Matteus
Chapter 27
Petrus Canisius Bible, 1…

Read in

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Brezhoneg (Breton Gospels, 1827)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Meriam Mir GospelsOld Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)
vs Freedom Bible (Thai)

Compare with

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Brezhoneg (Breton Gospels, 1827)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Meriam Mir GospelsOld Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)Stop comparing
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Bij het aanbreken van de morgen namen al de opperpriesters en de oudsten van het volk een beslissing tegen Jesus, om Hem te doen sterven.
1เมื่อ​ถึง​เวลา​เช้า หัวหน้า​ปุโรหิต​และ​พวก​ผู้อาวุโส​ของ​ประชาชน​ทุก​คน​ปรึกษา​กัน​เรื่อง​พระเยซู เพื่อ​จะ​ประหาร​พระองค์
2Ze lieten Hem binden, voerden Hem weg, en leverden Hem over aan den landvoogd Pilatus.
2พวกเขา​มัด​พระองค์ พา​ไป และ​มอบ​พระองค์​ให้​ปอนทิอัส​ปีลาต ผู้ว่าราชการ
3Toen zag Judas, die Hem verraden had, dat Hij veroordeeld was; hij kreeg spijt, bracht de dertig zilverlingen aan de opperpriesters en oudsten terug,
3เมื่อ​ยูดาส​คน​ที่​ทรยศ​พระองค์​เห็น​ว่า​พระเยซู​ถูก​ตัดสิน​ลงโทษ เขา​ก็​เสียใจ​ใน​สิ่ง​ที่​ทำ และ​นำ​เงิน​สามสิบ​เหรียญ​กลับ​ไป​คืน​หัวหน้า​ปุโรหิต​กับ​พวก​ผู้อาวุโส
4en zeide: Ik heb gezondigd, door onschuldig bloed te verraden. Maar ze zeiden: Wat gaat ons dat aan? Dat moet ge zelf maar weten.
4โดย​พูด​ว่า “ข้าพเจ้า​ทำ​บาป เพราะ​ทรยศ​ผู้​บริสุทธิ์​ให้​ต้อง​หลั่ง​เลือด” แต่​พวกเขา​ตอบ​ว่า “เกี่ยว​อะไร​กับ​พวก​เรา? เจ้า​จัดการ​เอง​เถอะ”
5Doch hij wierp de zilverlingen in de tempel, vluchtte weg, en ging zich verhangen.
5ยูดาส​โยน​เงิน​เหล่านั้น​ลง​ใน​สถานศักดิ์สิทธิ์ แล้ว​จาก​ไป จาก​นั้น​เขา​ไป​ผูกคอ​ตาย
6De opperpriesters raapten de zilverlingen bijeen, en zeiden: Het is niet geoorloofd, ze in de schatkist te werpen, omdat het een bloedprijs is.
6หัวหน้า​ปุโรหิต​เก็บ​เงิน​เหล่านั้น​ขึ้น​มา และ​พูด​ว่า “ไม่​ได้​รับ​อนุญาต​ให้​ใส่​เงิน​นี้​ไว้​ใน​คลัง​พระวิหาร เพราะ​เป็น​ค่า​เลือด”
7En ze besloten, daarvoor de akker van den pottenbakker te kopen als een begraafplaats voor de vreemdelingen.
7พวกเขา​จึง​ปรึกษา​กัน แล้ว​เอา​เงิน​นั้น​ไป​ซื้อ​ทุ่ง​ของ​ช่างปั้นหม้อ เพื่อ​ใช้​ฝัง​ศพ​คน​ต่างถิ่น
8Daarom wordt die akker tot op de dag van heden Bloedakker genoemd.
