Jeremia 18
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Het woord, dat Jahweh tot Jeremias richtte!
1คำจากพระยาห์เวห์มาถึงเยเรมีย์ว่า
2Sta op, en ga naar het huis van den pottenbakker beneden; daar zal Ik u mijn opdracht doen horen.
2“ลุกขึ้น ลงไปที่บ้านช่างปั้นหม้อ ที่นั่นเราจะให้เจ้าได้ยินถ้อยคำของเรา”
3Ik ging naar beneden naar het huis van den pottenbakker. Deze was juist bezig, een pot te draaien op de dubbele schijf.
3ข้าพเจ้าจึงลงไปที่บ้านช่างปั้นหม้อ เห็นเขากำลังทำงานบนแป้นหมุน
4Maar de pot, die de pottenbakker uit leem wilde maken, mislukte onder zijn hand; toen begon de pottenbakker opnieuw en maakte er een andere pot van, juist als hij wilde.
4เมื่อภาชนะที่เขาปั้นจากดินเสียรูปอยู่ในมือช่างปั้นหม้อ เขาก็ปั้นใหม่เป็นภาชนะอีกใบตามที่ตนเห็นดี
5Nu werd het woord van Jahweh tot mij gericht:
5คำจากพระยาห์เวห์มาถึงข้าพเจ้าว่า
6Zou Ik niet als deze pottenbakker met u kunnen handelen, huis van Israël, spreekt Jahweh? Waarachtig, als leem in de hand van den pottenbakker zijt gij in mijn handen, huis van Israël!
6“ชนอิสราเอล เราทำกับพวกเจ้าเหมือนช่างปั้นหม้อคนนี้ไม่ได้หรือ?” พระยาห์เวห์กล่าว “ดูเถิด ชนอิสราเอล พวกเจ้าอยู่ในมือเราเหมือนดินในมือช่างปั้นหม้อ
7Het éne ogenblik besluit Ik, een volk en een rijk uit te roeien, omver te werpen en te vernielen;
7เมื่อใดเราประกาศถึงชนชาติหรืออาณาจักรหนึ่งว่าจะถอนราก รื้อและทำลาย
8maar als het volk, tegen wien Ik dit besluit heb getroffen, zich van zijn boosheid bekeert, dan heb Ik weer spijt over het onheil, dat Ik het wilde berokkenen.
8ถ้าชนชาติที่เราประกาศนั้นหันจากความชั่ว เราจะเปลี่ยนใจจากภัยร้ายที่คิดจะทำกับพวกเขา
9Het andere ogenblik besluit Ik, een volk en een rijk op te bouwen en te planten;
9เมื่อใดเราประกาศถึงชนชาติหรืออาณาจักรหนึ่งว่าจะสร้างและปลูก
10Maar als het kwaad doet in mijn ogen en naar Mij niet wil horen, dan heb Ik spijt van het goede, dat Ik besloten had, het te doen.
10ถ้าพวกเขาทำชั่วในสายตาของเรา ไม่เชื่อฟังเสียงของเรา เราจะเปลี่ยนใจจากสิ่งดีที่พูดว่าจะให้พวกเขา
11Welnu dan, zegt tot de mannen van Juda en de bewoners van Jerusalem: Zo spreekt Jahweh! Zie, Ik ben een onheil tegen u aan het kneden, en zit een plan tegen u te vormen; keert allen dus terug van uw boze weg, en verbetert uw handel en wandel.
11“บัดนี้ จงบอกชาวยูดาห์และผู้ที่อาศัยในเยรูซาเล็มว่า ‘พระยาห์เวห์กล่าวดังนี้ “จงฟัง เรากำลังเตรียมภัยร้ายและวางแผนต่อพวกเจ้า ทุกคนจงหันกลับจากทางชั่วเดี๋ยวนี้ แก้ไขวิถีชีวิตและการกระทำ”’
12Maar ze zeggen: Vergeefse moeite! We willen onze eigen zin blijven doen, en allemaal ons afgestompt, boos hart blijven volgen.
12แต่พวกเขาพูดว่า ‘เปล่าประโยชน์ พวกเราจะทำตามแผนของตน แต่ละคนจะทำตามความดื้อรั้นของใจชั่วของตน’”
13Daarom spreekt Jahweh: Vraagt het de volken, Wie ooit zo iets heeft gehoord? Iets huiveringwekkends Heeft de jonkvrouw van Israël bedreven!
13เพราะฉะนั้น พระยาห์เวห์กล่าวว่า “จงถามในหมู่ชนชาติต่าง ๆ ว่า ‘ใครเคยได้ยินเรื่องอย่างนี้?’ สาวพรหมจารีอิสราเอลทำสิ่งน่าสยดสยองที่สุด
14Smelt ooit van de machtige spitsen De Libanon-sneeuw; Drogen ooit haar bruisende, Kille en ruisende wateren op?
