Marcus
Chapter 14
Petrus Canisius Bible, 1…

Read in

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Brezhoneg (Breton Gospels, 1827)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Meriam Mir GospelsOld Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)
vs Freedom Bible (Thai)

Compare with

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Brezhoneg (Breton Gospels, 1827)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Meriam Mir GospelsOld Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)Stop comparing
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Twee dagen later was het Pasen, en het feest van de ongedesemde broden. En de opperpriesters en schriftgeleerden zochten naar een middel, om Hem met list gevangen te nemen, en te doden.
1อีก​สอง​วัน​จะ​ถึง​เทศกาล​ปัสกา​และ​เทศกาล​ขนมปัง​ไร้เชื้อ หัวหน้า​ปุโรหิต​และ​พวก​อาลักษณ์​หา​ทาง​จับ​พระองค์​ด้วย​อุบาย​และ​ฆ่า​เสีย
2Ze zeiden: Niet op het feest; er mocht eens oproer komen onder het volk.
2เพราะ​พวกเขา​พูด​ว่า “อย่า​ทำ​ใน​ช่วง​เทศกาล มิฉะนั้น​ประชาชน​อาจ​ก่อ​จลาจล”
3Terwijl Hij nu te Betánië was in het huis van Simon den melaatse, en aanlag aan tafel, kwam er een vrouw, die een albasten kruik vol echte, kostbare nardus droeg; ze brak de kruik stuk, en goot de nardus uit over zijn hoofd.
3ขณะ​ที่​พระองค์​อยู่​ที่​เบธานี ใน​บ้าน​ของ​ซีโมน​ผู้​เป็น​โรคเรื้อน และ​กำลัง​นั่ง​อยู่​ที่​โต๊ะอาหาร มี​หญิง​คน​หนึ่ง​ถือ​ขวด​อะลาบาสเตอร์​ที่​บรรจุ​น้ำมันหอม​จาก​นาร์ด​บริสุทธิ์​ราคา​แพง​มาก​เข้า​มา นาง​ทุบ​ขวด​แล้ว​เท​น้ำมันหอม​ลง​บน​ศีรษะ​ของ​พระองค์
4Sommigen werden er verontwaardigd over, en zeiden: Waarom die verkwisting met de balsem?
4แต่​บาง​คน​ไม่​พอใจ และ​พูด​กัน​ว่า “ทำไม​จึง​ทำ​ให้​น้ำมันหอม​นี้​สูญเปล่า?
5Want deze balsem had voor meer dan driehonderd tienlingen verkocht kunnen worden, en aan de armen worden gegeven. En ze waren boos op haar.
5เพราะ​น้ำมันหอม​นี้​ขาย​ได้​มาก​กว่า​สามร้อย​เดนาริอุส แล้ว​เอา​เงิน​ให้​คน​ยากจน​ก็​ได้” พวกเขา​จึง​บ่นว่า​นาง
6Maar Jesus sprak: Laat haar met rust! Waarom valt gij haar lastig? Ze heeft een goed werk aan Mij gedaan.
6แต่​พระเยซู​กล่าว​ว่า “ปล่อย​นาง​เถอะ ทำไม​พวกคุณ​จึง​รบกวน​นาง? นาง​ได้​ทำ​สิ่ง​ดี​แก่​เรา
7Want de armen hebt gij altijd bij u, en gij kunt hun goed doen, wanneer gij wilt; Mij niet.
7เพราะ​พวกคุณ​มี​คน​ยากจน​อยู่​กับ​พวกคุณ​เสมอ และ​เมื่อไร​ที่​พวกคุณ​ต้องการ ก็​ทำ​ดี​แก่​พวกเขา​ได้ แต่​พวกคุณ​จะ​ไม่​มี​เรา​อยู่​ด้วย​เสมอ
8Zij heeft gedaan, wat ze kon; ze heeft reeds vooruit mijn lichaam gebalsemd voor de begrafenis.
