ゼパニヤ書 3
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Translation
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1反逆し、汚れ、虐げを行う町には災いがある。
1Wee, de opstandige en bevlekte, De stad van geweld:
2彼女は御声に従わず、戒めを受け入れなかった。主に信頼せず、自分の神に近づかなかった。
2Die naar geen vermaning luistert, En zich niet laat gezeggen; Die niet op Jahweh vertrouwt, Tot haar God niet wil naderen!
3その中にいる君主たちは、ほえる獅子である。その裁き人たちは夕暮れの狼であり、朝まで何一つ残さない。
3Haar vorsten binnen haar muren zijn brullende leeuwen, Haar rechters steppenwolven, die niets tot de morgen bewaren;
4その預言者たちは高慢で、裏切る者たちである。その祭司たちは聖所を汚し、律法を踏みにじった。
4Haar profeten ijdele zwetsers, Trouweloze mannen; Haar priesters bezoedelen het heilige, En verkrachten de wet.
5その中におられる主は義なる方であり、不正を行われない。朝ごとにご自分の公正を明るみに出し、決して欠かすことがない。しかし不義な者は恥を知らない。
5Jahweh was in haar midden rechtvaardig, Hij pleegde geen onrecht! Iedere morgen sprak Hij recht; Hij bracht het recht aan het licht, Het liet nooit op zich wachten: Maar de boze wist van geen schaamte!
6「私は国々を断ち滅ぼした。その胸壁は荒れ果てた。私はその通りを荒れ地とし、通る者がいなくなった。その町々は滅ぼされ、人も住民もいなくなった。
6Ik heb die trotsaards vernield, Hun torens verwoest, Hun wegen ontvolkt, Niemand trok er meer over; Hun steden lagen in puin, Zonder mensen, zonder bewoners.
7私は言った。『ただ私を恐れ、戒めを受けよ。そうすれば、その住まいは断ち滅ぼされず、彼女について定めたすべての罰を免れる。』しかし彼らは、いち早くそのすべての行いを腐敗させた。」
7Ik sprak: Zo zult ge Mij vrezen, En u laten gezeggen; Zo zal er niets aan haar ogen ontsnappen, Van al wat Ik haar heb gelast! Maar ze hebben zich enkel beijverd, Al hun werken te verpesten!
8「それゆえ、私を待て」と主は言われる。「私が立ち上がって獲物を取る日まで。私は国々を集め、諸王国を召集し、その上に私の憤り、燃える怒りのすべてを注ぐことを定めた。全地は私のねたみの火で焼き尽くされる。
8Maar wacht Mij nu af, is de godsspraak van Jahweh, Op de Dag, dat Ik Mij als getuige verhef! Want Ik heb besloten, de volkeren te verzamelen, En koninkrijken op te roepen: Om mijn woedende, ziedende toorn over hen uit te storten; Door het vuur van mijn nijd wordt de hele aarde verteerd!
9その時、私は諸民族の唇を清める。彼らが皆、主の御名を呼び求め、肩を並べて主に仕えるためである。
9Maar dan zal Ik de volkeren Reine lippen verstrekken, Opdat allen de Naam van Jahweh aanroepen, En Hem dienen, schouder aan schouder.
10クシュの川々の彼方から、散らされた私の民、私を礼拝する者たちが、私へのささげ物を携えて来る。
10Dan komen van over de stromen van Koesj mijn aanbidders, Met mijn verstrooide Dochter Mij spijsoffers brengen!
11その日、あなたは、私に背いて行ったすべての行いのために恥じることはない。その時、私はあなたの中から、高慢に勝ち誇る者たちを取り除く。あなたは私の聖なる山で、もう高ぶることはない。
11Op die dag behoeft gij u niet meer te schamen Over al uw werken, waarmee ge tegen Mij hebt gezondigd; Want dan verwijder Ik uit uw kring uw ijdele zwetsers, Ge zult niet hoogmoedig meer zijn op mijn heilige berg:
12私はあなたの中に、苦しめられた貧しい民を残す。彼らは主の御名を避け所とする。
12Ik behoud een ootmoedig en nederig volk in uw midden, Dat zijn toevlucht zoekt bij Jahweh’s Naam.
13イスラエルの残りの者は不義を行わず、偽りを語らない。その口に欺く舌はない。彼らは食べ、身を横たえる。彼らを恐れさせる者は一人もいない。」
13Dan zal Israëls Rest geen kwaad meer bedrijven, Geen leugens meer spreken, En wordt in hun mond Geen bedriegelijke tong meer gevonden. Neen, ze zullen weiden en rusten, Niemand schrikt ze meer op!
14シオンの娘よ、歌え。イスラエルよ、喜び叫べ。エルサレムの娘よ、心を尽くして喜び、楽しめ。
14Jubel, dochter van Sion; Israël, juich; Verheug en verblijd u, dochter van Jerusalem, met heel uw hart:
15主はあなたへの裁きを取り除き、あなたの敵を追い払われた。イスラエルの王である主があなたの中におられる。あなたはもう災いを恐れない。
15Want Jahweh heft uw straffen op, En ruimt uw vijand uit de weg; Jahweh, Israëls Koning, is in uw midden, Gij zult geen rampen meer zien!
16その日、エルサレムにはこう言われる。「恐れるな、シオンよ。手を垂れるな。」
16Op die dag zal men tot Jerusalem zeggen: Vrees niet Sion, laat uw handen niet hangen;
17あなたの神、主はあなたの中におられる。救いをもたらす勇士である。主は喜びに満ちてあなたを楽しみ、その愛のうちにあなたを静め、歌声を上げてあなたのゆえに喜ばれる。
17Jahweh, uw God, is te midden van u, een reddende Held. Hij zal om u juichen van vreugde, En zijn liefde vernieuwen, Als op een feestdag huppelen van blijdschap om u!
18「例祭のために嘆く者たちを、私はあなたから取り除く。彼らはあなたの重荷、あなたのそしりであった。
18Ik neem uit u weg, die u hebben geschandvlekt,
19見よ、 その時、私はあなたを苦しめるすべての者を処罰する。歩けない者を救い、追い散らされた者を集める。全地で恥を受けていた者たちに、称賛と誉れを与える。
19Zie, Ik verniel op die Dag uw verdrukkers; Dan red Ik de kreupelen, En voer de verstrooiden bijeen; Ik breng hen tot glorie en eer Over heel de aarde, waar ze werden gehoond.
20その時、私はあなたがたを連れて来る。その時、あなたがたを集める。あなたがたの目の前で繁栄を回復する時、地のすべての民の間で、あなたがたに誉れと称賛を与える」と主は言われる。
20In die tijd leid Ik u terug, In die tijd verzamel Ik u! Waarachtig, dan schenk Ik u glorie en eer Onder alle volken der aarde, Als Ik uw lot voor uw ogen Ten beste heb gekeerd, spreekt Jahweh!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.