1 Samuel
Chapter 27
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Freedom Bible (フリー…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1Maar David dacht bij zichzelf: Op een of andere dag val ik toch nog in handen van Saul. Er blijft voor mij dus niets anders over, dan dat ik de wijk neem naar het Filistijnenland; dan zal Saul het wel opgeven, nog langer heel Israël naar mij af te zoeken, en ben ik uit zijn greep gered.
1ダビデは心の中で言った。「今、わたしはいつかサウルの手によって滅ぼされるだろう。ペリシテ人の地に逃れるのが最善だ。そうすればサウルは、イスラエルの全境界でわたしを探すことに絶望し、わたしは彼の手から逃れることができる。」
2Dus trok David op, en met de zeshonderd man die bij hem waren, liep hij over naar Akisj, den zoon van Maok, en koning van Gat.
2ダビデは立ち上がり、彼と一緒にいた六百人の人々とともに、マオクの息子であるガテの王アキシュのところへ渡って行った。
3Zo vestigde David zich bij Akisj in Gat, hij en zijn mannen, elk met zijn gezin, en David met zijn twee vrouwen: Achinóam uit Jizreël, en Abigáil, de vrouw van Nabal uit Karmel.
3ダビデはガテのアキシュのもとで、彼と彼の人々、それぞれ自分の家族とともに住んだ。ダビデとその二人の妻、エズレル人アヒノアムと、ナバルの妻であったカルメル人アビガイルも一緒であった。
4En toen Saul vernam, dat David naar Gat was gevlucht, vervolgde hij hem niet langer.
4ダビデがガテへ逃げたことがサウルに告げられると、彼はもはやダビデを探さなかった。
5Nu deed David aan Akisj het voorstel: Als ik bij u in de gunst sta, laat men mij dan een woonplaats aanwijzen in een van de steden van het platteland, om mij daar te vestigen; want waarom zou uw dienaar bij u in de hofstad wonen?
5ダビデはアキシュに言った。「もしわたしがあなたの目に恵みを得ているなら、地方の町の一つをわたしに与え、そこに住ませてください。あなたのしもべが王の町にあなたとともに住むべき理由があるでしょうか。」
6Akisj wees hem toen Sikelag aan; vandaar dat Sikelag tot op heden toe aan de koningen van Juda behoort.
6そこでアキシュはその日、彼にツィクラグを与えた。それゆえツィクラグは今日に至るまでユダの王たちに属している。
7De tijd, die David in het land der Filistijnen doorbracht, bedroeg een jaar en vier maanden. Gedurende die tijd
7ダビデがペリシテ人の地方に住んだ日数は一年と四か月であった。
8trok David er met zijn mannen geregeld op uit, om strooptochten te houden bij de Gesjoerieten, de Girzieten en de Amalekieten, die de bewoners van de landstreek waren, welke zich uitstrekt van Télem tot Sjoer, en verder naar Egypte.
8ダビデと彼の人々は上って行って、ゲシュル人、ギルズ人、およびアマレク人を襲撃した。これらの国々は昔からその地に住んでおり、シュルへ行く道を通ってエジプトの地に至るまで住んでいた。
9Had David het land geteisterd, dan liet hij man noch vrouw in leven, maar met een buit van schapen, runderen, ezels, kamelen en kledingstukken keerde hij terug, en meldde zich bij Akisj.
9ダビデはその地を打ち、男も女も一人も生かしておかず、羊、牛、ろば、らくだ、および衣服を奪い取って帰り、アキシュのところへ来た。
10Vroeg Akisj dan: “Bij wie hebt ge vandaag een inval gedaan?” dan zeide David: In de Négeb van Juda, of in de Négeb van Jerachmeël, of in de Négeb van de Kenieten.
10アキシュは言った。「今日、あなたがたはどこへ襲撃をかけたのか。」 ダビデは言った。「ユダの南、エラフメル人の南、およびケニ人の南です。」
11Mannen en vrouwen, die hij anders naar Gat moest brengen, liet David dus niet in leven; want hij dacht: Anders verraden ze mij en zeggen: Dat en dat heeft David gedaan! Zo ging hij al de tijd te werk, dat hij op Filistijnse bodem vertoefde.
11ダビデは男も女も一人も生かしてガテへ連れて来なかった。「彼らが私たちについて告げて、『ダビデはこのように行い、彼がペリシテ人の地方に住んでいる間中ずっと、これが彼のやり方であった』と言うといけない」と考えたからである。
12En Akisj had veel vertrouwen in David; want hij dacht: Hij heeft zich gehaat gemaakt bij zijn volk Israël; hij zal nu altijd mijn dienaar blijven.
12アキシュはダビデを信じて言った。「彼は自分の民イスラエルにすっかり忌み嫌われるようになった。それゆえ、彼はいつまでもわたしのしもべとなるであろう。」

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.