2 Korintiers
Chapter 2

2 Korintiers

Petrus Canisius Bible, 1…
vs Daničić–Karadžić B…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Daničić–Karadžić Bible (1868), Cyrillic
1Ik had me daarom voorgenomen, niet meer bij u terug te komen in droefheid.
1Ово пак судих у себи да опет не дођем к вама у жалости.
2Want indien ik ú bedroef, wie moet mij dan verblijden? Tenslotte hij alleen, die zelf door mij zou zijn bedroefd.
2Јер ако ја чиним жалост вама, ко је који ће мене веселити осим оног који прима жалост од мене?
3En om dezelfde reden heb ik u ook geschreven, opdat ik bij mijn komst niet bedroefd zou worden door hen, over wie ik mij verheugen moest; ik vertrouwde daarbij van u allen, dat mijn blijdschap ook uw aller blijdschap zou zijn.
3И писах вам ово исто, да кад дођем не примим жалост на жалост, а за које би ваљало да се веселим надајући се на све вас да је моја радост свих вас.
4Waarlijk in grote bekommernis en beklemming van hart heb ik u onder veel tranen geschreven, niet opdat gij bedroefd zoudt worden, maar opdat gij de liefde zoudt leren kennen, die ik u zo vurig toedraag.
4Јер од бриге многе и туге срца написах вам с многим сузама, не да бисте се ожалостили него да бисте познали љубав коју имам изобилно к вама.
5Wanneer zeker iemand droefheid heeft veroorzaakt, dan heeft hij niet mij bedroefd, maar enigszins althans, om niet te overdrijven, u allen.
5Ако ли је ко мене ражалио, не ражали мене, до неколико, да не отежам свима вама.
6Voor die persoon is de bestraffing, door de meerderheid opgelegd, voldoende geweest,
6Јер је довољно таквоме кар овај од многих.
7zodat gij hem nu maar vergiffenis moest schenken en bemoedigen, opdat hij niet door overdreven droefheid te gronde gaat.
7Зато ви, насупрот, већма да опраштате и тешите, да такав како не падне у превелику жалост.
8Ik dring er dus op aan, hem door een openlijk besluit weer in liefde aan te nemen.
8Зато вас молим, утврдите к њему љубав.
9Want ook hierom heb ik u geschreven, om proefondervindelijk van u te weten, of gij in alles gehoorzaam zijt.
9Јер вам зато и писах, да познам поштење ваше јесте ли у свачему послушни.
10En wien gij iets vergeeft, dien schenk ook ik vergiffenis. En wat ik vergeven heb, —zo ik tenminste iets te vergeven heb, —dat heb ik voor Christus’ aanschijn vergeven om uwentwil,
10А коме ви шта опростите оном опраштам и ја; јер ја ако шта коме опростих, опростих му вас ради место Исуса Христа,
11opdat de satan geen voorsprong op ons krijgt; want over zijn bedoelingen tasten we niet in het duister.
11да нас не превари сотона; јер знамо шта он мисли.
12Toen ik nu in Troas was aangekomen, om er Christus te preken, en mij door den Heer de deur daartoe was opengezet,
12А кад дођох у Троаду да проповедам јеванђеље Христово, и отворише ми се врата у Господу,
13had ik toch geen rust voor mijn geest, omdat ik er mijn broeder Titus niet aantrof; maar ik nam afscheid van hen, en vertrok naar Macedónië.
13не имадох мира у духу свом, не нашавши Тита, брата свог; него опростивши се с њима изиђох у Македонију.
14God zij dank! Overal toch leidt Hij ons rond tot Christus’ triomf; allerwege verspreidt Hij door ons de geur van diens kennis.
14Али хвала Богу који свагда нама даје победу у Христу Исусу, и кроз нас јавља мирис познања свог на сваком месту.
15Want Christus’ geur zijn wij voor God, zowel bij hen die worden gered, als bij hen die ten verderve gaan:
15Јер смо ми Христов мирис Богу и међу онима који се спасавају и који гину:
16voor den één een doodslucht ten dode, voor den ander een levensgeur ten leven. Wie is tot zulk een taak bekwaam?
16Једнима дакле мирис смртни за смрт, а другима мирис животни за живот. И за ово ко је вредан?
17Wij; daar we niet als veel anderen handel drijven met Gods woord, maar met zuivere bedoelingen spreken, op gezag van God, ten overstaan van God, en in Christus.
17Јер ми нисмо као многи који нечисто проповедају реч Божију, него из чистоте, и као из Бога, пред Богом, у Христу говоримо.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.