Marcus
Chapter 6
Petrus Canisius Bible, 1…

Read in

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Brezhoneg (Breton Gospels, 1827)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Meriam Mir GospelsOld Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)
vs Freedom Bible (Thai)

Compare with

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Brezhoneg (Breton Gospels, 1827)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Meriam Mir GospelsOld Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)Stop comparing
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Hij vertrok van daar, en ging naar zijn vaderstad; en zijn leerlingen volgden Hem.
1พระองค์​ออก​จาก​ที่​นั่น แล้ว​กลับ​ไป​ยัง​ถิ่น​บ้านเกิด​ของ​พระองค์ สาวก​ของ​พระองค์​ก็​ตาม​ไป
2En op de sabbat begon Hij in de synagoge te leren. De vele toehoorders stonden verbaasd, en ze zeiden: Waar heeft Hij dit alles vandaan? Wat is dit voor wijsheid, die Hem is gegeven; en wat zijn het voor wonderen, die door zijn handen gebeuren?
2เมื่อ​ถึง​วันสะบาโต พระองค์​เริ่ม​สอน​ใน​ธรรมศาลา หลาย​คน​ที่​ได้ยิน​ก็​ประหลาดใจ และ​พูด​ว่า “คน​นี้​ได้​สิ่ง​เหล่านี้​มา​จาก​ไหน? ปัญญา​อะไร​ที่​เขา​ได้​รับ จึง​ทำ​การ​อัศจรรย์​อัน​ยิ่งใหญ่​เช่นนี้​ด้วย​มือ​ของ​เขา?
3Is Hij niet de timmerman, de zoon van Maria, de broer van Jakobus en Josef, Judas en Simon; en leven zijn zusters niet hier onder ons? En ze ergerden zich aan Hem.
3คน​นี้​ไม่​ใช่​ช่างไม้ ลูก​ของ​มารีย์ และ​พี่น้อง​ของ​ยากอบ โยเสส ยูดาส และ​ซีโมน​หรือ? พี่น้อง​หญิง​ของ​เขา​ก็​อยู่​ที่​นี่​กับ​พวกเรา​ไม่​ใช่​หรือ?” พวกเขา​จึง​ไม่​ยอมรับ​พระองค์
4Maar Jesus zeide tot hen: Een profeet wordt enkel in zijn vaderland miskend, onder zijn verwanten en in zijn familie.
4พระเยซู​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “ผู้เผยพระวจนะ​ย่อม​ได้​รับ​เกียรติ เว้นแต่​ใน​ถิ่น​ของ​ตน ท่ามกลาง​ญาติ​ของ​ตน และ​ใน​บ้าน​ของ​ตน”
5Hij kon daar geen wonder verrichten, behalve enkele zieken genezen, door ze de handen op te leggen.
5พระองค์​ไม่​สามารถ​ทำ​การ​อัศจรรย์​อัน​ยิ่งใหญ่​ที่​นั่น​ได้ นอกจาก​วาง​มือ​บน​คน​ป่วย​ไม่​กี่​คน​และ​รักษา​พวกเขา
6En Hij verwonderde Zich over hun ongeloof. Nu trok Hij de dorpen in de omtrek al lerende rond.
6พระองค์​ประหลาดใจ​เพราะ​ความ​ไม่​เชื่อ​ของ​พวกเขา พระองค์​เดิน​ไป​ตาม​หมู่บ้าน​โดยรอบ​และ​สั่งสอน
7Ook riep Hij het twaalftal bij Zich, zond ze twee aan twee uit, en gaf hun de macht over de onreine geesten.
7พระองค์​เรียก​สิบสอง​คน​มา และ​เริ่ม​ส่ง​พวกเขา​ออก​ไป​เป็น​คู่ ๆ พร้อม​ทั้ง​ให้​อำนาจ​เหนือ​วิญญาณ​ที่​ไม่​บริสุทธิ์
8Hij gebood hun, niets mee te nemen op weg, dan alleen een staf; geen reiszak, geen brood, geen geld in de gordel;
8พระองค์​สั่ง​พวกเขา​ว่า สำหรับ​การ​เดินทาง​ให้​เอา​ไป​ได้​เพียง​ไม้เท้า​เท่านั้น ไม่​ให้​เอา​ขนมปัง ย่าม หรือ​เงิน​ใน​กระเป๋า​ไป
9ze mochten wel sandalen dragen, maar geen dubbele onderkleding.
