook de Kanaänieten en de Perizzieten nog in die streek.
7アブラムの家畜の牧者たちと、ロトの家畜の牧者たちの間に争いが起こった。その当時、カナン人とペリジ人がその地に住んでいた。
8Daarom zei Abram tot Lot: Laat er toch geen onenigheid zijn tussen mij en u, tussen mijn en uw herders; want we zijn toch broers van elkaar.
8アブラムはロトに言った。「どうか、私とあなたの間、また私の牧者たちとあなたの牧者たちの間に、争いがないようにしよう。私たちは親族なのだから。
9Ligt niet het hele land voor u open? Trek dus liever van mij weg; gaat gij links, dan ga ik rechts; gaat gij rechts, dan ga ik links.
9全地があなたの前にあるではないか。どうか、私から別れてほしい。あなたが左へ行くなら、私は右へ行こう。あなたが右へ行くなら、私は左へ行こう。」
10Lot sloeg zijn ogen op en zag, dat de hele Jordaanstreek overvloed van water had; voordat Jahweh Sodoma en Gomorra had verdelgd, was ze, tot Sóar toe, als de tuin van Jahweh, als het land van Egypte.
10ロトが目を上げてヨルダンの低地一帯を見渡すと、ツォアルに至るまで、どこもよく潤っていた。それは主がソドムとゴモラを滅ぼされる前のことで、主の園のように、またエジプトの地のようであった。
11Daarom koos Lot de hele Jordaanstreek voor zich, en trok op naar het oosten. Zo gingen ze uiteen.
11そこでロトは、ヨルダンの低地一帯を自分のために選び取った。ロトは東へ旅立ち、彼らは互いに別れた。
12Abram bleef in het land Kanaän wonen, maar Lot vestigde zich in de steden van de Jordaanstreek, en sloeg zijn tenten op tot Sodoma toe,
12アブラムはカナンの地に住み、ロトは低地の町々に住んで、ソドムの近くまで天幕を張った。
13ofschoon de mannen van Sodoma zeer slecht waren en zwaar zondigden tegen Jahweh.
13さて、ソドムの人々は主に対して極めて邪悪な罪人であった。
14Jahweh sprak tot Abram, nadat Lot zich van hem gescheiden had: Sla uw ogen op, en blik van de plaats, waar ge staat Naar het noorden en zuiden, het oosten en westen.
14ロトが別れて行った後、主はアブラムに言われた。「さあ、目を上げて、あなたのいる場所から北、南、東、西を見渡しなさい。
15Al het land, dat ge ziet, zal Ik geven aan u En uw kroost voor altijd.
15あなたが見渡しているこのすべての地を、わたしはあなたとあなたの子孫に永遠に与える。
16Ik zal uw nageslacht talrijk maken Als het stof der aarde. Als iemand het stof der aarde kan tellen, Dan zal hij ook uw geslacht kunnen tellen.
16わたしはあなたの子孫を地のちりのようにする。もし人が地のちりを数えることができるなら、あなたの子孫も数えることができるだろう。
17Sta op, doorkruis het land in zijn lengte en breedte, Want aan u zal Ik het geven!
17さあ、立って、その地を縦と横に歩き回りなさい。わたしはそれをあなたに与えるからだ。」
18Toen brak Abram zijn tenten op, en ging te Hebron wonen bij de eik van Mamre, en bouwde daar een altaar voor Jahweh.
18アブラムは天幕を移し、ヘブロンにあるマムレの樫の木々のところに来て住んだ。そしてそこに、主のための祭壇を築いた。

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.