Psalmen
Chapter 55
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Korean Bible, 1910…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Korean Bible, 1910 (한국어 성경)
1Voor muziekbegeleiding; met harpen. Een leerdicht van David. Hoor toch, o God, naar mijn bidden, En wend U niet af van mijn smeken;
1(다윗의 마스길. 영장으로 현악에 맞춘 노래) 하나님이여, 내 기도에 귀를 기울이시고 내가 간구할 때에 숨지 마소서
2Luister naar mij, en schenk mij verhoring: Van ellende loop ik radeloos rond.
2내게 굽히사 응답하소서 ! 내가 근심으로 편치 못하여 탄식하오니
3Ik sidder voor het geschreeuw van den vijand, En het gehuil van den boze; Want ze storten rampen over mij uit, En bestoken mij grimmig.
3이는 원수의 소리와 악인의 압제의 연고라 저희가 죄악으로 내게 더하며 노하여 나를 핍박하나이다
4Mijn hart krimpt in mijn boezem, En doodsangst bekruipt mij;
4내 마음이 내 속에서 심히 아파하며 사망의 위험이 내게 미쳤도다
5Vrees en ontzetting houden mij beklemd, En de schrik grijpt mij aan.
5두려움과 떨림이 내게 이르고 황공함이 나를 덮었도다
6Ik dacht: Had ik maar vleugels als een duif, Dan vloog ik heen, om een wijkplaats te vinden;
6나의 말이 내가 비둘기 같이 날개가 있으면 날아가서 편히 쉬리로다
7Ver, ver weg zou ik vluchten, En een rustoord zoeken in de woestijn.
7내가 멀리 날아가서 광야에 거하리로다 (셀라)
8Ik zou mij haastig in veiligheid stellen Voor de razende storm,
8내가 피난처에 속히 가서 폭풍과 광풍을 피하리라 하였도다
9Voor de wervelstorm, Heer, En voor de stortvloed van hun tongen. Want ik zie geweld ontketend, En de strijd tegen de stad;
9내가 성내에서 강포와 분쟁을 보았사오니 주여, 저희를 멸하소서 저희 혀를 나누소서
10Dag en nacht trekken ze om haar heen, Over haar wallen. Daarbinnen heerst onrecht en knevelarij,
10저희가 주야로 성벽 위에 두루 다니니 성중에는 죄악과 잔해함이 있으며
11En de misdaad troont in haar midden; En van haar pleinen wijkt Geweld noch bedrog.
11악독이 그 중에 있고 압박과 궤사가 그 거리를 떠나지 않도다
12En was het een vijand, die mij beschimpte, Ik zou het verdragen; Of een van mijn haters, die mij hoonde, Ik zou mij verschuilen.
12나를 책망한 자가 원수가 아니라 원수일진대 내가 참았으리라 나를 대하여 자기를 높이는 자가 나를 미워하는 자가 아니라 미워하는 자일진대 내가 그를 피하여 숨었으리라
13Maar gij, een man van mijn stam, Mijn vriend en mijn makker,
13그가 곧 너로다 나의 동류,나의 동무요 나의 가까운 친우로다
14Met wien ik vertrouwelijk omging, Eendrachtig leefde in Gods huis!
14우리가 같이 재미롭게 의논하며 무리와 함께 하여 하나님의 집안에서 다녔도다
15Moge de dood ze verrassen, Zodat ze levend in het dodenrijk dalen! Want boosheid heerst in hun woning, En slechtheid in hun gemoed.
15사망이 홀연히 저희에게 임하며 산 채로 음부에 내려갈지어다 이는 악독이 저희 거처에 있고 저희 가운데 있음이로다
16Maar ìk roep tot God, En Jahweh komt mij te hulp.
16나는 하나님께 부르짖으리니 여호와께서 나를 구원하시리로다
17‘s Avonds, ‘s morgens en ‘s middags klaag ik en zucht ik, En Hij hoort naar mijn smeken.
17저녁과 아침과 정오에 내가 근심하여 탄식하리니 여호와께서 내 소리를 들으시리로다
18Hij zal mij vrede schenken, mij van mijn belagers bevrijden, Al staan ze nog zo talrijk tegen mij op.
18나를 대적하는 자 많더니 나를 치는 전쟁에서 저가 내 생명을 구속하사 평안하게 하셨도다
19God verhoort mij: Hij zal ze vernederen, Hij, die van eeuwigheid op zijn troon is gezeten. Want ze zijn onverbeterlijk, En vrezen God niet;
19태고부터 계신 하나님이 들으시고 (셀라) 변치 아니하며 하나님을 경외치 아니하는 자에게 보응하시리로다
20Ze slaan de hand aan hun vrienden, En schenden hun trouw.
20저는 손을 들어 자기와 화목한 자를 치고 그 언약을 배반하였도다
21Hun mond is gladder dan boter, Maar vijandig hun hart; Hun woorden zijn zachter dan olie, Maar steken als dolken.
21그 입은 우유기름보다 미끄러워도 그 마음은 전쟁이요 그 말은 기름보다 유하여도 실상은 뽑힌 칼이로다
22Werp daarom uw kommer op Jahweh, Hij zal voor u zorgen; En nooit zal Hij dulden, Dat de rechtvaardige wankelt.
22네 짐을 여호와께 맡겨 버리라 너를 붙드시고 의인의 요동함을 영영히 허락지 아니하시리로다
23Maar stort in het diepst van het graf, o mijn God, Die mannen van bloed en bedrog; Laat ze de helft van hun dagen niet zien, Doch laat mìj op U blijven hopen!
23하나님이여, 주께서 저희로 파멸의 웅덩이에 빠지게 하시리이다 피를 흘리게 하며 속이는 자들은 저희 날의 반도 살지 못할 것이나 나는 주를 의지하리이다

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.