1 Korintiers
Chapter 12
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Old Persian Versio…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Old Persian Version (ترجمه قدیم)
1Wat de Geestesgaven betreft, broeders, wil ik u niet in het onzekere laten;
1اما درباره عطایای روحانی، ای برادران نمی خواهم شما بی‌خبر باشید.
2gij weet het, toen gij heidenen waart, was het blindelings, dat gij naar de stomme afgoden werdt heengedreven.
2می دانید هنگامی که امت‌ها می‌بودید، به سوی بتهای گنگ برده می‌شدید بطوری که شما رامی بردند.
3Daarom maak ik u bekend, dat niemand, die spreekt door Gods Geest, zegt: “Vervloekt zij Jesus;” en dat niemand zeggen kan: “Heer Jesus,” dan door den heiligen Geest.
3پس شما را خبر می‌دهم که هرکه متکلم به روح خدا باشد، عیسی را اناتیمانمی گوید و احدی جزیه روح‌القدس عیسی راخداوند نمی تواند گفت.
4Welnu, er is verscheidenheid van genadegaven, maar er is slechts één Geest;
4و نعمتها انواع است ولی روح همان.
5en verscheidenheid van bedieningen, maar slechts één Heer;
5وخدمتها انواع است اما خداوند همان.
6en verscheidenheid van werkingen, maar slechts één God, die alles in allen werkt.
6و عملهاانواع است لکن همان خدا همه را در همه عمل می‌کند.
7En aan een ieder wordt de Geestesuiting geschonken, om er nut mee te stichten.
7ولی هرکس را ظهور روح بجهت منفعت عطا می‌شود.
8Den één wordt het woord der wijsheid gegeven door den Geest, den ander het woord der kennis door denzelfden Geest,
8زیرا یکی را بوساطت روح، کلام حکمت داده می‌شود و دیگری را کلام علم، بحسب همان روح.
9een ander het geloof door denzelfden Geest, een ander de gaven der genezing door den énen Geest.
9و یکی را ایمان به همان روح و دیگری را نعمتهای شفا دادن به همان روح.
10Aan anderen weer het werken van wonderen, of de profetie, of de onderscheiding der geesten, of de veelheid van talen, of de vertolking der talen;
10و یکی را قوت معجزات ودیگری را نبوت و یکی را تمییز ارواح و دیگری را اقسام زبانها و دیگری را ترجمه زبانها.
11maar dit alles werkt één en dezelfde Geest, die ieder toedeelt, zoals het Hem goeddunkt.
11لکن در جمیع اینها همان یک روح فاعل است که هرکس را فرد بحسب اراده خود تقسیم می‌کند.
12Want zoals het lichaam één is, ofschoon het veel leden heeft, en van de andere kant al de leden van het lichaam, hoe talrijk ook, één lichaam vormen, zo ook Christus.
12زیرا چنانکه بدن یک است و اعضای متعدددارد و تمامی اعضای بدن اگرچه بسیار است یکتن می‌باشد، همچنین مسیح نیز می‌باشد.
13Allen toch, Joden of heidenen, slaven of vrijen, allen zijn we in één Geest tot één lichaam gedoopt, en allen zijn we met één Geest gedrenkt.
13زیرا که جمیع ما به یک روح در یک بدن تعمیدیافتم، خواه یهود، خواه یونانی، خواه غلام، خواه آزاد و همه از یک روح نوشانیده شدیم.
14Want ook het lichaam bestaat niet uit één lid, maar uit meerdere leden.
14زیرابدن یک عضو نیست بلکه بسیار است.
15Al zei de voet: omdat ik geen hand ben, behoor ik niet tot het lichaam; toch behoort hij tot het lichaam.
15اگر پاگوید چونکه دست نیستم از بدن نمی باشم، آیابدین سبب از بدن نیست؟
16En al zei het oor: omdat ik geen oog ben, behoor ik niet tot het lichaam; toch behoort het tot het lichaam.
