Hebreus 8
Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Ora, o ponto principal do que estamos dizendo é este: temos tal sumo sacerdote, que se assentou à direita do trono da Majestade nos céus,
1Hoofdzaak echter van wat gesproken wordt, is het volgende: Een zo groot Hogepriester hebben we, dat Hij gezeten is ter rechterzijde van de troon der Majesteit in de hemelen,
2ministro do santuário e do verdadeiro tabernáculo que o Senhor ergueu, e não o homem.
2en dat Hij Bedienaar is van het Heiligdom en van het ware Tabernakel, dat de Heer heeft opgericht, en niet een mens.
3Pois todo sumo sacerdote é constituído para oferecer tanto dádivas como sacrifícios. Portanto, é necessário que este sumo sacerdote também tenha algo a oferecer.
3Want iedere hogepriester is aangesteld, om gaven en offers te brengen; daarom moet ook Hij iets hebben, om te offeren.
4Pois se ele estivesse na terra, nem mesmo seria sacerdote, visto que existem sacerdotes que oferecem as dádivas de acordo com a lei,
4Welnu, indien Hij op aarde was, dan zou Hij zelfs niet eens priester zijn. Want daar zijn offeraars volgens de Wet,
5Eles servem a uma cópia e sombra das coisas celestiais, assim como Moisés foi advertido por Deus quando estava para construir o tabernáculo. Pois ele disse: “Veja que faça tudo de acordo com o modelo que lhe foi mostrado no monte.”
5en deze verrichten de dienst bij het afbeeldsel, de schaduw der hemelse dingen; zoals dit aan Moses, toen hij het tabernakel wilde vervaardigen, door een godsspraak werd duidelijk gemaakt, daar Hij sprak: “Zorg er voor, dat ge alles vervaardigt naar het model, dat u op de berg is getoond.”
6Mas agora ele obteve um ministério mais excelente, pois é mediador de uma aliança melhor, estabelecida por lei com base em promessas melhores.
6Maar thans heeft Hij een veel voortreffelijker bediening ontvangen, naarmate het Verbond, waarvan Hij Middelaar werd, volmaakter is, en op volmaaktere beloften rust.
7Pois se aquela primeira aliança tivesse sido sem defeito, não haveria necessidade de uma segunda.
7Want zo het eerste zonder gebrek was geweest, dan zou er geen plaats zijn gezocht voor een tweede.
8Pois, ao censurá-los, ele disse: “Eis que dias vêm”, diz o Senhor, “em que farei uma nova aliança com a casa de Israel e com a casa de Judá;
8Maar Hij zegt, om hen te berispen: Ziet, de dagen komen, Spreekt de Heer, Dat Ik met het huis van Israël En met het huis van Juda Een nieuw Verbond zal sluiten.
9não de acordo com a aliança que fiz com seus pais no dia em que os tomei pela mão para tirá-los da terra do Egito; pois eles não permaneceram na minha aliança, e eu os desconsiderei”, diz o Senhor.
9Niet als het verbond, dat Ik met hun vaderen sloot, Toen Ik ze bij de hand heb gevat, Om ze uit het land van Egypte te leiden. Want zij deden mijn verbond niet gestand, En Ik bekommerde Mij niet over hen, Spreekt de Heer.
10“Pois esta é a aliança que farei com a casa de Israel depois daqueles dias”, diz o Senhor: “Porei as minhas leis em sua mente; também as escreverei em seu coração. Eu serei o seu Deus, e eles serão o meu povo.
10Maar dit is het Verbond, dat Ik sluit Met Israëls huis na deze dagen, spreekt de Heer. Mijn wetten zal Ik prenten in hun verstand, Ik zal ze schrijven op hun hart; En Ik zal hun God, Zij zullen mijn volk zijn!
11Eles não ensinarão, cada um ao seu concidadão e cada um ao seu irmão, dizendo: ‘Conheça o Senhor’, pois todos me conhecerão, desde o menor até o maior deles.
11Dan behoeven ze elkander niet meer te leren, De een tot den ander niet te zeggen: Leert den Heer kennen. Neen, dan zullen zij allen Mij kennen, Kleinen en groten;
12Pois serei misericordioso para com as suas injustiças. Não me lembrarei mais dos seus pecados e dos seus atos iníquos.”
12Want dan zal Ik hun ongerechtigheden genadig zijn, Hun zonden niet langer gedenken.
13Ao dizer: “Uma nova aliança”, ele tornou a primeira obsoleta. Ora, aquilo que se torna obsoleto e envelhece está perto de desaparecer.
13Door van een nieuw Verbond te spreken, heeft Hij het vroegere verouderd verklaard; welnu, wat verouderd is en afgeleefd, is zijn opheffing nabij.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.