Екклезіаста 11
Kulish and Puluj Bible (1905)Translation
Kulish and Puluj Bible (1905)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Пускай твій хлїб на пливучу воду, бо по довгому часї знайдеш його.
1Werp uw brood op het water; Want op de lange duur vindt ge het terug.
2Роздїлюй частї милостинї між семеро чи й восьмеро, бо не знаєш, яка біда складеться тобі на землї.
2Deel uw vermogen in zeven of acht delen; Want gij weet niet, welke rampen u op de wereld nog wachten.
3Як у хмарах повно води, вони лити муть дощ на землю, й як дерево впаде, чи то ʼк полудню, чи то ʼк півночі, воно там і лежати ме, де впало.
3Als de wolken vol zijn, Storten zij regen op aarde; En als een boom valt, naar het zuiden of noorden, Blijft hij liggen op de plaats, waar hij valt.
4Хто позирає на вітер, тому не сїяти, а хто дивиться на хмари, той не жати ме.
4Wie maar steeds op de wind let, Begint nooit te zaaien; En wie voortdurend naar de lucht kijkt, Zal nimmer maaien.
5Так само, як не знаєш вітрової дороги, та як то в утробі в вагітної утворюються кісточки, так не знаєш і творів Божих, а він творить усе.
5Evenmin als ge weet, hoe er leven komt In het gebeente in de moederschoot, Evenmin kunt ge de werken kennen van God, Die alles tot stand brengt.
6З ранку сїй насїннє твоє й не давай увечері спочивати руцї твоїй, бо не знаєш, чи се, чи те буде удатнїйше, або чи те, чи се однаково добре буде.
6Begin ‘s morgens al met zaaien, En gun geen rust aan uw hand tot de avond. Want ge weet niet, of het een of het ander zal slagen; Misschien ook vallen beide goed uit.
7О, любий сьвіт і весело оку, дивитись на сонце!
7Maar het licht is aangenaam, En het doet de ogen goed, de zon te zien.
8Коли чоловік проживе й многі лїта, нехай по всяк день тим веселиться; та нехай тямить на днї темні, що їх буде много, хоч і все, що постане, — марнота.
8Laat dus de mens zich altijd verheugen, Hoe lang hij ook leeft; Hij bedenke, dat de dagen der duisternis Nog talrijk genoeg zullen zijn. Alles, wat komt, is ijdel.
9Веселися ж, молодику, в молодощах твоїх, попускай серцю твому заживати радощів часу молодощів твоїх, ходи собі за нахилом серця твого й за бажаннями очей твоїх; тільки знай, що за все це Бог тебе на суд поставить.
9Geniet dus, jongeling, van uw jeugd, Uw hart zij vrolijk in uw jonge jaren; Volg de lusten van uw hart En de begeerten van uw ogen. Maar bedenk daarbij, dat over dit alles God u eens verantwoording vraagt.
10Проганяй тугу з твого серця й відпихай зло від тїла твого та тям собі, що вік дитинячий і молодощі — марнота!
10Drijf de zorg uit uw hart, houd het leed van uw lijf; Want vluchtig is de jeugd als de morgenstond.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.