8เพราะ​เหตุ​นี้ ทุ่ง​นั้น​จึง​ได้​ชื่อ​ว่า “ทุ่ง​เลือด” จน​ถึง​ทุก​วันนี้
9Toen werd vervuld, wat de profeet had gezegd: En ze namen de dertig zilverlingen, de prijs, waarop de kinderen van Israël Mij hebben geschat;
9แล้ว​สิ่ง​ที่​กล่าว​ไว้​ผ่าน​เยเรมีย์ ผู้เผยพระวจนะ​ก็​สำเร็จ ที่​ว่า “พวกเขา​เอา​เงิน​สามสิบ​เหรียญ ซึ่ง​เป็น​ราคา​ของ​ผู้​ที่​ถูก​ตี​ราคา ผู้​ซึ่ง​บาง​คน​ใน​บรรดา​ลูกหลาน​อิสราเอล​ตี​ราคา
10en zij gaven ze voor de akker van den pottenbakker, zoals de Heer Mij bevolen heeft.
10แล้ว​เอา​เงิน​นั้น​ไป​ซื้อ​ทุ่ง​ของ​ช่างปั้นหม้อ ตาม​ที่​องค์พระผู้เป็นเจ้า​สั่ง​เรา”
11En toen Jesus voor den landvoogd stond, ondervroeg Hem de landvoogd en sprak: Zijt Gij de Koning der Joden? Jesus zeide hem: Ge zegt het.
11พระเยซู​ยืน​อยู่​ต่อหน้า​ผู้ว่าราชการ ผู้ว่าราชการ​ถาม​พระองค์​ว่า “ท่าน​คือ​กษัตริย์​ของ​ชาวยิว​หรือ?” พระเยซู​ตอบ​เขา​ว่า “ท่าน​พูด​เอง”
12Maar toen Hij beschuldigd werd door de opperpriesters en oudsten, antwoordde Hij niets.
12เมื่อ​หัวหน้า​ปุโรหิต​และ​พวก​ผู้อาวุโส​กล่าวหา​พระองค์ พระองค์​ไม่​ตอบ​อะไร
13Daarom sprak Pilatus tot Hem: Hoort Gij niet, wat zware beschuldigingen ze tegen U inbrengen?
13ปีลาต​จึง​ถาม​พระองค์​ว่า “ท่าน​ไม่​ได้ยิน​หรือ​ว่า พวกเขา​เป็น​พยาน​กล่าวหา​ท่าน​ตั้ง​หลาย​เรื่อง?”
14Maar Hij antwoordde hem op geen enkele beschuldiging, zodat het den landvoogd erg verbaasde.
14แต่​พระองค์​ไม่​ตอบ​เขา​แม้​แต่​คำ​เดียว ทำ​ให้​ผู้ว่าราชการ​ประหลาดใจ​อย่าง​ยิ่ง
15Nu was de landvoogd gewoon, op de feestdagen een gevangene vrij te laten, naar keuze van het volk.
15ใน​ช่วง​เทศกาล ผู้ว่าราชการ​มี​ธรรมเนียม​ปล่อย​นักโทษ​คน​หนึ่ง​ให้​ฝูงชน ตาม​ที่​พวกเขา​ต้องการ
16Men had toen een beruchten gevangene, Barabbas genaamd
16เวลา​นั้น มี​นักโทษ​คน​หนึ่ง​ที่​เป็น​ที่​รู้จัก​กัน​ดี ชื่อ​บารับบัส
17Daar ze nu toch bijeen waren, sprak Pilatus hen toe: Wien wilt gij, dat ik u vrijlaat, Barabbas of Jesus, die Christus genoemd wordt?
17เมื่อ​ประชาชน​มา​รวม​กัน ปีลาต​จึง​ถาม​ว่า “พวกคุณ​ต้องการ​ให้​เรา​ปล่อย​ใคร บารับบัส หรือ​เยซู​ผู้​ได้​ชื่อ​ว่า​พระคริสต์?”
18Want hij begreep, dat ze Hem uit afgunst hadden overgeleverd.
18เพราะ​เขา​รู้​ว่า พวกเขา​มอบ​พระเยซู​ให้​เขา​เพราะ​ความอิจฉา
19Terwijl hij daar op de rechterstoel zat, liet zijn vrouw hem zeggen: Vergrijp u niet aan dezen rechtvaardige; want ik heb heden in een droom veel om Hem geleden.
