Numeri 11
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Eens begon het volk tegen Jahweh te klagen, dat het hun slecht ging. Toen Jahweh dat hoorde, ontstak Hij in gramschap; en het vuur van Jahweh laaide onder hen op, en vernielde een hoek van de legerplaats.
1ประชาชนพากันบ่นจนพระยาห์เวห์ทรงได้ยิน เมื่อทรงได้ยินเช่นนั้น พระองค์ก็โกรธจัด ไฟจากพระยาห์เวห์ลุกไหม้ท่ามกลางพวกเขาและเผาผลาญบริเวณรอบนอกบางส่วนของค่าย
2Nu riep het volk tot Moses om hulp; Moses bad tot Jahweh, en het vuur doofde uit.
2ประชาชนร้องขอความช่วยเหลือจากโมเสส โมเสสจึงอธิษฐานต่อพระยาห์เวห์ แล้วไฟก็ดับลง
3Hij noemde die plaats Tabera, omdat het vuur van Jahweh onder hen was ontbrand.
3สถานที่นั้นจึงมีชื่อว่าทาเบราห์ เพราะไฟจากพระยาห์เวห์ได้ลุกไหม้ท่ามกลางพวกเขา
4Een andere keer liet het uitvaagsel, dat zich onder hen ophield, zich door zijn begeerlijkheid meeslepen, zodat ook de Israëlieten weer begonnen te klagen, en zeiden: Gaf men ons maar eens vlees te eten!
4กลุ่มคนที่ปะปนอยู่ท่ามกลางพวกเขาเกิดความอยากอย่างรุนแรง ชาวอิสราเอลก็ร้องไห้อีกและพูดว่า “ใครจะหาเนื้อมาให้เรากิน?
5Wij denken nog terug aan de vis, die we in Egypte voor niets konden eten, en aan de augurken, meloenen, prei, uien en knoflook;
5เรายังจำปลา แตงกวา แตงโม กระเทียมต้น หัวหอม และกระเทียมที่เราเคยกินในอียิปต์โดยไม่ต้องเสียเงิน
6nu drogen we uit, en krijgen we niets dan dat manna te zien.
6แต่ตอนนี้เราเบื่ออาหารเต็มที ไม่มีอะไรให้มองนอกจากมานานี้”
7Het manna leek op korianderzaad, en zag er uit als geurige hars.
7มานามีลักษณะเหมือนเมล็ดผักชี และดูคล้ายยางไม้เบเดลเลียม
8Het volk trok er op uit, om het bijeen te rapen, maalde het met de molen of stampte het fijn in de vijzel, kookte het in een pot, en maakte er koeken van; en het had de smaak van oliegebak.
8ประชาชนเดินไปเก็บมานา แล้วนำไปโม่ด้วยเครื่องโม่หรือตำในครก จากนั้นต้มในหม้อและทำเป็นขนมแผ่น รสชาติคล้ายน้ำมันที่คั้นใหม่
9En wanneer des nachts de dauw op de legerplaats viel, daalde ook het manna erop neer.
9เมื่อมีน้ำค้างลงบนค่ายในเวลากลางคืน มานาก็ตกลงทั่วค่ายด้วย
10Toen Moses het volk hoorde klagen, het ene gezin na het andere, iedereen bij de ingang van zijn tent, ontstak Jahweh in heftige toorn. Maar ook Moses werd boos,
10โมเสสได้ยินประชาชนร้องไห้กันตามครอบครัว แต่ละคนอยู่ที่ทางเข้าเต็นท์ของตน พระยาห์เวห์ทรงโกรธจัดอย่างยิ่ง และโมเสสก็ไม่พอใจ
11en hij sprak tot Jahweh: Waarom doet Gij uw dienaar dit leed aan, en vind ik zo weinig genade in uw ogen, dat Gij mij de last van heel dit volk maar laat torsen?
11โมเสสทูลพระยาห์เวห์ว่า “ทำไมพระองค์จึงทำให้ผู้รับใช้ของพระองค์ต้องลำบากถึงเพียงนี้? ทำไมข้าพเจ้าจึงไม่ได้รับความโปรดปรานจากพระองค์ พระองค์จึงวางภาระของประชาชนทั้งหมดนี้ไว้กับข้าพเจ้า?