9ให้​สวม​รองเท้าแตะ และ​อย่า​สวม​เสื้อ​สอง​ตัว
10En Hij sprak tot hen: Wanneer gij een huis zijt binnengegaan. blijft dan daar, totdat gij weer afreist.
10พระองค์​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “เมื่อ​พวกคุณ​เข้า​ไป​พัก​ใน​บ้าน​ใด ก็​จง​อยู่​ที่​นั่น​จนกว่า​จะ​ออก​จาก​ที่​นั้น
11En waar men u niet ontvangt en niet naar u luistert, gaat daar vandaan, en schudt het stof van uw voeten, als een getuigenis tegen hen.
11ถ้า​ที่​ใด​ไม่​ต้อนรับ​หรือ​ไม่​ฟัง​พวกคุณ เมื่อ​ออก​จาก​ที่​นั่น จง​สลัด​ฝุ่น​ใต้​เท้า​ของ​พวกคุณ​ออก เพื่อ​เป็น​พยาน​กล่าวโทษ​พวกเขา เรา​บอก​ความจริง​แก่​พวกคุณ​ว่า ใน​วัน​พิพากษา โสโดม​และ​โกโมราห์​จะ​รับ​โทษ​เบา​กว่า​เมือง​นั้น!”
12Ze gingen heen, en preekten, dat men zich zou bekeren.
12พวกเขา​จึง​ออก​ไป​ประกาศ​ให้​ผู้คน​กลับใจ
13Ze dreven vele duivels uit, zalfden vele zieken met olie, en genazen ze.
13พวกเขา​ขับ​ปีศาจ​ออก​หลาย​ตน และ​เจิม​คน​ป่วย​จำนวน​มาก​ด้วย​น้ำมัน​และ​รักษา​พวกเขา
14Ook koning Herodes hoorde van Hem: want zijn naam werd beroemd. Men zeide: Johannes de Doper is van de doden opgestaan; daarom werken die krachten in Hem.
14กษัตริย์​เฮโรด​ได้ยิน​เรื่อง​นี้ เพราะ​ชื่อเสียง​ของ​พระเยซู​เป็น​ที่​รู้จัก​กัน​แล้ว เขา​กล่าว​ว่า “ยอห์น​ผู้​ทำ​พิธี​บัพติศมา​ฟื้นขึ้น​จาก​ความตาย​แล้ว เพราะ​เหตุ​นี้​พลัง​อัศจรรย์​เหล่านี้​จึง​ทำงาน​อยู่​ใน​ตัว​เขา”
15Anderen zeiden: Het is Elias. Anderen weer: Hij is een gewone profeet.
15แต่​คน​อื่น​พูด​ว่า “เขา​คือ​เอลียาห์” บาง​คน​พูด​ว่า “เขา​เป็น​ผู้เผยพระวจนะ หรือ​เป็น​เหมือน​ผู้เผยพระวจนะ​คน​หนึ่ง”
16Maar toen Herodes het hoorde, zeide hij: Het is Johannes, dien ik onthoofd heb; hij is verrezen.
16แต่​เมื่อ​เฮโรด​ได้ยิน เขา​กล่าว​ว่า “คน​นี้​คือ​ยอห์น​ที่​เรา​ตัด​ศีรษะ เขา​ฟื้นขึ้น​จาก​ความตาย​แล้ว”
17Herodes namelijk had Johannes laten grijpen, in boeien geslagen en in de gevangenis geworpen, naar aanleiding van Heródias, de vrouw van zijn broer Filippus, omdat hij haar had gehuwd.
17เพราะ​เฮโรด​เอง​ได้​ส่ง​คน​ไป​จับ​ยอห์น มัด​เขา​ไว้​ใน​คุก เพราะ​เรื่อง​เฮโรเดียส ภรรยา​ของ​ฟีลิป ผู้​เป็น​พี่น้อง​ของ​ตน ซึ่ง​เฮโรด​ได้​แต่งงาน​กับ​นาง
18Want Johannes had tot Herodes gezegd: Ge moogt de vrouw van uw broer niet hebben.