19ขณะ​ที่​ปีลาต​นั่ง​อยู่​บน​ที่นั่ง​พิพากษา ภรรยา​ของ​เขา​ส่ง​คน​มา​บอก​ว่า “อย่า​เข้า​ไป​เกี่ยวข้อง​กับ​คนชอบธรรม​คน​นั้น เพราะ​วันนี้​ข้าพเจ้า​ทุกข์​ใจ​มาก​ใน​ความฝัน​เพราะ​เขา”
20Intussen hitsten de opperpriesters en oudsten de menigte op, om Barabbas te vragen en Jesus te doen sterven.
20หัวหน้า​ปุโรหิต​และ​พวก​ผู้อาวุโส​ชักจูง​ฝูงชน​ให้​ขอ​บารับบัส และ​ให้​ฆ่า​พระเยซู
21Nu nam de landvoogd het woord, en sprak: Wien van de twee wilt gij, dat ik u vrijlaat? Ze zeiden: Barabbas.
21ผู้ว่าราชการ​ถาม​พวกเขา​ว่า “ใน​สอง​คน​นี้ พวกคุณ​ต้องการ​ให้​เรา​ปล่อย​ใคร?” พวกเขา​ตอบ​ว่า “บารับบัส!”
22Pilatus zeide tot hen: Wat zal ik dan met Jesus doen, die Christus genoemd wordt?
22ปีลาต​ถาม​พวกเขา​ว่า “ถ้า​อย่าง​นั้น เรา​จะ​ทำ​อย่าง​ไร​กับ​เยซู​ผู้​ได้​ชื่อ​ว่า​พระคริสต์?” พวกเขา​ทุก​คน​ตอบ​ว่า “ตรึง​เขา​บน​กางเขน!”
23Allen riepen: Kruisig Hem! De landvoogd zei hun: Wat voor kwaad heeft Hij dan gedaan? Maar ze schreeuwden nog harder: Kruisig Hem.
23ผู้ว่าราชการ​ถาม​ว่า “ทำไม? เขา​ทำ​ความชั่ว​อะไร?” แต่​พวกเขา​ยิ่ง​ร้อง​เสียง​ดัง​ว่า “ตรึง​เขา​บน​กางเขน!”
24Toen Pilatus zag, dat hij niet slaagde, maar dat de opschudding groter werd, nam hij water, waste zijn handen ten aanschouwen van het volk, en sprak: Ik ben onschuldig aan het bloed van dezen rechtvaardige; gij moet het verantwoorden.
24เมื่อ​ปีลาต​เห็น​ว่า​ไม่​ได้​ผล และ​กลับ​กำลัง​จะ​เกิด​ความวุ่นวาย เขา​จึง​เอา​น้ำ​มา​ล้าง​มือ​ต่อหน้า​ฝูงชน และ​พูด​ว่า “เรา​ไม่​มี​ส่วน​ผิด​ใน​เลือด​ของ​คนชอบธรรม​คน​นี้ พวกคุณ​จัดการ​กัน​เอง”
25Heel het volk antwoordde: Zijn bloed kome over ons en over onze kinderen.
25ประชาชน​ทั้ง​หมด​ตอบ​ว่า “ขอ​ให้​เลือด​ของ​เขา​ตก​อยู่​เหนือ​พวก​เรา และ​เหนือ​ลูก ๆ ของ​พวก​เรา!”
26Toen liet Pilatus Barabbas vrij, maar Jesus liet hij geselen, en gaf Hem over, om te worden gekruisigd.
26แล้ว​ปีลาต​ปล่อย​บารับบัส​ให้​พวกเขา ส่วน​พระเยซู เขา​สั่ง​ให้​เฆี่ยน แล้ว​มอบ​พระองค์​ให้​นำ​ไป​ตรึง​บน​กางเขน
27Daarop namen de soldaten van den landvoogd Jesus mee in het rechthuis, en verzamelden de hele bende om Hem heen.
