Apokalyps 16
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1Toen hoorde ik een machtige stem uit de tempel, die tot de zeven engelen sprak: “Gaat heen, en giet de zeven schalen van Gods gramschap leeg op de aarde.”
1また、神殿から大きな声が出て、七人の御使いにこう言うのを聞いた。「行って、神の怒りの七つの鉢を地上に注ぎなさい。」
2De eerste ging heen, en goot zijn schaal leeg op de aarde. Kwade en boosaardige zweren braken uit op de mensen, die het merkteken droegen van het Beest en zijn beeld aanbaden.
2第一の御使いが行って、自分の鉢を地に注いだ。すると、獣の印を持ち、その像を礼拝する人々に、悪性で痛みの激しい腫れ物ができた。
3De tweede goot zijn schaal op de zee leeg: Ze werd bloed, als dat van een dode; en alle levende wezens der zee kwamen om.
3第二の御使いが自分の鉢を海に注いだ。すると、海は死人の血のようになり、海にいるすべての生き物が死んだ。
4De derde goot zijn schaal leeg op de rivieren en de waterbronnen: Ze werden bloed.
4第三の御使いが自分の鉢を川と水の泉に注いだ。すると、それらは血になった。
5En den engel der wateren hoorde ik zeggen: Rechtvaardig zijt Gij, de Heilige, die zijt en die waart, Omdat Gij zulke oordelen velt.
5そして、水を支配する御使いがこう言うのを聞いた。「今おられ、かつておられた聖なる方よ、あなたは正しい。このように裁かれたからだ。
6Want ze hebben het bloed Van heiligen en profeten vergoten; Bloed hebt Gij hun te drinken gegeven. Ze hebben het verdiend!
6彼らは聖徒たちと預言者たちの血を流した。それであなたは、彼らに血を飲ませた。彼らには当然の報いである。」
7En het altaar hoorde ik roepen: Ja waarlijk, Heer en almachtige God, Waarachtig en rechtvaardig zijn uw oordelen!
7また、祭壇がこう言うのを聞いた。「そのとおり。主なる神、全能者よ、あなたの裁きは真実で正しい。」
8De vierde engel goot zijn schaal leeg op de zon: Het werd haar gegeven, de mensen te blakeren met vuur;
8第四の御使いが自分の鉢を太陽に注いだ。すると太陽には、火で人々を焼く力が与えられた。
9en de mensen werden geblakerd door geweldige hitte. Maar ze lasterden de Naam van God, die de macht heeft over die plagen; ze bekeerden zich niet, om Hem eer te geven.
9人々は激しい熱で焼かれ、これらの災害を支配する力を持つ神の名を冒涜した。しかし、悔い改めて神に栄光を帰そうとはしなかった。
10De vijfde goot zijn schaal leeg op de troon van het Beest: Zijn rijk werd verduisterd; en ze verbeten hun tongen van pijn.
10第五の御使いが自分の鉢を獣の王座に注いだ。すると、獣の王国は暗くなり、人々は苦痛のあまり自分の舌をかんだ。
11Maar ze lasterden den God des hemels om hun pijnen en zweren; ze bekeerden zich niet van hun werken.
11そして、自分たちの苦痛と腫れ物のために天の神を冒涜し、なおも自分たちの行いを悔い改めなかった。
12De zesde engel goot zijn schaal leeg op de grote stroom, de Eufraat: Zijn water droogde op, zodat de weg was gebaand voor de koningen van de opgang der zon.
12第六の御使いが自分の鉢を大河ユーフラテスに注いだ。すると、日の昇る方角から来る王たちの道を備えるため、その水が干上がった。
13Toen zag ik uit de mond van den Draak, uit de mond van het Beest, en uit de mond van den valsen profeet drie onreine geesten uitgaan als kikvorsen;
13また、竜の口と獣の口と偽預言者の口から、かえるのような三つの汚れた霊が出て来るのを見た。
14want het zijn duivelsgeesten, die wondertekenen doen, en die zich begeven tot de koningen van heel de wereld, om hen te verzamelen tot de strijd op de grote dag van den almachtigen God.
14これらは悪霊どもで、しるしを行い、全世界の王たちのもとへ出て行く。全能者である神の大いなる日の戦いのために、王たちを集めるのである。
15“Zie, Ik kom als een dief. Zalig hij die waakt en zijn kleren aanhoudt, opdat hij niet naakt ga, en men zijn schaamte niet zie.”
15「見よ、わたしは盗人のように来る。目を覚まして衣を守る者は幸いである。裸で歩いて、その恥を人々に見られないためである。」
16En ze verzamelden hen op de plaats, in het hebreeuws “Harmagedón” geheten.
16こうして、王たちを、ヘブル語で「ハルマゲドン」と呼ばれる場所に集めた。
17De zevende goot zijn schaal leeg op de lucht: Er kwam een machtige stem uit de tempel en van de troon, en ze sprak: “Het is geschied!”
17第七の御使いが自分の鉢を空中に注いだ。すると、天の神殿の王座から大きな声が出て、「成し遂げられた」と言った。
18Bliksemstralen, geraas en donderslagen barstten los, en een geweldige aardbeving brak uit; een aardbeving zó verschrikkelijk als er nooit is geweest, sinds er een mens op aarde woont.
18そして、稲妻と声と雷鳴が起こり、大地震が起こった。人が地上に住むようになって以来、かつて起こったことのないほど大きく激しい地震であった。
19En de grote stad scheurde in drie delen uiteen; de steden der heidenen stortten in. Het grote Bábylon werd voor Gods aanschijn bedacht, om het de beker te geven van de wijn van zijn verbolgen toorn.
19大きな都は三つに裂かれ、諸国民の町々は倒れた。大バビロンは神の御前で覚えられ、神の激しい怒りのぶどう酒の杯を与えられた。
20Alle eilanden vloden heen, en bergen waren niet meer.
20すべての島は逃げ去り、山々も見えなくなった。
21Geweldige hagel, zwaar als talenten, viel uit de hemel neer op de mensen. Maar de mensen lasterden God om de plaag van de hagel; want ontzettend groot was die plaag.
21一タラントほどの重さの大きな雹が天から人々の上に降った。人々は雹の災害のために神を冒涜した。その災害があまりにも激しかったからである。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.