8นาง​ทำ​สิ่ง​ที่​ทำ​ได้ นาง​ชโลม​ร่างกาย​ของ​เรา​ไว้​ล่วงหน้า​เพื่อ​การ​ฝังศพ
9Voorwaar, Ik zeg u: Overal, in heel de wereld, waar dit evangelie wordt gepreekt, zal ook tot hare gedachtenis worden vermeld, wat ze gedaan heeft.
9เรา​บอก​ความจริง​แก่​พวกคุณ​ว่า ข่าวดี​นี้​จะ​ถูก​ประกาศ​ไป​ที่​ใด​ทั่ว​โลก สิ่ง​ที่​หญิง​คน​นี้​ทำ​ก็​จะ​ถูก​กล่าว​ถึง​ที่​นั่น เพื่อ​ระลึก​ถึง​นาง”
10Toen ging Judas Iskáriot, een van de twaalf, naar de opperpriesters, om Hem aan hen over te leveren.
10ยูดาส​อิสคาริโอท ซึ่ง​เป็น​หนึ่ง​ใน​สิบสอง​คน ไป​หา​หัวหน้า​ปุโรหิต เพื่อ​จะ​มอบ​พระองค์​ให้​พวกเขา
11Ze verheugden zich, toen ze dit hoorden, en beloofden hem, geld te geven. Hij zocht dus naar een gelegenheid, om Hem te verraden.
11เมื่อ​พวกเขา​ได้ยิน​เช่นนั้น ก็​ดีใจ และ​สัญญา​ว่า​จะ​ให้​เงิน​แก่​เขา เขา​จึง​หา​โอกาส​เหมาะ​ที่​จะ​มอบ​พระองค์
12Op de eerste dag der ongedesemde broden, waarop men het Pascha offerde, zeiden zijn leerlingen tot Hem: Waar wilt Gij, dat we U de toebereidselen gaan maken, om het paasmaal te eten?
12ใน​วัน​แรก​ของ​เทศกาล​ขนมปัง​ไร้เชื้อ เมื่อ​พวกเขา​ถวาย​เครื่องบูชา​ปัสกา สาวก​ถาม​พระองค์​ว่า “ท่าน​ต้องการ​ให้​พวกเรา​ไป​เตรียม​ปัสกา​ให้​ท่าน​รับประทาน​ที่​ไหน?”
13Hij zond dus twee van zijn leerlingen heen, en zei hun: Gaat naar de stad; daar zult gij een man tegenkomen, die een kruik water draagt; gaat hem achterna.
13พระองค์​ส่ง​สาวก​สอง​คน​ไป และ​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “จง​เข้า​ไป​ใน​เมือง แล้ว​จะ​มี​ชาย​คน​หนึ่ง​ถือ​เหยือก​น้ำ​มา​พบ​พวกคุณ จง​ตาม​เขา​ไป
14en zegt, waar hij binnengaat, tot den heer des huizes: De Meester zegt: waar is de zaal, waar Ik met mijn leerlingen het paasmaal kan houden?
14เขา​เข้า​ไป​ที่​ไหน ก็​ให้​บอก​เจ้าของบ้าน​ที่​นั่น​ว่า ‘อาจารย์​ถาม​ว่า “ห้อง​สำหรับ​แขก​อยู่​ที่​ไหน ที่​เรา​จะ​รับประทาน​ปัสกา​กับ​สาวก​ของ​เรา?”’
15En Hij zal u een grote opperzaal aanwijzen, goed gemeubeld en van alles voorzien; maakt daar alles voor ons gereed.
15เขา​จะ​พา​พวกคุณ​ไป​ดู​ห้อง​ใหญ่​ชั้นบน ซึ่ง​จัด​เครื่องเรือน​และ​เตรียม​พร้อม​แล้ว จง​เตรียม​ปัสกา​ให้​พวกเรา​ที่​นั่น”
16De leerlingen gingen heen, kwamen in de stad, en vonden het, zoals Hij hun had gezegd; en ze maakten het paasmaal gereed.
