レビ記 10
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Translation
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1アロンの子ナダブとアビフは、それぞれ香炉を取り、火を入れ、その上に香を置き、主が命じられなかった火を主の前にささげた。
1Nadab en Abihoe, zonen van Aäron, namen beiden hun wierookvat, deden daar vuur in, en legden er wierook op. Maar zij offerden voor Jahweh’s aanschijn onwettig vuur, tegen zijn voorschriften in.
2すると、主の前から火が出て彼らを焼き尽くし、彼らは主の前で死んだ。
2Toen schoot er vuur uit het aanschijn van Jahweh, dat hen verteerde; zo stierven zij voor het aanschijn van Jahweh.
3そこでモーセはアロンに言った。「主が語られたのはこのことである。 『わたしに近づく者たちの間で、わたしは聖なる者とされ、 すべての民の前で、わたしは栄光を現す。』」 アロンは黙っていた。
3Toen zei Moses tot Aäron: Zo spreekt Jahweh! Door wie Mij naderen, wil Ik als heilig worden erkend, En ten aanschouwen van heel het volk wil Ik worden geëerd. Terwijl Aäron stom bleef van schrik,
4モーセはアロンの叔父ウジエルの子ら、ミシャエルとエルツァファンを呼び寄せ、彼らに言った。「近づきなさい。そしてあなたがたの兄弟たちを聖所の前から宿営の外へ運び出しなさい。」
4riep Moses Misjaël en Elsafan, de zonen van Oezziël, den oom van Aäron, en beval hun: Komt hier, en draagt uw broeders het heiligdom uit en buiten de legerplaats.
5彼らは近づき、モーセが言ったように、長服を着せたまま彼らを宿営の外へ運び出した。
5Zij traden toe, om hen in hun tunieken buiten de legerplaats te brengen, zoals Moses gezegd had.
6モーセはアロンと、その子エルアザル、イタマルに言った。「頭髪を乱してはならず、衣を引き裂いてはならない。あなたがたが死なず、また主の怒りが全会衆に及ばないためである。しかし、あなたがたの兄弟であるイスラエルの全家は、主が燃え上がらせたこの火を嘆き悲しむがよい。
6Tot Aäron en zijn zonen Elazar en Itamar zei Moses: Bindt uw haren niet los en scheurt uw klederen niet; anders sterft gij, en barst zijn toorn los tegen heel de gemeenschap. Uw broeders, het hele huis van Israël, mogen de brand bewenen, die Jahweh ontstak;
7あなたがたが死なないために、会見の天幕の入り口から出てはならない。主の注ぎ油があなたがたの上にあるからである。」彼らはモーセの言葉の通りにした。
7maar gij moogt op straffe des doods u niet van de ingang van de openbaringstent verwijderen; want nog rust de zalfolie van Jahweh op u. En zij deden, wat Moses beval.
8そして主はアロンに言われた。
8Jahweh sprak tot Aäron:
9「あなたも、あなたの子らも、会見の天幕に入るときには、ぶどう酒や強い酒を飲んではならない。死なないためである。これは代々にわたる永遠の掟である。
9Gij noch uw zonen, moogt wijn drinken of sterke drank, wanneer ge de openbaringstent binnen moet gaan: anders sterft ge. Dit is een altijd geldende wet voor uw nageslacht.
10あなたがたは聖なるものと俗なるもの、汚れたものと清いものを区別する。
10Zo moet ge onderscheid maken tussen het heilige en het profane, het onreine en het reine,
11また、あなたがたは、主がモーセを通してイスラエルの子らに語られたすべての掟を、彼らに教える。」
11om de Israëlieten alle wetten te leren, die Jahweh door Moses heeft afgekondigd.
12モーセはアロンと、残された子であるエルアザルとイタマルに言った。「主への火によるささげ物のうち、残っている穀物のささげ物を取り、祭壇のそばでパン種を入れずに食べなさい。それは最も聖なるものだからである。
12En Moses sprak tot Aäron en zijn nog levende zonen Elazar en Itamar: Neemt het spijsoffer, dat van Jahweh’s vuuroffers is overgebleven, en eet het ongedesemd naast het altaar; want het is hoogheilig.
13あなたがたはそれを聖なる場所で食べる。それは主への火によるささげ物の中からの、あなたとあなたの子らの分だからである。私はそのように命じられている。
13Ge moet het op een heilige plaats eten; want het is het deel van Jahweh’s vuuroffers, dat u en uw zonen is toegestaan. Zo is het mij bevolen.
14また揺り動かされた胸と持ち上げられたももは、清い場所で食べる。あなたと、あなたと共にいる息子たちと娘たちも食べることができる。これらは、イスラエルの子らの和解のいけにえから、あなたとあなたの子らの分として与えられているからである。
14Maar het borststuk van het strekoffer en de schenkel van het hefoffer moogt ge met uw zonen en dochters op iedere reine plaats nuttigen; want dit is het deel, dat de kinderen Israëls voor u en uw zonen van hun vredeoffers moeten afstaan.
15彼らは、火によるささげ物である脂肪とともに、持ち上げられたももと揺り動かされた胸を持って来て、主の前で揺り動かすささげ物として揺り動かす。主が命じられた通り、それはあなたとあなたの子らの永遠の分となる。」
15Ze moeten dus de schenkel van het hefoffer en het borststuk van het strekoffer tegelijk met de vette stukken van de vuuroffers brengen, om ze als een strekoffer voor het aanschijn van Jahweh aan te bieden. Dit is het deel, dat u en uw zonen voor altijd toekomt, zoals Jahweh het bevolen heeft.
16モーセは贖罪のささげ物の山羊について念入りに尋ねたが、それはすでに焼かれていた。彼はアロンの残された子エルアザルとイタマルに怒って言った。
16Toen Moses een onderzoek instelde naar den bok van het zondeoffer, en het bleek, dat deze verbrand was, werd hij vertoornd op Elazar en Itamar, de nog levende zonen van Aäron, en zeide:
17「なぜあなたがたは聖所の場所で、贖罪のささげ物を食べなかったのか。それは最も聖なるものであり、会衆の咎を負うため、また主の前で彼らのために贖いを行うために、あなたがたに与えられたものではないか。
17Waarom hebt ge het zondeoffer niet op een heilige plaats genuttigd; want het is hoogheilig, en Hij heeft het u gegeven, om de gemeenschap van haar schuld te ontslaan en verzoening voor hen te verkrijgen voor het aanschijn van Jahweh.
18その血は聖所の内側に持ち込まれなかった。私が命じた通りに、あなたがたは必ずそれを聖所で食べるべきであった。」
18Ziet het bloed is niet binnen het heiligdom gebracht; daarom hadt ge het op een heilige plaats moeten opeten, zoals ik het bevolen heb.
19アロンはモーセに言った。「今日、彼らは主の前に贖罪のささげ物と全焼のささげ物をささげた。しかし、このようなことが私の身に起こった。もし今日、私が贖罪のささげ物を食べていたなら、主の目にかなっただろうか。」
19Aäron gaf Moses ten antwoord: Zie, ze hebben vandaag hun zonde(-) en brandoffers voor Jahweh gebracht, terwijl ik zo zwaar getroffen ben. Als ik heden van een zondeoffer had gegeten, zou dat Jahweh wel hebben behaagd?
20モーセはそれを聞いて、それをよしとした。
20Toen Moses dit hoorde, was hij tevreden gesteld.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.