Psalmen 110
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
1Een psalm van David. Jahweh spreekt tot mijn Heer: “Zet U aan mijn rechterhand, Totdat Ik uw vijanden leg als een voetbank voor uw voeten!”
1耶和华对我主说: 你坐在我的右边, 等我使你仇敌作你的脚凳。
2Jahweh zal U een machtige schepter verlenen: Treed uit Sion als Heerser te midden uwer vijanden!
2耶和华必使你从 锡安 伸出能力的杖来; 你要在你仇敌中掌权。
3Gij draagt de offers ten dage van uw mannelijke kracht, Zijt met de heilige gewaden bekleed Van de moederschoot af, Sinds de morgendauw uwer jeugd.
3当你掌权的日子, 你的民要以圣洁的妆饰为衣, 甘心牺牲自己; 你的民多如清晨的甘露。
4Jahweh heeft gezworen, en het zal Hem nimmer berouwen: “Gij zijt Priester voor eeuwig, zoals Melkisédek was!”
4耶和华起了誓,决不后悔, 说 : 你是照着 麦基洗德 的等次永远为祭司。
5De Heer zal aan uw rechterhand blijven staan, En de vorsten vermorzelen op de dag van zijn toorn;
5在你右边的主, 当他发怒的日子,必打伤列王。
6Vol majesteit de volkeren richten, De koppen verpletteren tegen de grond!
6他要在列邦中刑罚 恶人 , 尸首就遍满 各处 ; 他要在许多国中打破 仇敌的 头。
7Maar U alleen zal Hij een kostbaar erfdeel schenken, En daarom fier uw hoofd verheffen!
7他要喝路旁的河水, 因此必抬起头来。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.