1 Koningen
Chapter 10
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Freedom Bible (フリー…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1De koningin van Sjeba, die veel van Salomon gehoord had, kwam om hem met raadsels op de proef te stellen.
1シェバの女王は主の御名に関するソロモンの名声を聞き、難問をもって彼を試すためにやって来た。
2Vergezeld van een zeer groot gevolg, trok ze met een tros kamelen, die met reukwerken, edelstenen en heel veel goud beladen waren, naar Jerusalem. Bij Salomon aangekomen, vroeg ze hem alles, wat haar in de gedachte kwam.
2彼女は非常に大きな随員を伴い、香料と非常に多くの金と宝石を積んだらくだを連れてエルサレムに来た。彼女はソロモンのところに来ると、自分の心にあるすべてのことを彼に話した。
3Maar Salomon verklaarde haar de zin van al haar woorden; niets bleef voor den koning verborgen, zodat hij het haar niet verklaren kon.
3ソロモンは彼女のすべての問いに答えた。王に分からず、彼女に説明できないことは一つもなかった。
4Toen nu de koningin van Sjeba bemerkte, hoe wijs Salomon was, en zij het paleis zag, dat hij gebouwd had,
4シェバの女王はソロモンのすべての知恵と、彼が建てた家、
5de spijzen van zijn tafel, de aanzittende hovelingen, de rijen bedienden in hun kledij en de schenkers, verder nog de slachtoffers, die hij opdroeg in de tempel van Jahweh, raakte ze buiten zichzelf,
5その食卓の料理、家臣たちの座席、侍臣たちの立ち居振る舞いと衣服、献酌官たち、そして主の家に上る行列を見たとき、彼女は息をのんだ。
6en sprak tot den koning: Het is dus waar geweest, wat ik in mijn land over uw bezit en uw wijsheid gehoord heb.
6彼女は王に言った。「わたしが自分の国で、あなたの事績とあなたの知恵について聞いたうわさは本当でした。
7Ik geloofde het niet, voordat ik het met eigen ogen zag. Maar waarlijk, nog niet de helft heeft men mij verteld; want gij bezit meer wijsheid en rijkdom dan ik gehoord heb.
7しかし、わたしが来て自分の目で見るまでは、その話を信じませんでした。実に、その半分も聞かされてはいませんでした。あなたの知恵と繁栄は、わたしが聞いた名声をはるかに超えています。
8Gelukkig uw vrouwen, gelukkig uw dienaren hier, die altijd voor u mogen staan, om uw wijsheid te horen.
8あなたの人々はなんと幸いでしょう。いつもあなたの前に立って知恵を聞く、あなたの家臣たちはなんと幸いでしょう。
9Gezegend zij Jahweh, uw God, die u zo heeft liefgehad, dat Hij u op Israëls troon heeft geplaatst, en u in zijn onvergankelijke liefde voor Israël tot koning heeft aangesteld, om volgens recht en billijkheid te regeren.
9あなたを喜び、あなたをイスラエルの王座に就かせられたあなたの神、主はほめたたえられるように。主はイスラエルをとこしえに愛されたので、公正と義を行わせるために、あなたを王とされたのです。」
10Toen gaf zij den koning honderd twintig talenten goud, edelstenen en ontzaglijk veel reukwerk. Nooit meer is er zoveel reukwerk aangevoerd, als de koningin van Sjeba toen aan Salomon heeft geschonken.
10彼女は王に百二十タラントの金と、非常に多くの香料と宝石を贈った。シェバの女王がソロモン王に贈ったほど大量の香料は、二度と入って来なかった。
11Bovendien bracht de vloot van Chirom, die goud uit Ofir haalde, edelstenen en heel veel sandelhout uit Ofir mee.
11オフィルから金を運んで来たヒラムの船団もまた、オフィルから非常に多くのアルムグの木 と宝石を運んで来た。
12Van dit sandelhout maakte de koning bijzondere meubels voor de tempel van Jahweh en zijn eigen paleis, en verder nog citers en harpen voor de zangers. Tot op heden is er nooit meer zoveel sandelhout aangevoerd of bij elkaar gezien.
12王はアルムグの木で主の家と王の家のための柱を造り、また歌う者たちのために竪琴と弦楽器を造った。今日に至るまで、そのようなアルムグの木が入って来たことも、見られたこともなかった。
13Van zijn kant gaf koning Salomon aan de koningin van Sjeba al wat ze maar wenste en vroeg, behalve wat hij haar met koninklijke mildheid uit eigen beweging schonk. Hierop aanvaardde zij de terugreis, en ging met haar dienaren naar haar land.
13ソロモン王は、王の気前から贈ったもののほかに、シェバの女王が望み、求めたものをすべて与えた。彼女は家臣たちとともに自分の国へ帰って行った。
14Het gewicht van het goud, dat jaarlijks bij Salomon binnenkwam, bedroeg zes honderd zes en zestig talenten.