18เพราะ​ยอห์น​เคย​บอก​เฮโรด​ว่า “ท่าน​ไม่มี​สิทธิ์​เอา​ภรรยา​ของ​พี่น้อง​ของ​ท่าน​มา​เป็น​ภรรยา​ของ​ตน”
19Heródias was hem dus vijandig gezind, en wilde hem doden; maar het lukte haar niet.
19เฮโรเดียส​จึง​ผูกใจเจ็บ​ยอห์น และ​อยาก​ฆ่า​เขา แต่​ทำ​ไม่ได้
20Want Herodes had ontzag voor Johannes, daar hij wist, dat hij een rechtvaardig en heilig man was; en hij beschermde hem. Telkens wanneer hij hem hoorde, raakte hij in grote verlegenheid; toch luisterde hij gaarne naar hem.
20เพราะ​เฮโรด​เกรง​ยอห์น โดย​รู้​ว่า​เขา​เป็น​คน​ชอบธรรม​และ​บริสุทธิ์ จึง​คอย​ปกป้อง​เขา เมื่อ​ได้ยิน​ยอห์น เฮโรด​ก็​ทำ​หลาย​อย่าง และ​ชอบ​ฟัง​เขา
21Maar er kwam een gunstige dag, toen Herodes op zijn verjaringsfeest een maaltijd gaf aan zijn groten en legeroversten en de aanzienlijken van Galilea.
21แล้ว​โอกาส​ก็​มา​ถึง ใน​วันเกิด​ของ​เฮโรด เขา​จัด​งานเลี้ยง​ให้​ขุนนาง นายทหาร​ชั้นสูง และ​คนสำคัญ​ของ​แคว้น​กาลิลี
22Nu kwam de dochter van die Heródias binnen, en danste; en ze behaagde aan Herodes en aan de gasten. Toen sprak de koning tot het meisje: Vraag van mij wat ge wilt, en ik zal het u geven.
22เมื่อ​ลูกสาว​ของ​เฮโรเดียส​เอง​เข้า​มา​เต้นรำ นาง​ทำ​ให้​เฮโรด​และ​แขก​ที่​ร่วม​โต๊ะ​พอใจ กษัตริย์​จึง​กล่าว​กับ​หญิงสาว​ว่า “ขอ​สิ่ง​ใด​จาก​เรา​ก็​ได้ แล้ว​เรา​จะ​ให้​เจ้า”
23En hij zwoer haar: Wat ge ook vraagt, ik zal het u geven, al was het ook de helft van mijn rijk.
23เขา​สาบาน​กับ​นาง​ว่า “ไม่​ว่า​เจ้า​จะ​ขอ​อะไร เรา​จะ​ให้​เจ้า แม้​ถึง​ครึ่ง​อาณาจักร​ของ​เรา”
24Ze ging heen. en zei tot haar moeder: Wat zal ik vragen? Deze sprak: Het hoofd van Johannes den Doper.
24นาง​จึง​ออก​ไป​ถาม​มารดา​ว่า “ฉัน​ควร​ขอ​อะไร?” มารดา​ตอบ​ว่า “ศีรษะ​ของ​ยอห์น​ผู้​ทำ​พิธี​บัพติศมา”
25Aanstonds spoedde ze zich naar den koning, en eiste: Ik verlang, dat ge me op staande voet op een schotel het hoofd van Johannes den Doper geeft.
25นาง​รีบ​กลับ​เข้า​ไป​หา​กษัตริย์​ทันที และ​ขอ​ว่า “ฉัน​ต้องการ​ให้​ท่าน​เอา​ศีรษะ​ของ​ยอห์น​ผู้​ทำ​พิธี​บัพติศมา​ใส่​ถาด​มา​ให้​ฉัน​เดี๋ยวนี้”
26Wel had de koning er spijt van, maar om de eed en om de gasten wilde hij haar niet teleurstellen.