27จาก​นั้น ทหาร​ของ​ผู้ว่าราชการ​นำ​พระเยซู​เข้า​ไป​ใน​ปราเอโทเรียม และ​เรียก​ทหาร​ทั้ง​กอง​มา​ล้อม​พระองค์
28Ze trokken Hem de kleren uit, en hingen Hem een scharlaken mantel om;
28พวกเขา​ถอด​เสื้อผ้า​ของ​พระองค์ แล้ว​เอา​เสื้อคลุม​สีแดงสด​สวม​ให้
29ze vlochten een kroon van doornen, zetten die op zijn hoofd, en gaven Hem een rietstok in de rechterhand; ze knielden voor Hem neer, bespotten Hem, en zeiden: Wees gegroet, Koning der Joden.
29พวกเขา​สาน​มงกุฎ​หนาม​สวม​บน​ศีรษะ​พระองค์ และ​เอา​ไม้อ้อ​วาง​ไว้​ใน​มือ​ขวา​ของ​พระองค์ จาก​นั้น​คุกเข่า​ต่อหน้า​พระองค์ และ​เยาะเย้ย​ว่า “ขอ​กษัตริย์​ของ​ชาวยิว​จง​เจริญ!”
30Ze bespuwden Hem, namen de rietstok, en sloegen Hem op het hoofd.
30พวกเขา​ถ่มน้ำลาย​ใส่​พระองค์ แล้ว​เอา​ไม้อ้อ​ตี​ศีรษะ​พระองค์
31En nadat ze Hem hadden bespot, deden ze Hem de mantel af, trokken Hem zijn kleren aan, en voerden Hem weg ter kruisiging.
31เมื่อ​เยาะเย้ย​พระองค์​แล้ว พวกเขา​ถอด​เสื้อคลุม​ออก เอา​เสื้อผ้า​ของ​พระองค์​เอง​สวม​ให้ แล้ว​นำ​พระองค์​ออก​ไป​เพื่อ​ตรึง​บน​กางเขน
32Terwijl ze nu uittrokken, ontmoetten ze een man van Cyrene, Simon genaamd; hem dwongen ze, zijn kruis te dragen.
32ขณะ​ที่​กำลัง​ออก​ไป พวกเขา​พบ​ชาย​ชาวไซรีน​คน​หนึ่ง​ชื่อ​ซีโมน จึง​บังคับ​เขา​ให้​ไป​ด้วย เพื่อ​แบก​กางเขน​ของ​พระองค์
33Zo kwamen ze op een plaats, die Gólgota of schedelplaats heet.
33เมื่อ​มา​ถึง​สถานที่​ชื่อ “กลโกธา” ซึ่ง​แปล​ว่า “สถานที่​แห่ง​กะโหลกศีรษะ”
34Nu gaven ze Hem wijn te drinken met gal vermengd; maar toen Hij het geproefd had, wilde Hij niet drinken.
34พวกเขา​เอา​เหล้าองุ่น​เปรี้ยว ผสม​สาร​รส​ขม​ให้​พระองค์​ดื่ม แต่​เมื่อ​พระองค์​ชิม​แล้ว ก็​ไม่​ยอม​ดื่ม
35Na Hem gekruisigd te hebben, verdeelden ze zijn klederen bij het lot; opdat vervuld zou worden, wat door den profeet is gezegd. “Ze hebben mijn klederen onder elkander verdeeld, en over mijn gewaad het lot geworpen.”
35เมื่อ​ตรึง​พระองค์​บน​กางเขน​แล้ว พวกเขา​แบ่ง​เสื้อผ้า​ของ​พระองค์​กัน โดย​จับสลาก
36Ze zetten zich daar neer, en bewaakten Hem.
36แล้ว​พวกเขา​นั่ง​เฝ้า​พระองค์​อยู่​ที่​นั่น
37Boven zijn hoofd hadden ze een opschrift gehecht met de reden van zijn veroordeling: Dit is Jesus, de koning der Joden.
37พวกเขา​ติด​ข้อหา​ไว้​เหนือ​ศีรษะ​พระองค์ เขียน​ว่า “นี่​คือ​เยซู กษัตริย์​ของ​ชาวยิว”
38Tegelijk met Hem werden twee rovers gekruisigd; één aan de rechterhand, en één aan de linker.
