Tobit 9
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)
1Toen riep Tobias den engel bij zich, dien hij nog altijd voor een mens aanzag, en zeide hem: Azarias, mijn broeder, ik bid u te willen luisteren naar mijn woorden.
1Tobias chamou Rafael e lhe disse:
2Als ik mijzelf aan u zou geven als slaaf, zou dat lang niet opwegen tegen uw goede zorgen.
2“Irmão Azarias, leve com você um servo e dois camelos, vá a Rages da Média até Gabael, receba o dinheiro por mim e traga Gabael para a festa de casamento,
3Toch heb ik nog een verzoek aan u: Neem rijdieren en slaven met u mee, en ga naar Gabaël in Rages, de stad der Meden; overhandig hem zijn bewijs, neem van hem het geld in ontvangst en nodig hem uit op mijn bruiloft.
3porque Raguel jurou que não posso partir.
4Gij weet immers zelf, hoe mijn vader de dagen telt; als ik ook maar één dag langer uitblijf, is hij zielsbedroefd.
4Meu pai está contando os dias, e, se eu demorar muito, ficará muito triste.”
5Maar gij hebt ook gezien, hoe Raguël bij mij heeft aangedrongen, en ik kan zijn dringend verzoek niet weigeren.
5Então Rafael seguiu viagem, hospedou-se com Gabael e lhe entregou o documento. Gabael trouxe as bolsas ainda seladas e as entregou a ele.
6Daarom nam Rafaël vier slaven van Raguël en twee kamelen met zich mee, en vertrok naar Rages, de stad der Meden; daar vond hij Gabaël, overhandigde hem zijn ontvangbewijs en beurde van hem al het geld.
6Os dois se levantaram juntos de manhã cedo e foram à festa de casamento. Tobias abençoou sua esposa.
7Ook verhaalde hij hem alles, wat er met Tobias, den zoon van Tobit, gebeurd was, en wist hem zo te bewegen, met hem mee te gaan naar de bruiloft.
no verse 7 in this text
8Toen Gabaël het huis van Raguël binnenkwam, trof hij Tobias aan tafel; deze sprong op en zij kusten elkander. En Gabaël weende, en loofde God;
no verse 8 in this text
9en hij sprak: Moge de God van Israël u zegenen; want gij zijt de zoon van een voortreffelijk en rechtvaardig man, die God vreest en veel aalmoezen geeft.
no verse 9 in this text
10Ook aan uw vrouw en uw ouders wens ik zegen toe.
no verse 10 in this text
11Moogt gij uw kinderen en de kinderen uwer kinderen aanschouwen tot in het derde en vierde geslacht; en moge uw kroost gezegend worden door den God van Israël, die heerst in de eeuwen der eeuwen!
no verse 11 in this text
12Allen zeiden: Amen! Daarna zetten zij zich aan de maaltijd; maar ook het bruiloftsmaal vierden zij in de vreze des Heren.
no verse 12 in this text
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.