16สาวก​ออก​ไป​และ​เข้า​เมือง พบ​ทุกสิ่ง​ตาม​ที่​พระองค์​บอก แล้ว​พวกเขา​ก็​เตรียม​ปัสกา
17Tegen de avond kwam Hij met het twaalftal.
17เมื่อ​ถึง​เวลา​เย็น พระองค์​มา​พร้อม​กับ​สิบสอง​คน
18En terwijl ze aanlagen en aten, sprak Jesus: Voorwaar, Ik zeg u: één van u zal Mij verraden, een die met Mij eet.
18ขณะ​ที่​พวกเขา​นั่ง​รับประทาน​อาหาร​อยู่ พระเยซู​กล่าว​ว่า “เรา​บอก​ความจริง​แก่​พวกคุณ​ว่า คน​หนึ่ง​ใน​พวกคุณ​จะ​ทรยศ​เรา คือ​คน​ที่​กำลัง​กิน​อาหาร​กับ​เรา”
19Nu werden ze bedroefd, en vroegen Hem de een na den ander: Ben ik het?
19พวกเขา​เริ่ม​เศร้าใจ และ​ถาม​พระองค์​ทีละ​คน​ว่า “คง​ไม่​ใช่​ข้าพเจ้า​ใช่ไหม?” และ​อีก​คน​ก็​ถาม​ว่า “คง​ไม่​ใช่​ข้าพเจ้า​ใช่ไหม?”
20Hij sprak tot hen: Eén uit de twaalf, die met Mij in de schotel doopt.
20พระองค์​ตอบ​พวกเขา​ว่า “คือ​คน​หนึ่ง​ใน​สิบสอง​คน คน​ที่​จิ้ม​อาหาร​ใน​ชาม​เดียว​กับ​เรา
21De Mensenzoon gaat wel heen, zoals van Hem geschreven staat; maar wee dien mens, door wien de Mensenzoon verraden wordt. Het zou beter voor hem zijn, zo hij niet was geboren, die mens.
21เพราะ​บุตรมนุษย์​จะ​จาก​ไป​ตาม​ที่​มี​เขียน​ไว้​ถึง​เขา แต่​วิบัติ​แก่​คน​ที่​ทรยศ​บุตรมนุษย์! สำหรับ​คน​นั้น ถ้า​ไม่​ได้​เกิด​มา​ก็​ยัง​ดี​กว่า”
22Terwijl zij nu aten, nam Jesus brood, zegende het, brak het, gaf het hun, en zeide: Neemt, dit is mijn lichaam.
22ขณะ​ที่​พวกเขา​กำลัง​กิน​อยู่ พระเยซู​หยิบ​ขนมปัง กล่าว​คำ​อวยพร หัก​ขนมปัง​และ​ส่ง​ให้​พวกเขา แล้ว​กล่าว​ว่า “รับ​ไป​กิน นี่​คือ​กาย​ของ​เรา”
23Daarna nam Hij de kelk, sprak een dankgebed uit, en gaf hun de kelk; en zij dronken er allen uit.
23พระองค์​หยิบ​ถ้วย กล่าว​ขอบพระคุณ แล้ว​ส่ง​ให้​พวกเขา ทุกคน​ก็​ดื่ม​จาก​ถ้วย​นั้น
24En Hij zeide tot hen: Dit is mijn bloed van het Verbond, dat voor velen wordt vergoten.
24พระองค์​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “นี่​คือ​โลหิต​ของ​เรา คือ​โลหิต​แห่ง​พันธสัญญา​ใหม่ ซึ่ง​หลั่ง​ออก​เพื่อ​คน​จำนวน​มาก
25Voorwaar, Ik zeg u: Ik zal de vrucht van de wijnstok niet meer drinken tot op de dag, waarop Ik ze hernieuwd zal drinken in het koninkrijk Gods.
25เรา​บอก​ความจริง​แก่​พวกคุณ​ว่า เรา​จะ​ไม่​ดื่ม​จาก​ผล​ของ​เถาองุ่น​อีก จน​ถึง​วัน​ที่​เรา​จะ​ดื่ม​ใหม่​ใน​อาณาจักร​ของ​พระเจ้า”
26En nadat zij de lofzang hadden gezongen, gingen zij naar de Olijfberg.