38เวลา​นั้น มี​โจร​สอง​คน​ถูก​ตรึง​บน​กางเขน​พร้อม​กับ​พระองค์ คน​หนึ่ง​ทาง​ขวา และ​อีก​คน​หนึ่ง​ทาง​ซ้าย
39En zij die voorbij gingen, hoonden Hem, schudden het hoofd.
39คน​ที่​เดิน​ผ่าน​ไปมา​กล่าว​หมิ่นประมาท​พระองค์ พร้อม​กับ​ส่าย​ศีรษะ
40en zeiden: Gij, die Gods tempel afbreekt en in drie dagen weer opbouwt, red Uzelf; indien Gij Gods Zoon zijt, kom dan af van het kruis.
40และ​พูด​ว่า “เจ้า​คน​ที่​จะ​ทำลาย​พระวิหาร และ​สร้าง​ขึ้น​ใหม่​ใน​สาม​วัน จง​ช่วย​ตัวเอง​สิ! ถ้า​เจ้า​เป็น​พระบุตร​ของ​พระเจ้า ก็​ลง​จาก​กางเขน​มา!”
41Zo bespotten Hem ook de opperpriesters met de schriftgeleerden en oudsten. Ze zeiden:
41หัวหน้า​ปุโรหิต พวก​อาลักษณ์ พวก​ฟาริสี และ​พวก​ผู้อาวุโส​ก็​เยาะเย้ย​พระองค์​เช่น​กัน โดย​พูด​ว่า
42Anderen heeft Hij gered. Zichzelf kan Hij niet redden; als Hij koning van Israël is, laat Hem dan afkomen van het kruis, en we geloven in Hem.
42“เขา​ช่วย​คน​อื่น​ได้ แต่​ช่วย​ตัวเอง​ไม่​ได้ ถ้า​เขา​เป็น​กษัตริย์​ของ​อิสราเอล ก็​ให้​เขา​ลง​จาก​กางเขน​เดี๋ยว​นี้ แล้ว​พวก​เรา​จะ​เชื่อ​เขา
43Hij heeft zijn vertrouwen gesteld op God; laat Deze Hem nu bevrijden, wanneer Hij Hem genegen is. Hij heeft toch gezegd: Ik ben Gods Zoon.
43เขา​วางใจ​ใน​พระเจ้า ก็​ให้​พระเจ้า​ช่วย​เขา​เดี๋ยว​นี้​สิ ถ้า​พระเจ้า​ต้องการ​เขา เพราะ​เขา​พูด​ว่า ‘เรา​เป็น​พระบุตร​ของ​พระเจ้า’”
44Zo ook beschimpten Hem de rovers, die met Hem waren gekruisigd.
44แม้​แต่​โจร​ที่​ถูก​ตรึง​บน​กางเขน​พร้อม​กับ​พระองค์​ก็​ด่าว่า​พระองค์​แบบ​เดียว​กัน
45Van het zesde uur af tot het negende toe viel de duisternis neer over het hele land.
45ตั้งแต่​ชั่วโมง​ที่​หก ความมืด​ปกคลุม​ทั่ว​แผ่นดิน​จน​ถึง​ชั่วโมง​ที่​เก้า
46Omstreeks het negende uur riep Jesus met luider stem: Eli, Eli, lamma sabaktáni; dat is: “Mijn God, mijn God, waarom verlaat Gij Mij!”
46ประมาณ​ชั่วโมง​ที่​เก้า พระเยซู​ร้อง​เสียง​ดัง​ว่า “เอลี เอลี ลิมา สะบักธานี?” ซึ่ง​แปล​ว่า “พระเจ้า​ของ​เรา พระเจ้า​ของ​เรา ทำไม​พระองค์​ทอดทิ้ง​เรา?”
47Sommigen die daar stonden, hoorden het, en zeiden: Hij roept Elias.
