Spreuken 9
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Berean Standard Bible
1De wijsheid heeft zich een huis gebouwd, Haar zeven zuilen opgericht,
1Wisdom has built her house; she has carved out her seven pillars.
2Haar vee geslacht, haar wijn gemengd, Haar dis ook bereid.
2She has prepared her meat and mixed her wine; she has also set her table.
3Nu laat ze haar dienstmaagden noden Op de hoogste punten der stad:
3She has sent out her maidservants; she calls out from the heights of the city.
4Wie onervaren is, kome hierheen, Wie onverstandig is, tot hem wil ik spreken.
4“Whoever is simple, let him turn in here!” she says to him who lacks judgment.
5Komt, eet van mijn spijzen, En drinkt van de wijn die ik mengde;
5“Come, eat my bread and drink the wine I have mixed.
6Laat de onnozelheid varen, opdat gij moogt leven, Betreedt de rechte weg van het verstand!
6Leave your folly behind, and you will live; walk in the way of understanding.”
7Wie een spotter vermaant, berokkent zich schande, En wie een booswicht bestraft, op hem komt een smet.
7He who corrects a mocker brings shame on himself; he who rebukes a wicked man taints himself.
8Ge moet geen spotter bestraffen, hij zal u erom haten, Bestraf een wijze, hij zal er u dankbaar voor zijn.
8Do not rebuke a mocker, or he will hate you; rebuke a wise man, and he will love you.
9Deel mee aan een wijze: hij wordt nog wijzer, Onderricht een rechtvaardige: hij zal zijn inzicht verdiepen.
9Instruct a wise man, and he will be wiser still; teach a righteous man, and he will increase his learning.
10Ontzag voor Jahweh is de grondslag der wijsheid, Den Heilige kennen is inzicht.
10The fear of the LORD is the beginning of wisdom, and knowledge of the Holy One is understanding.
11Want door Jahweh worden uw dagen vermeerderd. Worden jaren van leven u toegevoegd.
11For through wisdom your days will be multiplied, and years will be added to your life.
12Zijt ge wijs, ge zijt wijs tot uw eigen voordeel; Zijt ge eigenwijs, gij alleen moet ervoor boeten!
12If you are wise, you are wise to your own advantage; but if you scoff, you alone will bear the consequences.
13De dwaasheid is een wispelturige vrouw, Een verleidster, die geen schaamte kent.
13The woman named Folly is loud; she is naive and knows nothing.
14Ze zit aan de deur van haar huis, In een zetel op de hoogten der stad;
14She sits at the door of her house, on a seat in the heights of the city,
15Zij nodigt de voorbijgangers uit, Hen die recht huns weegs willen gaan:
15calling out to those who pass by, who make their paths straight.
16Wie onervaren is, kome hierheen, Wie onverstandig is, tot hem wil ik spreken!
16“Whoever is simple, let him turn in here!” she says to him who lacks judgment.
17Gestolen water is zoet, Heimelijk gegeten brood smaakt lekker!
17“Stolen water is sweet, and bread eaten in secret is tasty!”
18Maar men vermoedt niet, dat de schimmen daar wonen, Dat haar gasten diep in het dodenrijk komen!
18But they do not know that the dead are there, that her guests are in the depths of Sheol.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.