12Heb ik al dat volk soms ontvangen of gebaard, dat Gij tegen mij zegt: Draag het in uw schoot, zoals een verpleegster een zuigeling draagt, naar het land, dat Gij aan hun vaderen onder ede beloofd hebt.
12ข้าพเจ้าเป็นผู้ให้กำเนิดประชาชนทั้งหมดนี้หรือ? ข้าพเจ้าเป็นผู้คลอดพวกเขาหรือ พระองค์จึงตรัสกับข้าพเจ้าว่า ‘จงอุ้มพวกเขาไว้แนบอกเหมือนพี่เลี้ยงอุ้มทารกที่ยังดูดนม ไปยังแผ่นดินที่พระองค์ทรงปฏิญาณไว้กับบรรพบุรุษของพวกเขา’?
13Waar haal ik het vlees vandaan, om aan al dat volk te geven; want het jammert tegen mij: Geef ons toch vlees te eten!
13ข้าพเจ้าจะหาเนื้อจากไหนมาให้ประชาชนทั้งหมดนี้? เพราะพวกเขาร้องไห้ต่อหน้าข้าพเจ้าว่า ‘เอาเนื้อมาให้เรากิน’
14Ik kan al dat volk niet alleen dragen: het is mij te zwaar.
14ข้าพเจ้าคนเดียวไม่สามารถแบกภาระของประชาชนทั้งหมดนี้ได้ เพราะหนักเกินกำลังของข้าพเจ้า
15Wanneer Gij mij zo blijft behandelen, dood mij dan liever, indien ik genade gevonden heb in uw ogen, opdat ik mijn ellende niet langer hoef aan te zien.
15ถ้าพระองค์จะทรงปฏิบัติต่อข้าพเจ้าเช่นนี้ และถ้าข้าพเจ้าได้รับความโปรดปรานจากพระองค์ โปรดฆ่าข้าพเจ้าเสียเดี๋ยวนี้เถิด อย่าให้ข้าพเจ้าต้องเห็นความทุกข์ของตนเลย”
16Toen sprak Jahweh tot Moses: Kies Mij zeventig mannen uit onder de oudsten van Israël, van wie ge weet, dat ze de oudsten van het volk en zijn leiders zijn; breng ze bij de openbaringstent en dat zij zich daar met u opstellen.
16พระยาห์เวห์ตรัสกับโมเสสว่า “จงรวบรวมผู้อาวุโสของอิสราเอลมาให้เรา 70 คน ซึ่งเจ้ารู้ว่าเป็นผู้อาวุโสของประชาชนและเป็นเจ้าหน้าที่ปกครองพวกเขา จงพาคนเหล่านั้นมาที่เต็นท์นัดพบ ให้พวกเขายืนอยู่กับเจ้าที่นั่น
17Dan zal Ik afdalen, en daar met u spreken; Ik zal een deel van de geest nemen, die op u rust, en die over hen uitstorten, zodat zij te zamen met u de last van het volk kunnen dragen, en gij die niet alleen hoeft te torsen.
17เราจะลงมาพูดกับเจ้าที่นั่น เราจะแบ่งพระวิญญาณซึ่งอยู่เหนือเจ้าไปวางไว้เหนือพวกเขา แล้วพวกเขาจะช่วยเจ้าแบกภาระของประชาชน เพื่อเจ้าจะไม่ต้องแบกเพียงลำพัง
18En tot het volk moet gij zeggen: Heiligt u voor morgen; dan zult gij vlees eten. Want Jahweh heeft u horen klagen: “Gaf men ons maar eens vlees te eten; wat hadden we het in Egypte toch goed!” Ja, Jahweh zal u vlees te eten geven!