47บาง​คน​ที่​ยืน​อยู่​ที่​นั่น​ได้ยิน จึง​พูด​ว่า “ชาย​คน​นี้​กำลัง​เรียก​เอลียาห์”
48Aanstonds liep één hunner heen, nam een spons, vulde ze met azijn, stak ze op een riet, en gaf Hem te drinken.
48ทันที​นั้น คน​หนึ่ง​วิ่ง​ไป​เอา​ฟองน้ำ​ชุบ​น้ำส้มสายชู​จน​เต็ม เสียบ​ไว้​ที่​ปลาย​ไม้อ้อ แล้ว​ส่ง​ให้​พระองค์​ดื่ม
49Maar de anderen zeiden: Wacht, laat ons eens zien, of Elias Hem komt bevrijden.
49ส่วน​คน​อื่น​พูด​ว่า “ปล่อย​ไว้​ก่อน ดู​กัน​ว่า​เอลียาห์​จะ​มา​ช่วย​เขา​หรือ​ไม่”
50Nog eenmaal riep Jesus met luider stem, en gaf de geest.
50พระเยซู​ร้อง​เสียง​ดัง​อีก​ครั้ง แล้ว​พระองค์​ก็​สิ้นลมหายใจ
51En zie, het voorhangsel van de tempel scheurde in tweeën van boven tot onder: de aarde beefde, en de steenrotsen spleten vaneen;
51แล้ว​ม่าน​ใน​พระวิหาร​ก็​ฉีก​ออก​เป็น​สอง​ส่วน ตั้งแต่​บน​ลง​ล่าง แผ่นดิน​ไหว และ​ศิลา​แตก​ออก
52de graven gingen open, en vele lichamen van ontslapen heiligen verrezen;
52อุโมงค์​ฝังศพ​เปิด​ออก และ​ร่าง​ของ​ผู้บริสุทธิ์​หลาย​คน​ที่​หลับ​ไป​ก็​ฟื้น​ขึ้น​จาก​ความตาย
53ze verlieten de graven, kwamen na zijn opstanding in de heilige stad, en verschenen aan velen.
53หลัง​จาก​การ​ฟื้น​ขึ้น​จาก​ความตาย​ของ​พระองค์ พวกเขา​ออก​จาก​อุโมงค์​ฝังศพ เข้า​ไป​ใน​นคร​บริสุทธิ์ และ​ปรากฏ​แก่​คน​จำนวน​มาก
54Toen nu de honderdman, en die met hem Jesus bewaakten, de aardbeving met wat er verder gebeurde bemerkten, verschrokken ze hevig en zeiden: Ja, waarachtig, Hij was Gods Zoon.
54เมื่อ​นายร้อย​และ​คน​ที่​อยู่​กับ​เขา​เฝ้า​พระเยซู​เห็น​แผ่นดินไหว และ​สิ่ง​ที่​เกิด​ขึ้น พวกเขา​ก็​กลัว​อย่าง​ยิ่ง และ​พูด​ว่า “ชาย​คน​นี้​เป็น​พระบุตร​ของ​พระเจ้า​จริง ๆ!”
55Vele vrouwen, die Jesus van Galilea af waren gevolgd om Hem te dienen, stonden daar van verre toe te zien;
55มี​หญิง​หลาย​คน​มองดู​อยู่​แต่​ไกล พวก​นาง​ติดตาม​พระเยซู​มา​จาก​กาลิลี และ​รับใช้​พระองค์
56onder anderen Maria Magdalena, Maria de moeder van Jakobus en Josef, en de moeder van de zonen van Zebedeüs.
56ใน​พวก​นาง มี​มารีย์​ชาวมักดาลา มารีย์​มารดา​ของ​ยากอบ​และ​โยเสส และ​มารดา​ของ​บุตร​สอง​คน​ของ​เศเบดี
57Tegen de avond kwam een rijk man, uit Arimatea afkomstig en Josef genaamd, die eveneens leerling van Jesus was;
57เมื่อ​ถึง​เวลา​เย็น มี​ชาย​มั่งมี​ชาวอาริมาเธีย​คน​หนึ่ง​ชื่อ​โยเซฟ​มา เขา​เอง​ก็​เป็น​สาวก​ของ​พระเยซู
58hij begaf zich naar Pilatus, en vroeg het lichaam van Jesus. Pilatus beval, hem het lichaam te geven.