14一年の間にソロモンのところに入って来た金の重さは、六百六十六タラント の金であった。
15Hierbij kwamen de inkomsten van de kooplieden en kramers en van alle koningen tot aan de Eufraat, en van de stadhouders van het land.
15このほかに、貿易商たちが持って来たもの、商人たちの取引によるもの、さまざまな民のすべての王たち、およびその国の総督たちからのものがあった。
16Daarenboven vervaardigde koning Salomon twee honderd beukelaars van geslagen goud; zes honderd sikkels goud waren voor iedere beukelaar nodig.
16ソロモン王は打ち延ばした金で二百の大盾を造った。一つの大盾には六百シェケル の金が使われた。
17Verder drie honderd schilden eveneens van geslagen goud; drie mana goud waren er nodig voor elk schild. De koning hing ze op in het huis Libanonwoud.
17また彼は打ち延ばした金で三百の盾を造った。一つの盾には三ミナ の金が使われた。王はそれらをレバノンの森の家に置いた。
18Ook maakte de koning een grote ivoren troon, die hij met fijn goud bekleedde.
18さらに王は象牙の大きな王座を造り、それを最高級の金で覆った。
19Deze troon had zes treden. De rugleuning was van boven rond, en aan beide kanten van de zitting waren armleuningen aangebracht. Daarnaast stonden twee leeuwen.
19王座には六つの段があり、王座の頂は後ろが丸くなっていた。座席の場所の両側にはひじ掛けがあり、ひじ掛けのそばには二頭の獅子が立っていた。
20Op de zes trappen stonden twaalf leeuwen, aan weerskanten één op iedere trap. Voor geen enkel koninkrijk werd ooit zo iets gemaakt.
20六つの段の上には、一方の側ともう一方の側に十二頭の獅子が立っていた。どの王国でも、これに似たものは造られたことがなかった。
21Al de drinkschalen van koning Salomon waren van goud; zelfs het gerief van het huis Libanonwoud was van zuiver goud. Zilver was er niet; dat was in Salomons tijd niet in tel.
21ソロモン王の飲み物の器はすべて金で、レバノンの森の家の器もすべて純金であった。銀のものは一つもなかった。ソロモンの時代、銀は価値あるものとはみなされなかった。
22Want de koning had een Tarsjisjvloot op zee, met schepen van Chirom; en eens in de drie jaar kwam die Tarsjisjvloot binnen met een lading goud, behalve het zilver en ivoor, de apen en pauwen.
22王は海に、ヒラムの船団とともにタルシシュの船団を持っていたからである。三年ごとに一度、タルシシュの船団は金、銀、象牙、猿、くじゃくを運んで来た。
23Zo stak koning Salomon in rijkdom en wijsheid boven alle koningen der aarde uit,
23こうしてソロモン王は、富においても知恵においても、地上のすべての王たちに勝っていた。
24en iedereen verlangde koning Salomon te zien, om de wijsheid te horen, die God in zijn hart had gestort.
24全世界の人々が、神がソロモンの心に授けられた知恵を聞こうと、彼との謁見を求めた。
25Een ieder bracht dan geschenken mee: zilveren en gouden voorwerpen, gewaden, wapens, reukwerk, paarden en muildieren. En dit geschiedde jaar in jaar uit.
25彼らは皆、年ごとに定められた分として、それぞれ自分の貢ぎ物、すなわち銀の器、金の器、衣服、武具、香料、馬、騾馬を持って来た。
26Ook schafte Salomon strijdwagens aan, en zorgde hij voor een ruiterij. Hij had veertien honderd strijdwagens en twaalf duizend ruiters, die hij onderbracht in de wagensteden en de koninklijke gebouwen te Jerusalem.
26ソロモンは戦車と騎兵を集めた。彼は千四百の戦車と、一万二千の騎兵を持っており、それらを戦車のための町々に、またエルサレムの王のもとに配置した。
27Door het beleid van den koning werd het zilver te Jerusalem zo overvloedig als stenen, en het cederhout zo overvloedig als de moerbei op de kustvlakte.
27王はエルサレムで銀を石のようにありふれたものとし、杉を低地のいちじく桑の木のように豊富にした。
28De paarden van Salomon werden uit Moesri en Kóa betrokken; de kooplieden van den koning gingen ze in Kóa kopen.
28ソロモンが持っていた馬はエジプトから運ばれたものであり、王の商人たちが群れごとに、それぞれ定価で買い取った。
29Ook de strijdwagens werden in Moesri gekocht en kostten zes honderd zilveren sikkels; voor een paard werden er honderdvijftig betaald. Voor deze prijs werden ze door hen ook aan al de koningen der Chittieten en de koningen van Aram geleverd.
29エジプトから輸入される戦車は一台につき銀六百シェケル、馬は一頭につき百五十シェケルであった。このようにして、ヘテ人のすべての王たち、およびアラムの王たちのためにも、王の商人たちの手によって輸出された。

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.