26กษัตริย์​เสียใจ​อย่าง​ยิ่ง แต่​เพราะ​คำ​สาบาน​ของ​ตน​และ​เพราะ​บรรดา​แขก​ร่วม​โต๊ะ เขา​จึง​ไม่​อยาก​ปฏิเสธ​นาง
27Onmiddellijk stuurde hij een der trawanten. en gaf bevel, het hoofd van Johannes te brengen. Deze ging heen, en onthoofdde hem in de gevangenis.
27กษัตริย์​ส่ง​ทหาร​องครักษ์​ไป​ทันที และ​สั่ง​ให้​นำ​ศีรษะ​ของ​ยอห์น​มา ทหาร​นั้น​จึง​ไป​ตัด​ศีรษะ​ยอห์น​ใน​คุก
28Hij bracht het hoofd op een schotel, en gaf het aan het meisje; en het meisje gaf het aan haar moeder.
28แล้ว​นำ​ศีรษะ​ของ​เขา​มา​บน​ถาด และ​มอบ​ให้​หญิงสาว หญิงสาว​ก็​นำ​ไป​ให้​มารดา
29Toen zijn leerlingen dit hadden gehoord, kwamen ze zijn lichaam halen, en legden het in een graf.
29เมื่อ​สาวก​ของ​ยอห์น​ได้ยิน​เรื่อง​นี้ พวกเขา​ก็​มา​รับ​ศพ​ของ​เขา​ไป​วาง​ไว้​ใน​อุโมงค์​ฝังศพ
30Toen de apostelen te zamen bij Jesus waren teruggekeerd, verhaalden ze Hem al wat ze hadden gedaan en geleerd.
30เหล่า​อัครทูต​กลับ​มา​รวม​กัน​อยู่​กับ​พระเยซู และ​เล่า​ทุกสิ่ง​ที่​พวกเขา​ได้​ทำ​และ​ได้​สอน​ให้​พระองค์​ฟัง
31En Hij zeide tot hen: Komt nu met Mij mee naar een eenzame plaats, en rust wat uit. Want velen liepen in en uit, zodat ze zelfs geen tijd hadden om te eten.
31พระองค์​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “มา​กับ​เรา ไป​ยัง​ที่​เปลี่ยว​ตามลำพัง และ​พัก​สัก​หน่อย” เพราะ​มี​คน​มา​และ​ไป​จำนวน​มาก จน​พวกเขา​ไม่​มี​เวลา​แม้แต่​จะ​กิน​อาหาร
32Geheel alleen vertrokken ze dus in de boot naar een eenzame plaats.
32พวกเขา​จึง​ลง​เรือ​ไป​ยัง​ที่​เปลี่ยว​ตามลำพัง
33Maar velen zagen hen vertrekken, en begrepen waarheen; uit alle steden liep men gezamenlijk te voet daar naar toe, en men was er nog eerder dan zij.
33คน​เหล่านั้น เห็น​พวกเขา​ออก​ไป และ​หลาย​คน​จำ​พระองค์​ได้ จึง​วิ่ง​ไป​ที่​นั่น​ทาง​บก​จาก​ทุก​เมือง พวกเขา​ไป​ถึง​ก่อน​และ​มา​รวม​กัน​รอ​พระองค์
34Toen Jesus uitsteeg, zag Hij dus een talrijke schare. Hij had medelijden met hen, daar ze als schapen zonder herder waren; en Hij begon ze velerlei dingen te leren.
34เมื่อ​พระเยซู​ขึ้น​จาก​เรือ พระองค์​เห็น​ฝูงชน​จำนวน​มาก และ​สงสาร​พวกเขา เพราะ​พวกเขา​เป็น​เหมือน​แกะ​ที่​ไม่​มี​ผู้เลี้ยง พระองค์​จึง​เริ่ม​สอน​พวกเขา​หลาย​เรื่อง
35Toen het reeds laat was geworden, kwamen zijn leerlingen naar Hem toe, en zeiden: Deze plaats is woest, en het is reeds laat geworden;
35เมื่อ​เวลา​ล่วง​ไป​มาก​แล้ว สาวก​ของ​พระองค์​มา​หา​และ​กล่าว​ว่า “ที่​นี่​เป็น​ที่​เปลี่ยว และ​เวลา​ก็​ล่วง​ไป​มาก​แล้ว
36stuur ze weg, dan kunnen ze naar de omliggende dorpen en gehuchten gaan, om zich levensmiddelen te kopen.