26เมื่อ​พวกเขา​ร้อง​เพลงสรรเสริญ​แล้ว ก็​ออก​ไป​ยัง​ภูเขา​มะกอกเทศ
27Toen sprak Jesus tot hen: Deze nacht zult gij allen aan Mij worden geërgerd. Want er staat geschreven: “Ik zal den herder slaan. en de schapen zullen worden verstrooid.”
27พระเยซู​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “พวกคุณ​ทุกคน​จะ​สะดุดล้ม​เพราะ​เรา​ใน​คืนนี้ เพราะ​มี​เขียน​ไว้​ว่า ‘เรา​จะ​ตี​ผู้เลี้ยงแกะ และ​แกะ​จะ​กระจัดกระจาย​ไป’
28Maar wanneer Ik verrezen zal zijn, zal Ik u voorgaan naar Galilea.
28แต่​หลัง​จาก​เรา​ฟื้นขึ้น​จาก​ความตาย​แล้ว เรา​จะ​ไป​ยัง​กาลิลี​ก่อน​พวกคุณ”
29Petrus zei Hem: Al werden ook allen aan U geërgerd, ik niet.
29แต่​เปโตร​กล่าว​กับ​พระองค์​ว่า “แม้​ทุกคน​จะ​สะดุดล้ม แต่​ข้าพเจ้า​จะ​ไม่​สะดุดล้ม”
30Jesus sprak tot hem: Voorwaar, Ik zeg u: Heden nog in deze nacht, eer de haan twee maal gekraaid heeft, zult ge Mij driemaal verloochenen.
30พระเยซู​กล่าว​กับ​เขา​ว่า “เรา​บอก​ความจริง​แก่​ท่าน​ว่า ใน​วันนี้ คืนนี้​เอง ก่อน​ไก่​ขัน​สอง​ครั้ง ท่าน​จะ​ปฏิเสธ​เรา​สาม​ครั้ง”
31Maar nog krachtiger zeide hij: Al moest ik zelfs met U sterven, verloochenen zal ik U niet. Zo spraken ook allen.
31แต่​เขา​ยืนยัน​หนักแน่น​ยิ่ง​ขึ้น​ว่า “แม้​ข้าพเจ้า​จะ​ต้อง​ตาย​กับ​ท่าน ข้าพเจ้า​ก็​จะ​ไม่​ปฏิเสธ​ท่าน” ทุกคน​ก็​พูด​เช่นเดียวกัน
32Toen kwamen zij aan een landgoed, Getsémani genaamd. Nu zei Hij tot zijn leerlingen: Zet u hier neer, terwijl Ik ga bidden.
32พวกเขา​มา​ถึง​สถานที่​แห่ง​หนึ่ง​ชื่อ​เกทเสมนี พระองค์​กล่าว​กับ​สาวก​ว่า “นั่ง​อยู่​ที่​นี่ ขณะ​ที่​เรา​อธิษฐาน”
33Hij nam Petrus, Jakobus en Johannes met Zich mee, en begon ontroerd en angstig te worden.
33พระองค์​พา​เปโตร ยากอบ และ​ยอห์น​ไป​ด้วย แล้ว​เริ่ม​ทุกข์ใจ​และ​หนักใจ​อย่าง​ยิ่ง
34En Hij sprak tot hen: Mijn ziel is dodelijk bedroefd: blijft hier en waakt.
34พระองค์​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “จิตใจ​ของ​เรา​เศร้า​อย่าง​ยิ่ง จน​แทบ​จะ​ตาย จง​อยู่​ที่​นี่​และ​เฝ้าระวัง”
35Hij ging nog een weinig verder, viel neer ter aarde, en bad, dat dit uur, zo het mogelijk was, Hem mocht voorbijgaan.