14หิมะเลบานอนจะหายจากโขดหินในทุ่งหรือ? น้ำเย็นที่ไหลจากแดนไกลจะเหือดแห้งหรือ?
15Maar mijn volk heeft Mij vergeten, Voor waangoden wierook gebrand. Die hebben ze op hun wegen doen struikelen, Op de oeroude banen, Zodat ze zijpaden gaan, En ongeëffende wegen.
15เพราะชนชาติของเราลืมเรา เผาเครื่องหอมบูชาเทพเจ้าเท็จ พวกเขาถูกทำให้สะดุดในทางของตน ในทางเก่าแก่ จนไปเดินทางแยก ทางที่ไม่ได้สร้างไว้
16Zo maakten ze hun land tot een steppe, Tot bespotting voor eeuwig; Wie er doorheen trekt, verstomt, Schudt meewarig het hoofd.
16เพื่อทำให้แผ่นดินของพวกเขาเป็นที่น่าตกตะลึง และเป็นที่ถูกเย้ยหยันตลอดไป ทุกคนที่เดินผ่านจะตกตะลึง และส่ายหน้า
17Als een oostenwind Zal Ik ze voor hun vijand verstrooien; Ik zal ze met de nek bezien, niet met het gelaat, Op de dag van hun nood!
17เราจะกระจายพวกเขาต่อหน้าศัตรูเหมือนลมตะวันออก เราจะหันหลังให้ ไม่หันหน้า ในวันที่พวกเขาประสบภัยพิบัติ
18Toen zeiden zij: Komt, laat ons een aanslag tegen Jeremias beramen: “Neen, den priester is de wet niet ontnomen, Den wijze de raad niet, Den profeet niet het Godswoord!” Vooruit, laten we hem doden voor zo’n taal, En niet luisteren naar zijn woorden!
18พวกเขาพูดว่า “มาเถิด! ให้พวกเราวางแผนต่อต้านเยเรมีย์ เพราะข้อบัญญัติจะไม่สูญไปจากปุโรหิต คำปรึกษาจะไม่สูญไปจากคนฉลาด และถ้อยคำจะไม่สูญไปจากผู้เผยพระวจนะ มาเถิด ให้พวกเราใช้ลิ้นโจมตีเขา อย่าฟังถ้อยคำของเขาสักคำ”
19Jahweh, luister Gij dan naar mij, En hoor wat mijn bestrijders zeggen.
19พระยาห์เวห์ โปรดใส่ใจข้าพเจ้า ฟังเสียงคนที่โต้แย้งข้าพเจ้า
20Mag men dan goed met kwaad vergelden, Dat ze mij een kuil mogen graven? Gedenk toch, dat ik bij U voor hen stond te pleiten, Om uw gramschap van hen af te wenden.
20ควรตอบแทนความดีด้วยความชั่วหรือ? พวกเขาขุดหลุมดักชีวิตข้าพเจ้า โปรดระลึกว่าข้าพเจ้าเคยยืนต่อหน้าพระองค์พูดสิ่งดีเพื่อพวกเขาอย่างไร เพื่อให้ความเดือดดาลของพระองค์หันไปจากพวกเขา
21Geef dus hun kinderen prijs aan de honger, En lever ze uit aan het zwaard; Laat hun vrouwen kinderloos blijven, En weduwen worden, Hun mannen sterven aan de pest, Hun jongens sneuvelen door het zwaard!
21เพราะฉะนั้น โปรดมอบลูกของพวกเขาให้ความอดอยาก มอบพวกเขาไว้ใต้อำนาจดาบ ให้ภรรยาของพวกเขาไร้ลูกและเป็นม่าย ให้ผู้ชายถูกฆ่า ให้ชายหนุ่มถูกดาบฟันในศึก
22Laat het krijgsgehuil Uit hun huizen weerklinken, Wanneer Gij benden van rovers Onverwacht op hen afstuurt; Want ze hebben een kuil gegraven, om mij te vangen, En strikken voor mijn voeten gezet.
22ให้มีเสียงร้องจากบ้านของพวกเขา เมื่อพระองค์นำกองทหารมาโจมตีทันที เพราะพวกเขาขุดหลุมจับข้าพเจ้า ซ่อนบ่วงดักเท้า
23Maar Jahweh, Gij kent alle moordplannen, Die ze tegen mij smeden. Vergeef ze dus hun misdaad niet, En wis hun zonden niet uit voor uw aanschijn; Stort ze neer voor uw aanschijn, Reken met hen af in de tijd van uw gramschap!
23แต่พระยาห์เวห์ พระองค์รู้แผนทั้งหมดที่พวกเขาคิดจะฆ่าข้าพเจ้า อย่ายกโทษความผิดของพวกเขา อย่าลบบาปของพวกเขาให้พ้นสายตาพระองค์ ให้พวกเขาถูกโค่นลงต่อหน้าพระองค์ โปรดจัดการพวกเขาในเวลาที่พระองค์โกรธ
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.