Marcus 7
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
1Toen kwamen de farizeën en sommige schriftgeleerden. die van Jerusalem waren gekomen, gezamenlijk naar Hem toe.
1有法利賽人和幾個文士從 耶路撒冷 來,到耶穌那裏聚集。
2Zij zagen, dat enigen van zijn leerlingen brood aten met onreine, dat is met ongewassen handen.
2他們曾看見他的門徒中有人用俗手,就是沒有洗的手,吃飯。(
3De farizeën toch en alle Joden eten niet, zonder zich de vingertoppen te hebben gewassen, getrouw aan de overlevering der ouden;
3原來法利賽人和 猶太 人都拘守古人的遺傳,若不仔細洗手就不吃飯;
4en ze eten niets van de markt, zonder het eerst te besprenkelen; en vele andere dingen zijn er, die ze krachtens overlevering te onderhouden hebben, zoals het wassen van drinkbekers, kannen en koperen vaten.
4從市上來,若不洗浴也不吃飯;還有好些別的規矩,他們歷代拘守,就是洗杯、罐、銅器 等物 。)
5De farizeën en de schriftgeleerden vroegen Hem dus: Waarom gedragen uw leerlingen zich niet naar de overlevering der ouden, en eten ze brood met onreine handen?
5法利賽人和文士問他說:「你的門徒為甚麼不照古人的遺傳,用俗手吃飯呢?」
6Hij sprak tot hen: Huichelaars; terecht heeft Isaias over u geprofeteerd, zoals er geschreven staat: Dit volk eert Mij met de lippen, maar hun hart is verre van Mij;
6耶穌說:「 以賽亞 指着你們假冒為善之人所說的預言是不錯的。如經上說: 這百姓用嘴唇尊敬我, 心卻遠離我。
7ze eren Mij tevergeefs, daar ze leerstellingen voordragen, die menselijke geboden zijn.
7他們將人的吩咐當作道理教導人, 所以拜我也是枉然。
8Gods gebod verwaarloost gij, maar aan de overlevering der mensen houdt gij vast.
8你們是離棄上帝的誡命,拘守人的遺傳」;
9Nog sprak Hij tot hen: Het staat u fraai, Gods gebod te verkrachten, om uw overlevering door te zetten.
9又說:「你們誠然是廢棄上帝的誡命,要守自己的遺傳。
10Want Moses heeft gezegd: “Eer uw vader en moeder”, en: “Wie vader of moeder vloekt, moet sterven.”
10摩西 說:『當孝敬父母』;又說:『咒罵父母的,必治死他。』
11Gij echter zegt: Zo iemand tot vader en moeder zegt: “Korban (dat is offergave) is alles, waarmee ik u van dienst zou kunnen zijn”,
11你們倒說:『人若對父母說:我所當奉給你的,已經作了各耳板』(各耳板就是供獻的意思),
12dan mag hij volgens u niets meer voor zijn vader of moeder doen.
12以後你們就不容他再奉養父母。
13Zo verkracht gij Gods woord door uw overlevering, die gij blijft leren. En dergelijke dingen doet gij bij hopen.
13這就是你們承接遺傳,廢了上帝的道。你們還做許多這樣的事。」
14Hij riep de schare weer naar Zich toe, en sprak tot hen: Hoort allen naar Mij, en verstaat het goed!
14耶穌又叫眾人來,對他們說:「你們都要聽我的話,也要明白。
15Niets kan den mens verontreinigen, wat van buitenaf in hem binnenkomt; maar wat er uitgaat van den mens, dat verontreinigt den mens.
15從外面進去的不能污穢人,惟有從裏面出來的乃能污穢人。」
16Zo iemand oren heeft om te horen, hij hore!
no verse 16 in this text
17Toen Hij nu van het volk was weggegaan en thuis was gekomen, vroegen zijn leerlingen Hem naar de zin der parabel.
17耶穌離開眾人,進了屋子,門徒就問他這比喻的意思。
18En Hij sprak tot hen: Zijt ook gij nog zonder begrip? Begrijpt gij dan niet, dat niets den mens kan verontreinigen, wat van buitenaf in hem binnenkomt?
18耶穌對他們說:「你們也是這樣不明白嗎?豈不曉得凡從外面進入的,不能污穢人,
19Want het komt niet in zijn hart, maar in de buik, en het gaat weer uit op zekere plaats. Hij verklaarde dus alle spijzen voor rein.