35พระองค์​เดิน​ต่อ​ไป​อีก​เล็กน้อย ล้ม​ลง​กับ​พื้น และ​อธิษฐาน​ว่า ถ้า​เป็นไปได้ ขอ​ให้​เวลา​นั้น​ผ่าน​พ้น​ไป​จาก​พระองค์
36Hij sprak: Abba, Vader; alles is mogelijk bij U; neem deze kelk van Mij weg. Maar niet wat Ik wil, maar wat Gij wilt.
36พระองค์​กล่าว​ว่า “อับบา พระบิดา ทุกสิ่ง​เป็นไปได้​สำหรับ​พระองค์ โปรด​เอา​ถ้วย​นี้​ไป​จาก​เรา แต่​อย่า​ให้​เป็น​ตาม​ที่​เรา​ต้องการ ให้​เป็น​ตาม​ที่​พระองค์​ต้องการ”
37Nu ging Hij terug, en vond hen in slaap. Hij sprak tot Petrus: Simon, slaapt ge? Kunt ge dan niet één uur waken?
37พระองค์​กลับ​มา และ​พบ​พวกเขา​กำลัง​หลับ จึง​กล่าว​กับ​เปโตร​ว่า “ซีโมน ท่าน​หลับ​อยู่​หรือ? ท่าน​เฝ้าระวัง​สัก​หนึ่ง​ชั่วโมง​ไม่​ได้​หรือ?
38Waakt en bidt, opdat gij niet in bekoring komt. De geest is gewillig, maar het vlees is zwak.
38จง​เฝ้าระวัง​และ​อธิษฐาน เพื่อ​จะ​ไม่​เข้า​สู่​การ​ทดลอง จิตวิญญาณ​เต็มใจ​ก็​จริง แต่​ร่างกาย​อ่อนแอ”
39En weer ging Hij heen, en bad met dezelfde woorden.
39พระองค์​จาก​ไป​อีกครั้ง และ​อธิษฐาน โดย​กล่าว​คำ​เดิม
40Hij keerde terug, en vond hen opnieuw in slaap; want hun ogen vielen toe. Ze wisten niet, wat ze Hem zouden antwoorden.
40เมื่อ​พระองค์​กลับ​มา​อีก ก็​พบ​พวกเขา​กำลัง​หลับ เพราะ​ตา​ของ​พวกเขา​หนัก​มาก และ​ไม่​รู้​ว่า​จะ​ตอบ​พระองค์​อย่างไร
41Toen kwam Hij voor de derde maal, en sprak tot hen: Slaapt nu voort, en rust uit. Het is beslist. Het uur is gekomen: ziet, de Mensenzoon wordt overgeleverd in de handen der zondaars.
41พระองค์​มา​ครั้ง​ที่​สาม และ​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “ตอนนี้​พวกคุณ​นอน​ต่อ​และ​พัก​เถอะ พอแล้ว เวลา​นั้น​มา​ถึง​แล้ว ดูสิ บุตรมนุษย์​กำลัง​ถูก​ทรยศ และ​ถูก​มอบ​ไว้​ใน​มือ​ของ​คนบาป
42Staat op, laat ons gaan; ziet, die Mij verraadt is nabij.
42ลุก​ขึ้น! ไป​กัน​เถอะ ดูสิ คน​ที่​ทรยศ​เรา​มา​ใกล้​แล้ว”
43En terwijl Hij nog sprak, kwam Judas, een van de twaalf, vergezeld van een bende met zwaarden en stokken, uitgezonden door de opperpriesters, schriftgeleerden en oudsten.
43ทันที​นั้น ขณะ​ที่​พระองค์​ยัง​พูด​อยู่ ยูดาส หนึ่ง​ใน​สิบสอง​คน ก็​มา​ถึง พร้อม​กับ​ฝูงชน​ที่​ถือ​ดาบ​และ​ไม้ตะบอง ซึ่ง​หัวหน้า​ปุโรหิต พวก​อาลักษณ์ และ​พวก​ผู้อาวุโส​ส่ง​มา
44De verrader had hun een teken gegeven, en gezegd: Dien Ik zal kussen. Hij is het; grijpt Hem vast, en leidt Hem weg onder strenge bewaking.