36ให้​พวกเขา​แยกย้าย​กัน​ไป​ตาม​ชนบท​และ​หมู่บ้าน​รอบ ๆ เพื่อ​ซื้อ​ขนมปัง​กิน เพราะ​พวกเขา​ไม่​มี​อะไร​กิน”
37Maar Hij gaf hun ten antwoord: Geeft gij hun te eten! Ze zeiden Hem: Zullen we dan voor tweehonderd tienlingen brood gaan kopen, en hun te eten geven?
37แต่​พระองค์​ตอบ​พวกเขา​ว่า “พวกคุณ​จง​หา​อะไร​ให้​พวกเขา​กิน” พวกเขา​ถาม​พระองค์​ว่า “จะ​ให้​พวกเรา​ไป​ซื้อ​ขนมปัง​ราคา​สองร้อย​เดนาริอุส แล้ว​เอา​มา​ให้​พวกเขา​กิน​หรือ?”
38Maar Hij sprak tot hen: Hoeveel broden hebt gij? Gaat eens zien. En na gedaan onderzoek zeiden ze: Vijf, en twee vissen.
38พระองค์​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “พวกคุณ​มี​ขนมปัง​กี่​ก้อน? ไป​ดู​สิ” เมื่อ​รู้​แล้ว พวกเขา​ตอบ​ว่า “ห้า​ก้อน กับ​ปลา​สอง​ตัว”
39Nu gebood Hij hun, ze allen in groepen neer te zetten op het groene gras.
39พระองค์​สั่ง​ให้​ทุกคน​นั่ง​เป็น​กลุ่ม ๆ บน​หญ้า​เขียว
40Ze gingen zitten in groepen van honderd en groepen van vijftig.
40พวกเขา​จึง​นั่ง​เป็น​กลุ่ม กลุ่ม​ละ​ร้อย​คน​บ้าง ห้าสิบ​คน​บ้าง
41Toen nam Hij de vijf broden en de twee vissen, zag op ten hemel, en sprak er de zegen over uit: Hij brak de broden en gaf ze aan zijn leerlingen, om ze hun aan te bieden: ook de twee vissen verdeelde Hij onder hen.
41พระองค์​หยิบ​ขนมปัง​ห้า​ก้อน​กับ​ปลา​สอง​ตัว เงยหน้า​มอง​ขึ้น​ไป​ยัง​สวรรค์ กล่าว​คำ​อวยพร แล้ว​หัก​ขนมปัง และ​ส่ง​ให้​สาวก​เอา​ไป​แจก​แก่​ฝูงชน ส่วน​ปลา​สอง​ตัว​นั้น พระองค์​ก็​แบ่ง​ให้​ทุกคน
42Allen aten en werden verzadigd.
42ทุกคน​กิน​จน​อิ่ม
43En ze verzamelden de brokken; twaalf korven vol, behalve nog het overschot van de vissen.
43พวกเขา​เก็บ​เศษ​ขนมปัง​และ​ปลา​ที่​เหลือ​ได้​เต็ม​สิบสอง​ตะกร้า
44Het waren vijf duizend mannen, die van de broden hadden gegeten.
44คน​ที่​กิน​ขนมปัง​มี ห้า​พัน​คน
45Onmiddellijk daarna dwong Hij zijn leerlingen om scheep te gaan, en vóór Hem uit naar Betsáida over te steken; intussen zond Hij de schare heen.
45ทันที​นั้น พระองค์​ให้​สาวก​ลง​เรือ และ​ไป​ยัง​อีก​ฝั่ง​หนึ่ง​ทาง​เบธไซดา​ก่อน ขณะ​ที่​พระองค์​เอง​ให้​ฝูงชน​แยกย้าย​กลับ​ไป
46En nadat Hij ze had weggezonden, ging Hij het gebergte in, om er te bidden.
