1 Samuel
Chapter 16
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Chinese Union Vers…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
1sprak Jahweh tot Samuël: Hoe lang nog blijft ge treuren over Saul, terwijl Ik hem ontzet heb uit het koningschap over Israël? Vul uw kruik met olie en ga naar Jesse, den Betlehemiet, waarheen Ik u zend; want onder zijn zonen heb Ik mij een koning uitverkoren.
1耶和華對 撒母耳 說:「我既厭棄 掃羅 作 以色列 的王,你為他悲傷要到幾時呢?你將膏油盛滿了角,我差遣你往 伯利恆 人 耶西 那裏去;因為我在他眾子之內,預定一個作王的。」
2Maar Samuël vroeg: Hoe kan ik daarheen gaan? Als Saul het hoort, laat hij mij vermoorden! Jahweh hernam: Ge moet een jong rund met u meenemen en zeggen: Ik kom Jahweh een offer brengen.
2撒母耳 說:「我怎能去呢? 掃羅 若聽見,必要殺我。」耶和華說:「你可以帶一隻牛犢去,就說:『我來是要向耶和華獻祭。』
3Nodig dan Jesse op het offer uit. Ik zal u wel te kennen geven, wat ge moet doen; hem moet ge zalven, dien Ik u aanwijs.
3你要請 耶西 來吃祭肉,我就指示你所當行的事。我所指給你的人,你要膏他。」
4Samuël deed wat Jahweh bevolen had. Toen hij in Betlehem aankwam, gingen de oudsten der stad hem ontsteld tegemoet, en vroegen hem: Brengt uw komst vrede?
4撒母耳 就照耶和華的話去行。到了 伯利恆 ,那城裏的長老都戰戰兢兢地出來迎接他,問他說:「你是為平安來的嗎?」
5Hij antwoordde: Ja, ik kom Jahweh een offer brengen. Heiligt u dus; dan kunt ge aan het offer deelnemen. En hij heiligde Jesse met zijn zonen, en nodigde hen uit op het offer.
5他說:「為平安來的,我是給耶和華獻祭。你們當自潔,來與我同吃祭肉。」 撒母耳 就使 耶西 和他眾子自潔,請他們來吃祭肉。
6Toen zij bij elkaar waren gekomen, en hij Eliab zag, dacht hij: Nu wijst Jahweh zeker zijn gezalfde aan!
6他們來的時候, 撒母耳 看見 以利押 ,就心裏說,耶和華的受膏者必定在他面前。
7Maar Jahweh sprak tot Samuël: Let niet op zijn uiterlijk of op zijn rijzige gestalte; hèm wil Ik niet. Want God ziet niet als een mens; de mens ziet het uiterlijk, maar Jahweh ziet het hart.
7耶和華卻對 撒母耳 說:「不要看他的外貌和他身材高大,我不揀選他。因為, 耶和華 不像人看人:人是看外貌;耶和華是看內心。」
8Toen riep Jesse Abinadab en stelde hem aan Samuël voor. Deze dacht: Hèm heeft Jahweh evenmin uitverkoren.
8耶西 叫 亞比拿達 從 撒母耳 面前經過, 撒母耳 說:「耶和華也不揀選他。」
9Ook van Sjamma, die daarop aan Samuël voorgesteld werd, dacht hij: Ook hèm heeft Jahweh niet uitverkoren.
9耶西 又叫 沙瑪 從 撒母耳 面前經過, 撒母耳 說:「耶和華也不揀選他。」
10Zo stelde Jesse zijn zeven zonen aan Samuël voor; maar Samuël zei tot Jesse: Geen van hen heeft Jahweh uitverkoren.
10耶西 叫他七個兒子都從 撒母耳 面前經過, 撒母耳 說:「這都不是耶和華所揀選的。」
11Daarop vroeg hij hem: Zijn dat al uw zonen? Jesse antwoordde: De jongste ontbreekt nog; die is bij de kudde. Maar Samuël sprak tot Jesse: Laat hem dan halen; want wij gaan niet aan tafel, voordat hij hier is.