44คน​ที่​ทรยศ​พระองค์​ได้​ให้​สัญญาณ​แก่​พวกเขา​ไว้​ว่า “เรา​จูบ​ใคร คน​นั้น​แหละ จง​จับ​เขา และ​คุม​ตัว​เขา​ไป​อย่าง​แน่นหนา”
45Hij kwam dus, liep terstond op Hem toe, en zeide: Rabbi. En hij kuste Hem.
45เมื่อ​ยูดาส​มา​ถึง เขา​ก็​ตรง​เข้า​ไป​หา​พระองค์​ทันที และ​กล่าว​ว่า “รับบี! รับบี!” แล้ว​จูบ​พระองค์
46Toen sloegen ze de hand aan Hem, en grepen Hem vast.
46พวกเขา​เข้า​จับ​พระองค์​และ​คุม​ตัว​ไว้
47Maar een der aanwezigen trok het zwaard, trof den knecht van den hogepriester, en sloeg hem het oor af.
47คน​หนึ่ง​ใน​บรรดา​ผู้​ที่​ยืน​อยู่​ใกล้ ๆ ชัก​ดาบ​ออก ฟัน​คนรับใช้​ของ​มหาปุโรหิต และ​ตัด​หู​ของ​เขา​ขาด
48Nu nam Jesus het woord, en sprak tot hen: Gij zijt uitgetrokken als tegen een rover, met zwaarden en stokken, om Mij gevangen te nemen.
48พระเยซู​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “พวกคุณ​ออก​มา​พร้อม​ดาบ​และ​ไม้ตะบอง​เพื่อ​จับ​เรา เหมือน​มา​จับ​โจร​หรือ?
49Dag aan dag leerde Ik bij u in de tempel, en gij hebt Mij niet gegrepen. Maar zo moeten de Schriften worden vervuld.
49เรา​อยู่​กับ​พวกคุณ​ทุกวัน สอน​อยู่​ใน​พระวิหาร และ​พวกคุณ​ไม่​ได้​จับ​เรา แต่​เรื่อง​นี้​เกิด​ขึ้น​เพื่อ​ให้​พระคัมภีร์​สำเร็จ”
50Toen verlieten Hem allen, en namen de vlucht.
50ทุกคน​ละ​ทิ้ง​พระองค์​และ​หนี​ไป
51Maar een jonge man, met slechts een nachtkleed om het lijf, ging Hem achterna. Ze grepen hem vast;
51มี​ชายหนุ่ม​คน​หนึ่ง​ติดตาม​พระองค์ เขา​มี​เพียง​ผ้าลินิน​คลุม​กาย​เปลือย​อยู่ พวก​ชายหนุ่ม​จับ​เขา
52maar hij liet het nachtkleed in de steek, en vluchtte weg, ongekleed.
52แต่​เขา​ทิ้ง​ผ้าลินิน​ไว้ และ​หนี​จาก​พวกเขา​ไป​ทั้ง​เปลือย
53Ze brachten Jesus bij den hogepriester; en alle opperpriesters, oudsten en schriftgeleerden kwamen bijeen.
53พวกเขา​นำ​พระเยซู​ไป​หา​มหาปุโรหิต หัวหน้า​ปุโรหิต พวก​ผู้อาวุโส และ​พวก​อาลักษณ์​ทั้งหมด​มา​รวม​กัน​ที่​นั่น
54Petrus volgde Hem van verre tot in de voorhof van den hogepriester; hij zette zich bij de dienstknechten neer, om zich bij het vuur te warmen.
54เปโตร​ติดตาม​พระองค์​ไป​ห่าง ๆ จน​เข้า​ไป​ถึง​ลาน​ของ​มหาปุโรหิต เขา​นั่ง​อยู่​กับ​พวก​เจ้าหน้าที่ และ​ผิง​ไฟ​ให้​อบอุ่น
55De opperpriesters en heel de Hoge Raad zochten nu naar een aanklacht tegen Jesus, om Hem ter dood te brengen. Maar ze vonden niets.
