Handelingen
Chapter 3
Petrus Canisius Bible, 1…

Read in

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Old Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)
vs Chinese Union Vers…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
1Eens gingen Petrus en Johannes naar de tempel tegen het negende uur, het uur van het gebed.
1申初禱告的時候, 彼得 、 約翰 上 聖 殿去。
2Daar was een man, die verlamd was van de schoot zijner moeder af, en gedragen moest worden; iedere dag zette men hem bij de tempelpoort neer, die de Schone werd genoemd, om aan de tempelbezoekers een aalmoes te vragen.
2有一個人,生來是瘸腿的,天天被人抬來,放在殿的一個門口(那門名叫美 門 ),要求進殿的人賙濟。
3Toen hij Petrus en Johannes zag, die juist de tempel wilden ingaan, vroeg hij hun een aalmoes.
3他看見 彼得 、 約翰 將要進殿,就求他們賙濟。
4Tegelijk met Johannes zag Petrus hem aan, en sprak: Kijk ons eens aan.
4彼得 、 約翰 定睛看他; 彼得 說:「你看我們!」
5Hij keek hen aan, in de hoop, dat hij van hen iets zou krijgen.
5那人就留意看他們,指望得着甚麼。
6Maar Petrus sprak: Zilver of goud heb ik niet; wat ik wèl heb, geef ik u: In de naam van Jesus Christus van Názaret, sta op en ga.
6彼得 說:「金銀我都沒有,只把我所有的給你:我奉 拿撒勒 人耶穌基督的名,叫你起來行走!」
7Hij nam hem bij de rechterhand, en richtte hem op. Terstond kwam er kracht in zijn voeten en enkels;
7於是拉着他的右手,扶他起來;他的腳和踝子骨立刻健壯了,
8hij sprong op en stond overeind; hij liep, en ging met hen de tempel binnen; stappend en springend verheerlijkte hij God.
8就跳起來,站着,又行走,同他們進了殿,走着,跳着,讚美上帝。
9Al het volk zag hem lopen en God verheerlijken.
9百姓都看見他行走,讚美上帝;
10Zij herkenden in hem den man, die gewoonlijk bij tempelpoort, de Schone, zat te bedelen; en ze waren heel verbaasd en ontzet, om wat er met hem was gebeurd.
10認得他是那素常坐在殿的美門口求賙濟的,就因他所遇着的事滿心希奇、驚訝。
11En daar hij Petrus en Johannes bleef volgen, liep al het volk verbaasd naar hen toe in de zuilengang van Sálomon.
11那人正在稱為 所羅門 的廊下,拉着 彼得 、 約翰 ;眾百姓一齊跑到他們那裏,很覺希奇。
12Toen Petrus dit zag, richtte hij het woord tot het volk: Mannen van Israël, wat staat gij hierover verbaasd, of wat staart gij ons aan, als hadden wij hem door eigen kracht of vroomheid doen gaan?
12彼得 看見,就對百姓說:「 以色列 人哪,為甚麼把這事當作希奇呢?為甚麼定睛看我們,以為我們憑自己的能力和虔誠使這人行走呢?
13De God van Abraham, van Isaäk, en Jakob, de God onzer vaderen, heeft Jesus zijn Dienaar verheerlijkt, dien gij hebt overgeleverd en voor Pilatus verloochend, toen deze besloot, Hem in vrijheid te stellen.
13亞伯拉罕 、 以撒 、 雅各 的上帝,就是我們列祖的上帝,已經榮耀了他的僕人耶穌;你們卻把他交付 彼拉多 。 彼拉多 定意要釋放他,你們竟在 彼拉多 面前棄絕了他。
14Gij hebt den Heilige en Rechtvaardige verloochend. Gij hebt het als een gunst verzocht, dat een moordenaar genade ontving;
14你們棄絕了那聖潔公義者,反求着釋放一個兇手給你們。
15maar den Leidsman ten leven hebt gij gedood. Maar God heeft Hem opgewekt uit de doden; daarvan zijn wij de getuigen.
15你們殺了那生命的主,上帝卻叫他從死裏復活了;我們都是為這事作見證。
16En om het geloof in zijn Naam heeft Hij dezen man, dien gij ziet en herkent, weer krachtig gemaakt. Zijn Naam en het geloof dat Hij heeft verleend, heeft hem voor uw aller oog de volkomen genezing geschonken.
16我們因信他的名,他的名便叫你們所看見所認識的這人健壯了;正是他所賜的信心,叫這人在你們眾人面前全然好了。
17Broeders, ik weet het wel, dat gij uit onwetendheid hebt gehandeld, en uw leiders eveneens.
17弟兄們,我曉得你們做這事是出於不知,你們的官長也是如此。
18God heeft vervuld, wat Hij door de mond van alle profeten voorzegd had: dat zijn Christus zou lijden.
18但上帝曾藉眾先知的口,預言基督將要受害,就這樣應驗了。
19Doet boete nu en bekeert u, opdat uw zonden worden uitgewist;
19所以,你們當悔改歸正,使你們的罪得以塗抹,
20opdat de tijden mogen aanbreken van ‘s Heren verkwikking, en opdat Hij Jesus doet komen, die u als de Christus is voorbestemd,
20這樣,那安舒的日子就必從主面前來到;主也必差遣所預定給你們的基督(耶穌)降臨。
21en die nu in de hemel moet blijven wonen tot aan de tijden van het herstel aller dingen, waarvan God van ouds heeft gesproken door de mond zijner heilige profeten.
21天必留他,等到萬物復興的時候,就是上帝從創世以來、藉着聖先知的口所說的。
22Moses toch heeft gezegd: “God, de Heer, zal voor u uit uw broeders een profeet doen opstaan, aan mij gelijk; naar Hem moet gij luisteren in alles wat Hij u zegt.
22摩西 曾說:『主-上帝要從你們弟兄中間給你們興起一位先知像我,凡他向你們所說的,你們都要聽從。
23En iedereen, die niet luistert naar dezen profeet, zal worden uitgeroeid uit het volk.”
23凡不聽從那先知的,必要從民中全然滅絕。』
24En al de profeten, allen, die van Sámuël af en na hem hebben gesproken, hebben ook deze dagen voorspeld.
24從 撒母耳 以來的眾先知,凡說預言的,也都說到這些日子。
25Welnu, gij zijt de zonen van de profeten en van het Verbond, dat God met uw vaderen sloot, toen Hij tot Abraham sprak: “En in uw zaad zullen al de geslachten der aarde worden gezegend.”
25你們是先知的子孫,也承受上帝與你們祖宗所立的約,就是對 亞伯拉罕 說:『地上萬族都要因你的後裔得福。』
26Tot u het eerst heeft God dus zijn Dienaar gezonden, dien Hij verwekt heeft, om u allen te zegenen, zo gij u van uw boosheid bekeert.
26上帝既興起他的僕人,就先差他到你們這裏來,賜福給你們,叫你們各人回轉,離開罪惡。」

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.