ミカ書
Chapter 3

ミカ書

Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1私は言った。 「ヤコブのかしらたちよ、 イスラエルの家の支配者たちよ、聞け。 あなたがたは公正を知るべきではないか。
1Ik zeide: Luistert dan toch, Hoofden van Jakob, Leiders van Israëls huis: Hadt gij niet het recht moeten kennen?
2あなたがたは善を憎み、 悪を愛している。 私の民の皮をはぎ、 骨から肉をそぎ取る。
2Maar ze haten het goede, en beminnen het kwaad: Zij trekken mijn volk het vel over de oren, Het vlees van zijn beenderen,
3また私の民の肉を食べ、 その皮をはぎ取り、 骨を砕き、 鍋に入れる肉のように、 大釜に入れる肉のように切り刻む。
3En verslinden het vlees. Hun huid stropen ze af, Verbrijzelen hun beenderen; Ze hakken hen in stukken als gebraad in de pan, Als vlees in de ketel.
4その時、彼らは主に叫び求めるが、 主は彼らにお答えにならない。 その時、主は御顔を彼らから隠される。 彼らがその行いを悪くしたからだ。」
4Dan durven ze nog tot Jahweh roepen, Maar Hij zal ze niet horen; Op die dag zal Hij hun zijn aanschijn verbergen, Om het kwaad, dat zij hebben bedreven.
5主は、私の民を迷わせる預言者たちについてこう言われる。彼らは、歯の間に食べ物を入れてくれる者には「平安」と叫び、口に何も与えない者には戦いを布告する。
5Zo spreekt Jahweh over de profeten, die mijn volk misleiden, Die vrede verkonden, als hun tanden te bijten krijgen, Maar wanneer men ze niets in de mond stopt, Met oorlog bedreigen.
6「それゆえ、あなたがたを幻のない夜が覆う。 占うことのできない闇が覆う。 太陽は預言者たちの上に沈み、 昼も彼らの上で暗くなる。
6Daarom zal het nacht voor u worden zonder visioen, En duisternis zonder waarzeggerij; De zon zal ondergaan over die profeten, De dag over hen verduisteren.
7先見者たちは失望し、 占い師たちはうろたえる。 彼らは皆、口を覆う。 神 からの答えがないからだ。」
7De zieners zullen te schande worden, De waarzeggers blozen; Ze zullen zich allen de baard bedekken, Omdat God hun geen antwoord meer geeft.
8しかし私は、主の霊によって力を受け、 公正と揺るぎない強さに満たされている。 ヤコブにその背きを、 イスラエルにその罪を告げるためだ。
8Maar ik blijf vol kracht, Door Jahweh’s geest vol recht en moed, Om Jakob zijn misdaad voor te houden, En Israël zijn zonde.
9ヤコブの家のかしらたちよ、 イスラエルの家の支配者たちよ、これを聞け。 あなたがたは公正を忌み嫌い、 すべての正しいことを曲げている。
9Hoort dit, hoofden van het huis van Jakob, Leiders van Israëls huis, Die de rechtspraak verkracht, En krom maakt wat recht is.
10血を流してシオンを築き、 不義によってエルサレムを建てる。
10Ze bouwen Sion op met bloed, En Jerusalem met misdaad;
11その指導者たちは賄賂を取って裁き、 祭司たちは報酬を取って教え、 預言者たちは金を取って占う。 それでも彼らは主に寄り頼んで言う。 「主はわれわれのただ中におられるではないか。 災いがわれわれに臨むことはない。」
11Zijn hoofden spreken recht voor geschenken, Zijn priesters leren tegen betaling. Zijn profeten voorspellen voor geld, Beroepen zich op Jahweh, en zeggen: Is Jahweh niet in ons midden; Ons treffen geen rampen!
12それゆえ、あなたがたのために、 シオンは畑のように耕され、 エルサレムは石の山となり、 神殿の山は森に覆われた高き所のようになる。
12Daarom zal door uw schuld Sion worden omgeploegd als een akker; Jerusalem zal een puinhoop worden, De tempelberg een heuvel met struiken!

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.