55หัวหน้า​ปุโรหิต​และ​สมาชิก​สภา​ทั้งหมด​หา​พยาน​ที่​จะ​กล่าวหา​พระเยซู เพื่อ​จะ​ประหาร​พระองค์ แต่​หา​ไม่​ได้
56Wel brachten velen valse beschuldigingen tegen Hem in, maar de getuigenissen stemden niet overeen.
56เพราะ​มี​หลาย​คน​เป็น​พยานเท็จ​กล่าวหา​พระองค์ แต่​คำให้การ​ของ​พวกเขา​ไม่​ตรง​กัน
57Toen traden er enigen naar voren, die vals tegen Hem getuigden, en zeiden:
57บาง​คน​ลุก​ขึ้น​เป็น​พยานเท็จ​กล่าวหา​พระองค์​ว่า
58We hebben Hem horen zeggen: Ik zal deze tempel afbreken, die door mensenhanden is gemaakt, en in drie dagen een andere bouwen, die niet door mensenhanden gemaakt is.
58“พวกเรา​ได้ยิน​เขา​พูด​ว่า ‘เรา​จะ​ทำลาย​พระวิหาร​นี้​ที่​สร้าง​ด้วย​มือ และ​ภายใน​สาม​วัน เรา​จะ​สร้าง​อีก​หลัง​หนึ่ง​ที่​ไม่​ได้​สร้าง​ด้วย​มือ’”
59Maar ook hier stemde hun getuigenis niet overeen.
59ถึง​อย่างนั้น คำให้การ​ของ​พวกเขา​ก็​ยัง​ไม่​ตรง​กัน
60Toen stond de hogepriester op in de kring, en ondervroeg Jesus, aldus: Antwoordt Gij niets? Wat getuigen dezen tegen U?
60มหาปุโรหิต​ยืน​ขึ้น​กลาง​ที่​ประชุม และ​ถาม​พระเยซู​ว่า “ท่าน​ไม่​ตอบ​อะไร​เลย​หรือ? คน​เหล่านี้​เป็น​พยาน​กล่าวหา​ท่าน​เรื่อง​อะไร?”
61Maar Hij zweeg, en antwoordde niets. Opnieuw vroeg Hem de hogepriester, en zei Hem: Zijt Gij de Christus, de Zoon van den Gezegende?
61แต่​พระองค์​นิ่ง​เงียบ และ​ไม่​ตอบ​อะไร มหาปุโรหิต​ถาม​พระองค์​อีก​ว่า “ท่าน​คือ​พระคริสต์ พระบุตร​ของ​องค์ผู้​เป็น​ที่​สรรเสริญ​หรือ?”
62Jesus sprak: Ik ben het! Gij zult den Mensenzoon gezeten zien aan de rechterhand der Majesteit, en Hem zien komen op de wolken des hemels.
62พระเยซู​กล่าว​ว่า “เรา​เป็น และ​พวกคุณ​จะ​เห็น​บุตรมนุษย์​นั่ง​ทาง​ขวา​ของ​องค์ผู้ทรงฤทธิ์ และ​มา​พร้อม​กับ​หมู่​เมฆ​บน​ฟ้า”
63Toen scheurde de hogepriester zijn klederen, en zeide: Wat hebben we nog getuigen nodig?
63มหาปุโรหิต​ฉีก​เสื้อผ้า​ของ​ตน และ​กล่าว​ว่า “พวกเรา​ยัง​ต้องการ​พยาน​อะไร​อีก?
64Gij hebt de godslastering gehoord. Wat dunkt u? En allen spraken het vonnis uit, dat Hij des doods schuldig was.