58เขา​ไป​หา​ปีลาต และ​ขอ​ศพ​ของ​พระเยซู ปีลาต​จึง​สั่ง​ให้​มอบ​ศพ​นั้น​แก่​เขา
59Josef nam het lichaam, en wikkelde het in een rein lijnwaad.
59โยเซฟ​รับ​ศพ และ​พัน​ด้วย​ผ้าลินิน​สะอาด
60Hij legde het in zijn eigen nieuw graf, dat hij in de rots had gehouwen, rolde een grote steen voor de ingang van het graf, en ging heen.
60แล้ว​วาง​ไว้​ใน​อุโมงค์​ฝังศพ​ใหม่​ของ​ตน ซึ่ง​เขา​เจาะ​ไว้​ใน​ศิลา จาก​นั้น​กลิ้ง​ก้อนหิน​ใหญ่​มา​ปิด​ปาก​อุโมงค์​ฝังศพ แล้ว​จาก​ไป
61Maria Magdalena en de andere Maria waren daarbij tegenwoordig, en zaten tegenover het graf.
61มารีย์​ชาวมักดาลา​กับ​มารีย์​อีก​คน​หนึ่ง​อยู่​ที่​นั่น นั่ง​อยู่​ตรง​ข้าม​อุโมงค์​ฝังศพ
62De dag daarna, dat is na de Vrijdag, kwamen de opperpriesters en farizeën bij Pilatus bijeen.
62วัน​รุ่ง​ขึ้น ซึ่ง​เป็น​วัน​ถัด​จาก​วันเตรียม หัวหน้า​ปุโรหิต​กับ​พวก​ฟาริสี​มา​ชุมนุม​กัน​ต่อหน้า​ปีลาต
63en zeiden: Heer, we herinneren ons, dat deze bedrieger, toen Hij nog leefde, gezegd heeft: Na drie dagen zal Ik verrijzen.
63และ​พูด​ว่า “ท่าน​ครับ พวก​เรา​จำ​ได้​ว่า ตอน​ที่​คน​หลอกลวง​คน​นั้น​ยัง​มี​ชีวิต เขา​พูด​ว่า ‘หลัง​จาก​สาม​วัน เรา​จะ​ฟื้น​ขึ้น​จาก​ความตาย’
64Gelast dus, het graf tot de derde dag te bewaken, opdat zijn leerlingen niet komen en Hem ontvoeren, en aan het volk gaan zeggen: Hij is opgestaan van de doden; het laatste bedrog zou nog erger zijn dan het eerste.
64เพราะฉะนั้น โปรด​สั่ง​ให้​เฝ้า​อุโมงค์​ฝังศพ​ให้​แน่นหนา​จน​ถึง​วัน​ที่​สาม ไม่​อย่าง​นั้น สาวก​ของ​เขา​อาจ​มา​ตอน​กลางคืน ขโมย​ศพ​ไป แล้ว​บอก​ประชาชน​ว่า ‘เขา​ฟื้น​ขึ้น​จาก​ความตาย​แล้ว’ การ​หลอกลวง​ครั้ง​สุดท้าย​ก็​จะ​ร้ายแรง​กว่า​ครั้ง​แรก”
65Pilatus zeide tot hen: Gij hebt een wacht; gaat en bewaakt het graf, zoals het u goeddunkt.
65ปีลาต​ตอบ​พวกเขา​ว่า “พวกคุณ​มี​ทหารยาม จง​ไป​รักษา​ความปลอดภัย​ให้​แน่นหนา​เท่า​ที่​ทำ​ได้”
66Ze gingen dus heen, verzegelden de steen, en lieten het graf door de wacht bewaken.
66พวกเขา​จึง​ไป​พร้อม​กับ​ทหารยาม ทำ​ให้​อุโมงค์​ฝังศพ​แน่นหนา โดย​ประทับ​ตรา​ที่​ก้อนหิน

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.