11撒母耳 對 耶西 說:「你的兒子都在這裏嗎?」他回答說:「還有個小的,現在放羊。」 撒母耳 對 耶西 說:「你打發人去叫他來;他若不來,我們必不坐席。」
12Hij liet hem dus halen. Het bleek een blonde jongeman te zijn, met mooie ogen en een prettig voorkomen. Nu sprak Jahweh: Sta op. Hem moet ge zalven; want hij is het!
12耶西 就打發人去叫了他來。他面色光紅,雙目清秀,容貌俊美。耶和華說:「這就是他,你起來膏他。」
13Samuël nam dus de oliekruik, en zalfde hem in de kring van zijn broeders. En van die dag af rustte de geest van Jahweh op David. Daarna keerde Samuël naar Rama terug.
13撒母耳 就用角裏的膏油,在他諸兄中膏了他。從這日起,耶和華的靈就大大感動 大衛 。 撒母耳 起身回 拉瑪 去了。
14De geest van Jahweh was van Saul geweken; nu kwelde hem een boze geest, door Jahweh gezonden.
14耶和華的靈離開 掃羅 ,有惡魔從耶和華那裏來擾亂他。
15Daarom zeiden de dienaren van Saul tot hem: Zie toch, hoe een boze geest van God u kwelt.
15掃羅 的臣僕對他說:「現在有惡魔從上帝那裏來擾亂你。
16Als onze heer het verlangt, staan uw dienaren voor u gereed, om iemand te zoeken, die citer kan spelen. Mocht de boze geest van God u overvallen, dan zal zijn spel u goed doen.
16我們的主可以吩咐面前的臣僕,找一個善於彈琴的來,等上帝那裏來的惡魔臨到你身上的時候,使他用手彈琴,你就好了。」
17Daarop gaf Saul aan zijn dienaars bevel: Ziet eens voor mij naar iemand uit, die goed kan spelen, en brengt hem bij me.
17掃羅 對臣僕說:「你們可以為我找一個善於彈琴的,帶到我這裏來。」
18Een van zijn hovelingen antwoordde: Wel, ik ken een zoon van Jesse, den Betlehemiet, die spelen kan. Het is een dapper man en een echt soldaat, welbespraakt en flink van gestalte, en Jahweh is met hem.
18其中有一個少年人說:「我曾見 伯利恆 人 耶西 的一個兒子善於彈琴,是大有勇敢的戰士,說話合宜,容貌俊美,耶和華也與他同在。」
19Saul zond dus boden naar Jesse met het verzoek: Stuur mij uw zoon David, die bij de kudde is.
19於是 掃羅 差遣使者去見 耶西 ,說:「請你打發你放羊的兒子 大衛 到我這裏來。」
20Daarop nam Jesse een ezel, belaadde hem met brood, een leren zak wijn en een geitebokje, en liet dat door zijn zoon David naar Saul brengen.
20耶西 就把幾個餅和一皮袋酒,並一隻山羊羔,都馱在驢上,交給他兒子 大衛 ,送與 掃羅 。
21Zo kwam David bij Saul en werd hij zijn dienaar. En zoveel hield Saul van hem, dat hij hem tot zijn wapendrager benoemde,
21大衛 到了 掃羅 那裏,就侍立在 掃羅 面前。 掃羅 甚喜愛他,他就作了 掃羅 拿兵器的人。
22en aan Jesse liet vragen: Laat David mijn dienaar blijven; want hij heeft genade gevonden in mijn ogen.
22掃羅 差遣人去見 耶西 ,說:「求你容 大衛 侍立在我面前,因為他在我眼前蒙了恩。」
23En telkens als de geest van God Saul overviel, nam David de citer en speelde erop; dan kalmeerde Saul en voelde zich beter, omdat de boze geest van hem week.
23從上帝那裏來的惡魔臨到 掃羅 身上的時候, 大衛 就拿琴,用手而彈, 掃羅 便舒暢爽快,惡魔離了他。

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.