64พวกคุณ​ได้ยิน​คำ​หมิ่นประมาท​พระเจ้า​แล้ว! พวกคุณ​คิด​อย่างไร?” ทุกคน​ตัดสิน​ว่า​พระองค์​สมควร​ตาย
65Toen begonnen sommigen Hem te bespuwen, zijn gelaat te bedekken en Hem kaakslagen te geven, en dan tot Hem te zeggen: Profeteer! Ook de dienstknechten sloegen Hem in het gelaat.
65บาง​คน​เริ่ม​ถ่มน้ำลาย​ใส่​พระองค์ ปิด​หน้า​พระองค์ และ​ชก​พระองค์ พร้อม​กับ​พูด​ว่า “พยากรณ์​สิ!” พวก​เจ้าหน้าที่​ก็​ตบ​พระองค์​ด้วย​ฝ่ามือ
66Terwijl Petrus zich dus beneden in de voorhof bevond, kwam daar een der dienstmeisjes van den hogepriester;
66ขณะ​ที่​เปโตร​อยู่​ใน​ลาน​ด้านล่าง สาวใช้​คน​หนึ่ง​ของ​มหาปุโรหิต​เดิน​มา
67en toen ze Petrus zich zag warmen, keek ze hem aan, en sprak: Ook gij waart bij Jesus van Názaret.
67เมื่อ​เห็น​เปโตร​กำลัง​ผิง​ไฟ นาง​มอง​เขา​และ​กล่าว​ว่า “ท่าน​ก็​อยู่​กับ​เยซู​ชาวนาซาเร็ธ​ด้วย!”
68Doch hij loochende het en sprak: Ik weet niet, ik begrijp niet, wat ge zegt. Hij ging weg naar de voorhal; en er kraaide een haan.
68แต่​เขา​ปฏิเสธ​ว่า “ข้าพเจ้า​ไม่​รู้​และ​ไม่​เข้าใจ​ว่า​ท่าน​พูด​เรื่อง​อะไร” แล้ว​เขา​ออก​ไป​ที่​เฉลียง และ​ไก่​ก็​ขัน
69Maar het dienstmeisje, dat hem had opgemerkt, begon nu weer tot de omstanders te zeggen: Hij is er een van.
69สาวใช้​เห็น​เขา และ​เริ่ม​บอก​คน​ที่​ยืน​อยู่​ที่​นั่น​อีก​ว่า “คน​นี้​เป็น​คน​หนึ่ง​ใน​พวกเขา”
70Maar hij loochende het opnieuw. Kort daarop zeiden ook de omstanders op hun beurt tot Petrus: Zeker, ook gij zijt er een van, want ge zijt een Galileër.
70แต่​เขา​ปฏิเสธ​อีก หลัง​จาก​นั้น​ไม่​นาน คน​ที่​ยืน​อยู่​ใกล้ ๆ กล่าว​กับ​เปโตร​อีก​ว่า “ท่าน​เป็น​คน​หนึ่ง​ใน​พวกเขา​แน่ เพราะ​ท่าน​เป็น​ชาวกาลิลี และ​สำเนียง​ของ​ท่าน​ก็​บอก​เช่นนั้น”
71Nu begon hij te vloeken en te zweren: Ik ken den mens niet, van wien gij spreekt.
71แต่​เขา​เริ่ม​สาปแช่ง​และ​สาบาน​ว่า “ข้าพเจ้า​ไม่​รู้จัก​ชาย​คน​นี้​ที่​พวกคุณ​พูด​ถึง!”
72En aanstonds kraaide een haan voor de tweede maal. Toen dacht Petrus aan het woord, dat Jesus tot hem gesproken had: Eer de haan tweemaal gekraaid heeft, zult ge Mij driemaal verloochenen. En hij barstte in tranen los.
72ไก่​ขัน​เป็น​ครั้ง​ที่​สอง เปโตร​นึก​ถึง​คำ​ที่​พระเยซู​กล่าว​กับ​เขา​ว่า “ก่อน​ไก่​ขัน​สอง​ครั้ง ท่าน​จะ​ปฏิเสธ​เรา​สาม​ครั้ง” เมื่อ​คิด​ถึง​เรื่อง​นั้น เขา​ก็​ร้องไห้

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.