16و اگر گوش گویدچونکه چشم نیم از بدن نیستم، آیا بدین سبب ازبدن نیست؟
17Zo het lichaam één en al oog was, waar bleef het gehoor; was het één en al gehoor, waar bleef dan de reuk?
17اگر تمام بدن چشم بودی، کجامی بود شنیدن و اگر همه شنیدن بودی کجا می‌بودبوییدن؟
18Maar in werkelijkheid heeft God de leden, elk in het bijzonder, een plaats in het lichaam gegeven, zoals het Hem heeft behaagd.
18لکن الحال خدا هریک از اعضا را دربدن نهاد برحسب اراده خود.
19En van de andere kant, zo alle nu eens één lid vormden, waar bleef dan het lichaam?
19و اگر همه یک عضو بودی بدن کجا می‌بود؟
20Maar in werkelijkheid zijn er veel leden, doch slechts één lichaam.
20اما الان اعضابسیار است لیکن بدن یک.
21Het oog kan niet tot de hand zeggen: Ik heb u niet nodig; het hoofd niet tot de voeten: Ik heb u niet nodig.
21و چشم دست رانمی تواند گفت که محتاج تو نیستم یا سر پایها رانیز که احتیاج به شما ندارم.
22Integendeel, juist de schijnbaar zwakkere leden van het lichaam zijn het meest noodzakelijk;
22بلکه علاوه بر این، آن اعضای بدن که ضعیفتر می‌نمایند، لازم ترمی باشند.
23wat ons in het lichaam minder edel toeschijnt, bekleden we met meer luister; en juist onze oneerbare ledematen ontvangen groter kiesheid;
23و آنها را که پست‌تر اجزای بدن می‌پندارم، عزیزتر می‌داریم و اجزای قبیح ماجمال افضل دارد.
24onze eerbare leden hebben dat niet nodig. Ja, God heeft het lichaam zó samengesteld, dat Hij groter eer gaf aan wat misdeeld is,
24لکن اعضای جمیله ما رااحتیاجی نیست، بلکه خدا بدن را مرتب ساخت بقسمی که ناقص را بیشتر حرمت داد،
25opdat er in het lichaam geen tweedracht zou heersen, maar de leden gelijke zorg voor elkaar zouden dragen.
25تا که جدایی در بدن نیفتد، بلکه اعضا به برابری در فکریکدیگر باشند.
26En wanneer één lid lijdt, lijden alle leden mee; komt één lid in aanzien, alle leden delen in zijn vreugde.
26و اگر یک عضو دردمند گردد، سایر اعضا با آن همدرد باشند و اگر عضوی عزت یابد، باقی اعضا با او به خوشی آیند.
27Welnu, gij zijt het lichaam van Christus, en ieder in het bijzonder zijn leden.
27اما شما بدن مسیح هستید و فرد اعضای آن می‌باشید.
28En in de Kerk heeft God den één aangesteld tot apostel, een ander tot profeet, een derde tot leraar; dan komen de wonderen, dan de gaven der genezing, hulpbetoon, bestuur, de veelheid van talen.
28و خدا قرارداد بعضی را درکلیسا: اول رسولان، دوم انبیا، سوم معلمان، بعدقوات، پس نعمتهای شفا دادن و اعانات و تدابیر واقسام زبانها.
29Zijn allen soms apostelen? Allen profeten? Allen leraars?
29آیا همه رسول هستند، یا همه انبیا، یا همه معلمان، یا همه قوات؟
30Hebben allen de wondermacht, allen de gaven der genezing? Spreken allen in talen, vertolken allen?
30یا همه نعمتهای شفا دارند، یا همه به زبانها متکلم هستند، یا همه ترجمه می‌کنند؟
31Gij hunkert naar de hoogste gaven? Ik wijs u een weg, die nog veel hoger ligt.
31لکن نعمتهای بهتر را به غیرت بطلبید و طریق افضلتر نیز به شمانشان می‌دهم.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.