18“จงบอกประชาชนว่า ‘จงชำระตัวให้บริสุทธิ์เพื่อเตรียมพร้อมสำหรับวันพรุ่งนี้ แล้วพวกเจ้าจะได้กินเนื้อ เพราะพวกเจ้าร้องไห้จนพระยาห์เวห์ทรงได้ยินว่า “ใครจะหาเนื้อมาให้เรากิน? ตอนอยู่ในอียิปต์เรามีความเป็นอยู่ดี” ดังนั้นพระยาห์เวห์จะประทานเนื้อให้พวกเจ้า และพวกเจ้าจะได้กิน
19En ge zult het eten, niet enkel één dag, niet twee, vijf, tien of twintig dagen,
19พวกเจ้าจะไม่ได้กินเพียง 1 วัน 2 วัน 5 วัน 10 วัน หรือ 20 วัน
20maar een hele maand lang, totdat het uw neus uitkomt en gij ervan walgt; want gij hebt Jahweh veracht, die in uw midden woont, en tegen Hem durven klagen: “Waarom zijn wij uit Egypte getrokken?”
20แต่จะกินตลอดทั้งเดือน จนเนื้อล้นออกมาทางจมูกและพวกเจ้ารังเกียจมัน เพราะพวกเจ้าปฏิเสธพระยาห์เวห์ผู้ทรงอยู่ท่ามกลางพวกเจ้า และร้องไห้ต่อหน้าพระองค์ว่า “ทำไมเราจึงออกมาจากอียิปต์?”’”
21En Moses zei: Het volk waaronder ik toef, is zeshonderd duizend man sterk, en Gij zegt: “Ik zal het een maand lang vlees laten eten!”
21โมเสสทูลว่า “ประชาชนที่ข้าพเจ้าอยู่ท่ามกลางมีชายเดินเท้า 600,000 คน แต่พระองค์ตรัสว่า ‘เราจะให้เนื้อพวกเขากินตลอดทั้งเดือน’
22Kunnen er voor hen genoeg schapen en runderen worden geslacht; of als men alle vissen uit de zee voor hen ving, zou dat genoeg voor hen zijn?
22ถ้าฆ่าแกะกับโคทั้งฝูงให้พวกเขา จะเพียงพอหรือ? ถ้ารวบรวมปลาทั้งหมดในทะเลมาให้พวกเขา จะเพียงพอหรือ?”
23Jahweh gaf Moses ten antwoord: Is Jahweh’s hand soms te kort? Nu zult ge zien, of mijn woord uitkomt, of niet!
23พระยาห์เวห์ตรัสกับโมเสสว่า “พระหัตถ์ของพระยาห์เวห์สั้นเกินจะเอื้อมถึงแล้วหรือ? บัดนี้เจ้าจะได้เห็นว่าถ้อยคำของเราจะเกิดขึ้นจริงกับเจ้าหรือไม่”
24Toen trad Moses naar buiten, en deelde het volk mee, wat Jahweh gezegd had. Hij koos zeventig mannen uit onder de oudsten van het volk, en stelde ze op rond de Tent.
24โมเสสออกไปบอกถ้อยคำของพระยาห์เวห์แก่ประชาชน แล้วรวบรวมผู้อาวุโสของประชาชน 70 คน ให้ยืนล้อมรอบเต็นท์
25Nu daalde Jahweh neer in de wolk, en sprak tot hem; en Hij nam een deel van de geest, die op Moses rustte, en stortte die over de zeventig oudsten uit. Zodra de geest op hen rustte, profeteerden zij en hielden niet op.
25พระยาห์เวห์ลงมาในเมฆและตรัสกับโมเสส พระองค์ทรงแบ่งพระวิญญาณซึ่งอยู่เหนือโมเสสไปวางไว้เหนือผู้อาวุโสทั้ง 70 คน เมื่อพระวิญญาณมาอยู่เหนือพวกเขา พวกเขาก็กล่าวคำเผยพระวจนะ แต่หลังจากนั้นไม่ได้ทำอีก
26Nu waren er twee van die mannen in de legerplaats achtergebleven; de een heette Eldad, de ander Medad. Daar ze waren opgetekend, rustte de geest ook op hen. En ofschoon ze niet naar de Tent waren gegaan, profeteerden ze toch in de legerplaats.