46หลัง​จาก​กล่าวลา​พวกเขา​แล้ว พระองค์​ขึ้น​ไป​บน​ภูเขา​เพื่อ​อธิษฐาน
47Toen het nacht begon te worden, was de boot midden op het meer, en Hij was alleen op het land.
47เมื่อ​ถึง​เวลา​เย็น เรือ​อยู่​กลาง​ทะเล ส่วน​พระองค์​อยู่​บน​ฝั่ง​เพียง​ลำพัง
48Hij zag ze tobben, om vooruit te komen; want de wind was tegen. En tegen de vierde nachtwaak kwam Hij naar hen toe, wandelend op het meer; en Hij wilde ze voorbijgaan.
48พระองค์​เห็น​พวกเขา​ลำบาก​ใน​การ​พาย เพราะ​ลม​พัด​สวน​ทาง ประมาณ​ยาม​ที่​สี่​ของ​กลางคืน พระองค์​เดิน​บน​ทะเล​มา​หา​พวกเขา และ​ตั้งใจ​จะ​เดิน​ผ่าน​พวกเขา​ไป
49Toen ze Hem op het meer zagen wandelen, meenden ze, dat het een spook was, en ze gilden het uit;
49แต่​เมื่อ​พวกเขา​เห็น​พระองค์​เดิน​บน​ทะเล ก็​คิด​ว่า​เป็น​ผี และ​ร้อง​เสียง​ดัง
50want allen zagen Hem, en waren ontsteld. Aanstonds sprak Hij hen toe, en zeide hun: Weest gerust, Ik ben het; vreest niet!
50เพราะ​ทุกคน​เห็น​พระองค์​และ​ตกใจ แต่​พระองค์​พูด​กับ​พวกเขา​ทันที​ว่า “สบายใจ​ได้! เรา​เอง! อย่า​กลัว”
51Hij stapte bij hen in de boot, en de wind bedaarde. Nu raakten ze heel en al van streek;
51แล้ว​พระองค์​ขึ้น​เรือ​ไป​อยู่​กับ​พวกเขา ลม​ก็​สงบ พวกเขา​ประหลาดใจ​และ​ตกตะลึง​อย่าง​ยิ่ง
52want ze waren door de broden niet tot inzicht gekomen, maar hun hart was blind gebleven.
52เพราะ​พวกเขา​ยัง​ไม่​เข้าใจ​เรื่อง​ขนมปัง เนื่องจาก​ใจ​ของ​พวกเขา​แข็งกระด้าง
53Toen ze de overkant hadden bereikt, kwamen ze in het land Gennézaret; daar legden ze aan.
53เมื่อ​ข้าม​ไป​ถึง​อีก​ฝั่ง​แล้ว พวกเขา​ขึ้น​ฝั่ง​ที่​เกนเนซาเรต และ​เอา​เรือ​เทียบ​ฝั่ง
54Nauwelijks waren ze uit de boot gegaan, of men had Hem herkend.
54ทันที​ที่​พวกเขา​ขึ้น​จาก​เรือ ผู้คน​ก็​จำ​พระองค์​ได้
55En men liep die hele landstreek af; en als men hoorde, dat Hij ergens was, begon men de zieken op hun bedden daarheen te dragen.
55และ​วิ่ง​ไป​ทั่ว​บริเวณ​นั้น เริ่ม​หาม​คน​ป่วย​บน​เสื่อ​ไป​ยัง​ที่​ซึ่ง​พวกเขา​ได้ยิน​ว่า​พระองค์​อยู่
56Waar Hij ook kwam, in dorpen, steden of gehuchten, daar legden ze de zieken neer op de pleinen, en baden Hem, dat ze enkel de zoom van zijn kleed mochten aanraken. En allen, die Hem aanraakten, werden genezen.
56ไม่​ว่า​พระองค์​จะ​เข้า​ไป​ใน​หมู่บ้าน เมือง หรือ​ชนบท ผู้คน​ก็​วาง​คน​ป่วย​ไว้​ตาม​ตลาด และ​วิงวอน​ขอ​ให้​พวกเขา​ได้​แตะ​เพียง​ชายเสื้อ ของ​พระองค์ และ​ทุกคน​ที่​แตะ​พระองค์​ก็​หายดี

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.