Amos 4
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1Hoort dit woord, koeien van Basjan op Samaria’s gebergte, Die de zwakken verdrukt en de armen vertrapt, Tot uw mannen zegt: Brengt ons te drinken!
1サマリアの山にいるバシャンの雌牛たちよ、この言葉を聞け。あなたがたは弱い者を虐げ、貧しい者を踏みにじり、自分の夫たちに「飲み物を持って来なさい」と言う。
2Bij zijn heiligheid heeft Jahweh, de Heer, het gezworen: Ziet, de dagen gaan voor u komen, Dat men u ophaalt aan haken, En uw kinderen aan angels;
2主なる神はご自分の聖さにかけて誓われた。 「見よ、あなたがたにその日が来る。 人々はあなたがたを鉤で引いて行き、 最後の者まで釣り針で引いて行く。
3Dat ge de bressen zult uitgaan, de een na de ander, En naar de Hermon zult worden gesleurd: Is de godsspraak van Jahweh!
3あなたがたは城壁の裂け目から、 それぞれ真っすぐ前へ出て行き、 ハルモンへ投げ捨てられる」 と主は言われる。
4Trekt op naar Betel, en bezondigt u maar; Naar Gilgal, en maakt uw misdaad nog erger. Brengt iedere morgen uw offers, Alle drie jaren uw tienden.
4「ベテルへ行って罪を犯せ。 ギルガルへ行って、さらに罪を重ねよ。 毎朝いけにえを、 三日ごとに十分の一を携えて来い。
5Draagt uw ongedesemd dankoffer op, Bazuint uw vrijwillige gaven uit, Want dat doet ge zo gaarne, kinderen van Israël: Is de godsspraak van Jahweh, den Heer!
5パン種を入れたものを感謝のいけにえとしてささげ、 自発のささげ物を宣言し、言いふらせ。 イスラエルの民よ、これこそあなたがたの好むことだ」 と主なる神は言われる。
6In al uw steden heb Ik u blanke tanden gegeven. In al uw plaatsen broodsgebrek! Maar ge hebt u tot Mij niet bekeerd: Is de godsspraak van Jahweh!
6「私はあなたがたのどの町でも歯をきれいなままにし、 すべての場所でパンを欠乏させた。 それでも、あなたがたは私のもとに帰らなかった」 と主は言われる。
7Ik was het, die u regen onthield, Drie maanden lang voor de oogst; Ik liet het regenen op de ene stad, Op de andere niet; De ene akker werd door de regen besproeid, De andere verdroogde, omdat er geen regen op viel.
7「また、収穫までなお三か月ある時に、 私はあなたがたから雨を差し止めた。 ある町には雨を降らせ、 別の町には雨を降らせなかった。 ある畑には雨が降り、 雨の降らなかった畑は枯れた。
8Twee, drie steden sleepten zich Naar een en dezelfde stad, Om water te drinken, Zonder dat haar dorst werd gelest! Maar ge hebt u tot Mij niet bekeerd: Is de godsspraak van Jahweh!
8二つ、三つの町が水を飲むために、 一つの町へよろめきながら行ったが、 満たされなかった。 それでも、あなたがたは私のもとに帰らなかった」 と主は言われる。
9Ik heb u met brand en meeldauw geslagen, Uw tuinen en gaarden vernield, En de sprinkhaan vrat uw vijg en olijf! Maar ge hebt u tot Mij niet bekeerd: Is de godsspraak van Jahweh!
9「私は立ち枯れと白かびで、 あなたがたの園とぶどう畑を幾度も打った。 群がるいなごは、いちじくの木とオリーブの木を食い尽くした。 それでも、あなたがたは私のもとに帰らなかった」 と主は言われる。
10Ik zond de pest onder u als die van Egypte, Vermoordde uw jongens met het zwaard: Uw paarden werden geroofd, De stank van uw legerplaats Liet Ik in uw neusgaten dringen! Maar ge hebt u tot Mij niet bekeerd: Is de godsspraak van Jahweh!
10「私はエジプトにしたように、 あなたがたの間に疫病を送った。 あなたがたの若者を剣で殺し、 馬を奪い去った。 あなたがたの陣営の悪臭を、 あなたがたの鼻に立ち上らせた。 それでも、あなたがたは私のもとに帰らなかった」 と主は言われる。
11Ik heb u onderstboven geworpen, Zoals God Sodoma en Gomorra vernielde: En als brandhout werdt gij aan de vlammen ontrukt! Maar ge hebt u tot Mij niet bekeerd: Is de godsspraak van Jahweh!
11「神がソドムとゴモラを覆された時のように、 私はあなたがたの一部を覆した。 あなたがたは火の中から取り出された燃えさしのようであった。 それでも、あなたがたは私のもとに帰らなかった」 と主は言われる。
12Daarom geef Ik u, Israël, wat ge verdient; Israël, houd u gereed, om voor uw God te verschijnen:
12「それゆえ、イスラエルよ、私はあなたにこうする。 だから、イスラエルよ、 あなたの神に会う備えをせよ。
13Voor Hem, die de bergen boetseerde en de winden schiep, Die den mens zijn diepste gedachten onthult, De dageraad in het donker verkeert, En de hoogste toppen der aarde bestijgt: Jahweh, der heirscharen God, is zijn Naam!
13見よ、山々を形造り、風を創造し、 人にご自分の思いを告げ、 朝を暗闇に変え、 地の高き所を踏み歩かれる方。 その名は主、万軍の神である。」
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.