26ยังมีชาย 2 คนอยู่ในค่าย คนหนึ่งชื่อเอลดาด อีกคนหนึ่งชื่อเมดาด พระวิญญาณมาอยู่เหนือพวกเขา ทั้งสองมีชื่ออยู่ในรายชื่อ แต่ไม่ได้ออกไปที่เต็นท์ พวกเขาจึงกล่าวคำเผยพระวจนะอยู่ในค่าย
27Een knaap ging het ijlings aan Moses berichten, en zeide: Eldad en Medad zijn in de legerplaats aan het profeteren.
27ชายหนุ่มคนหนึ่งวิ่งมาบอกโมเสสว่า “เอลดาดกับเมดาดกำลังกล่าวคำเผยพระวจนะอยู่ในค่าย!”
28En Josuë, de zoon van Noen, die Moses van zijn jeugd af gediend had, drong aan: Moses, mijn meester, belet het hun.
28โยชูวาบุตรนูน ผู้รับใช้ของโมเสสและเป็นหนึ่งในคนที่เขาเลือกไว้ พูดว่า “ท่านโมเสสผู้เป็นนายของข้าพเจ้า โปรดห้ามพวกเขาเถิด!”
29Maar Moses gaf hem ten antwoord: Zijt gij afgunstig om mijnentwille? O, mocht heel het volk van Jahweh profeet zijn, omdat Jahweh zijn geest op hen had gelegd!
29โมเสสตอบเขาว่า “เจ้ากำลังร้อนใจแทนข้าหรือ? ข้าอยากให้ประชาชนทั้งหมดของพระยาห์เวห์เป็นผู้เผยพระวจนะ และอยากให้พระยาห์เวห์วางพระวิญญาณของพระองค์ไว้เหนือพวกเขา!”
30Daarna trok Moses zich met de oudsten van Israël in het legerkamp terug.
30แล้วโมเสสกับบรรดาผู้อาวุโสของอิสราเอลก็กลับเข้าไปในค่าย
31Daarop zond Jahweh een wind, die uit de zee kwartels aanvoerde, en ze twee ellen boven de grond over de legerplaats joeg, en rondom de legerplaats een dagreis ver naar alle kanten.
31ลมจากพระยาห์เวห์พัดออกมา พาฝูงนกคุ่มจากทะเลมาปล่อยให้ตกลงข้างค่าย แผ่ออกไปโดยรอบค่าย ด้านนี้ไกลประมาณระยะเดินทาง 1 วัน และอีกด้านหนึ่งก็ไกลประมาณระยะเดินทาง 1 วัน ฝูงนกอยู่สูงจากพื้นดินประมาณ 2 ศอก
32En het volk bleef heel die dag en die nacht, en nog heel de volgende dag in de weer, om de kwartels te vangen; die het minst ving had nog tien chómer. Zij spreidden ze wijd rond de legerplaats uit.
32ประชาชนออกไปเก็บนกคุ่มตลอดวันนั้น ตลอดคืนนั้น และตลอดวันรุ่งขึ้น คนที่เก็บได้น้อยที่สุดยังเก็บได้ 10 โฮเมอร์ แล้วพวกเขาก็นำนกเหล่านั้นไปวางเรียงไว้รอบค่าย
33Maar nog was het vlees onverteerd tussen hun tanden of daar barstte Jahweh’s gramschap los tegen het volk, en richtte Jahweh een grote slachting onder hen aan.
33ขณะที่เนื้อยังคาอยู่ในปาก ก่อนที่พวกเขาจะเคี้ยว พระยาห์เวห์ทรงโกรธประชาชนอย่างรุนแรง และพระยาห์เวห์ทรงลงโทษพวกเขาด้วยภัยพิบัติร้ายแรงมาก
34Daarom noemde men die plaats Kibrot-Hattaäwa; want men begroef daar het volk, dat gulzig was geweest.
34สถานที่นั้นจึงมีชื่อว่าคิบโรทฮัททาอาวาห์ เพราะที่นั่นพวกเขาฝังคนที่มีความอยาก
35Van Kibrot-Hattaäwa trok het volk naar Chaserot op, en het bleef te Chaserot.
35ประชาชนเดินทางจากคิบโรทฮัททาอาวาห์ไปยังฮาเซโรท และพักอยู่ที่ฮาเซโรท
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.