19因為不是入他的心,乃是入他的肚腹,又落到茅廁裏( 這是說 ,各樣的食物都是潔淨的)」;
20En Hij ging voort: Wat er uitgaat van den mens, dat verontreinigt den mens.
20又說:「從人裏面出來的,那才能污穢人;
21Want van binnenaf, uit het hart der mensen, komen de slechte gedachten voort, ontucht, diefstal, moord,
21因為從裏面,就是從人心裏,發出惡念、苟合、
22echtbreuk, gierigheid, boosaardigheid, bedrog, wellust, afgunst, godslastering, hoogmoed, lichtzinnigheid.
22偷盜、凶殺、姦淫、貪婪、邪惡、詭詐、淫蕩、嫉妒、謗讟、驕傲、狂妄。
23Al die boze dingen komen van binnenaf, en verontreinigen den mens.
23這一切的惡都是從裏面出來,且能污穢人。」
24Toen stond Hij op, en vertrok vandaar naar de streek van Tyrus. Daar ging Hij een huis binnen, maar wilde niet, dat iemand het wist. Toch kon Hij niet verborgen blijven.
24耶穌從那裏起身,往 泰爾 、 西頓 的境內去,進了一家,不願意人知道,卻隱藏不住。
25Want een vrouw, wier dochtertje door een onreinen geest was bezeten, kwam, zodra ze van Hem had gehoord, naar Hem toe, en wierp zich aan zijn voeten neer.
25當下,有一個婦人,她的小女兒被污鬼附着,聽見耶穌的事,就來俯伏在他腳前。
26De vrouw was een heiden, van syrofenicische afkomst. Ze bad Hem, den duivel uit haar dochter te drijven.
26這婦人是 希臘 人,屬 敘利腓尼基 族。她求耶穌趕出那鬼離開她的女兒。
27Jesus zeide tot haar: Laat eerst de kinderen verzadigd worden; het is niet goed, het brood der kinderen te nemen, en het voor de hondjes te werpen.
27耶穌對她說:「讓兒女們先吃飽,不好拿兒女的餅丟給狗吃。」
28Maar ze gaf Hem ten antwoord: Jawel, Heer: de hondjes onder de tafel eten toch ook van de kruimels der kinderen.
28婦人回答說:「主啊,不錯;但是狗在桌子底下也吃孩子們的碎渣兒。」
29Toen sprak Hij tot haar: Om zo’n woord moogt ge gaan; de duivel heeft uw dochter verlaten.
29耶穌對她說:「因這句話,你回去吧;鬼已經離開你的女兒了。」
30Ze ging naar huis, en vond het meisje te bed liggen; de duivel was uitgegaan.
30她就回家去,見小孩子躺在床上,鬼已經出去了。
31Toen Hij weer uit de streek van Tyrus vertrok, ging Hij over Sidon naar het meer van Galilea, midden in het gebied der Dekápolis.
31耶穌又離了 泰爾 的境界,經過 西頓 ,就從 低加坡里 境內來到 加利利 海 。
32Daar bracht men een doofstomme naar Hem toe, en smeekte Hem, dien de hand op te leggen.
32有人帶着一個耳聾舌結的人來見耶穌,求他按手在他身上。
33Hij nam hem ter zijde buiten de kring van de menigte, stak de vingers in zijn oren, spuwde, en raakte zijn tong daarmee aan.
33耶穌領他離開眾人,到一邊去,就用指頭探他的耳朵,吐唾沫抹他的舌頭,
34Hij zag op naar de hemel, slaakte een zucht, en zeide tot hem: Effetá, dat is: ga open.
34望天歎息,對他說:「以法大!」就是說:「開了吧!」
35En terstond werden zijn oren geopend, en de band van zijn tong werd losgemaakt, en hij sprak goed.
35他的耳朵就開了,舌結也解了,說話也清楚了。
36Hij verbood hun, het iemand te zeggen. Maar hoe strenger Hij het hun verbood, des te luider ze het vertelden.
36耶穌囑咐他們不要告訴人;但他越發囑咐,他們越發傳揚開了。
37Ze stonden ten hoogste verbaasd, en ze zeiden: Hij heeft alles wél gedaan; de doven doet Hij horen, en de stommen doet Hij spreken.
37眾人分外希奇,說:「他所做的事都好,他連聾子也叫他們聽見,啞巴也叫他們說話。」
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.