Genesis
Chapter 40
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Clementine Vulgate…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Clementine Vulgate, 1598
1Enige tijd daarna begingen de schenker en de bakker van den koning van Egypte een misdrijf tegen den koning van Egypte, hun heer.
1His ita gestis, accidit ut peccarent duo eunuchi, pincerna regis Ægypti, et pistor, domino suo.
2En daar Farao vertoornd was op zijn twee hovelingen, den opperschenker en den hofbakker,
2Iratusque contra eos Pharao (nam alter pincernis præerat, alter pistoribus),
3liet hij hen gevangen zetten in het huis van den overste der lijfwacht, de kerker waar ook Josef zat opgesloten;
3misit eos in carcerem principis militum, in quo erat vinctus et Joseph.
4en de overste van de lijfwacht stelde Josef bij hen aan, om voor hen te zorgen. Zo bleven ze geruime tijd gevangen.
4At custos carceris tradidit eos Joseph, qui et ministrabat eis: aliquantulum temporis fluxerat, et illi in custodia tenebantur.
5Eens hadden beiden, de schenker zowel als de bakker van Egypte’s koning, die in de kerker zaten opgesloten, dezelfde nacht een droom, elk met eigen betekenis.
5Videruntque ambo somnium nocte una, juxta interpretationem congruam sibi:
6Toen Josef de volgende morgen bij hen kwam, zag hij aan hen, dat ze terneergeslagen waren.
6ad quos cum introisset Joseph mane, et vidisset eos tristes,
7Hij vroeg toen aan de hovelingen van Farao, die met hem in het huis van zijn meester in hechtenis zaten: Waarom kijkt ge vandaag zo somber?
7sciscitatus est eos, dicens: Cur tristior est hodie solito facies vestra?
8Zij antwoordden hem: Wij hebben een droom gehad, en er is niemand, om hem uit te leggen. Josef zeide hun: God alleen legt dromen uit! Vertelt ze mij eens.
8Qui responderunt: Somnium vidimus, et non est qui interpretetur nobis. Dixitque ad eos Joseph: Numquid non Dei est interpretatio? referte mihi quid videritis.
9De opperschenker verhaalde toen zijn droom aan Josef, en zeide hem: In mijn droom zag ik een wijnstok voor mij.
9Narravit prior, præpositus pincernarum, somnium suum: Videbam coram me vitem,
10Aan die wijnstok zaten drie ranken; zodra hij begon uit te lopen, zette hij bloesem en droegen zijn trossen rijpe druiven.
10in qua erant tres propagines, crescere paulatim in gemmas, et post flores uvas maturescere:
11Ik had de beker van Farao in mijn hand; ik nam de druiven, perste ze uit in Farao’s beker, en reikte die aan Farao over.
11calicemque Pharaonis in manu mea: tuli ergo uvas, et expressi in calicem quem tenebam, et tradidi poculum Pharaoni.
12Toen zeide Josef tot hem: Dit is de uitleg ervan: de drie ranken betekenen drie dagen.
12Respondit Joseph: Hæc est interpretatio somnii: tres propagines, tres adhuc dies sunt:
13Over drie dagen zal Farao uw hoofd in de hoogte heffen, door u in uw ambt te herstellen; dan zult ge Farao de beker weer reiken, zoals vroeger, toen ge zijn schenker waart.
13post quos recordabitur Pharao ministerii tui, et restituet te in gradum pristinum: dabisque ei calicem juxta officium tuum, sicut ante facere consueveras.
14Maar wanneer het u goed gaat, denk dan ook eens aan mij, en bewijs mij de gunst, een goed woord voor me te doen bij Farao, en te zorgen, dat ik uit dit huis word bevrijd.
14Tantum memento mei, cum bene tibi fuerit, et facias mecum misericordiam: ut suggeras Pharaoni ut educat me de isto carcere:
15Want ik ben weggeroofd uit het land der Hebreën, en ook hier heb ik niets gedaan, waarvoor men mij in de gevangenis moest zetten.
15quia furto sublatus sum de terra Hebræorum, et hic innocens in lacum missus sum.
16Toen de hofbakker zag, dat Josef een gunstige uitleg gaf, zeide hij tot hem: Ook ik heb een droom gehad. Zie, ik zag drie broodkorven op mijn hoofd.
16Videns pistorum magister quod prudenter somnium dissolvisset, ait: Et ego vidi somnium: quod tria canistra farinæ haberem super caput meum:
17In de bovenste korf bevond zich gebak, allerlei soorten gerechten voor Farao; maar de vogels pikten het weg uit de korf op mijn hoofd.
17et in uno canistro quod erat excelsius, portare me omnes cibos qui fiunt arte pistoria, avesque comedere ex eo.
18Josef gaf hem ten antwoord: Dit is de uitleg ervan: de drie korven betekenen drie dagen.
18Respondit Joseph: Hæc est interpretatio somnii: tria canistra, tres adhuc dies sunt:
19Over drie dagen zal Farao ook uw hoofd in de hoogte heffen, door u aan een paal op te hangen; dan zullen de vogels uw vlees opeten.
19post quos auferet Pharao caput tuum, ac suspendet te in cruce, et lacerabunt volucres carnes tuas.
20Op de derde dag, de verjaardag van Farao, richtte deze voor heel zijn hof een feestmaal aan. Toen hief hij werkelijk het hoofd van den opperschenker en van den hofbakker te midden van zijn dienaren omhoog.
20Exinde dies tertius natalitius Pharaonis erat: qui faciens grande convivium pueris suis, recordatus est inter epulas magistri pincernarum, et pistorum principis.
21Den opperschenker herstelde hij in zijn ambt van schenker, zodat hij Farao weer de beker mocht reiken.
21Restituitque alterum in locum suum, ut porrigeret ei poculum:
22den hofbakker hing hij op, zoals Josef het hun had uitgelegd.
22alterum suspendit in patibulo, ut conjectoris veritas probaretur.
23De opperschenker echter dacht niet eens meer aan Josef, maar vergat hem geheel.
23Et tamen succedentibus prosperis, præpositus pincernarum oblitus est interpretis sui.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.