歴代誌 第二
Chapter 12
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1レハブアムの王国が確立し、彼が強くなったとき、彼は主の律法を捨てた。全イスラエルもこれに倣った。
1Maar toen het gezag van Roboam gevestigd was en hij machtig begon te worden, viel hij af van de wet van Jahweh, en heel Israël met hem.
2レハブアム王の第五年に、エジプトの王シシャクがエルサレムに向かって攻め上ってきた。ユダが主に対して背信の罪を犯したからである。
2En omdat zij van Jahweh waren afgevallen, trok in het vijfde jaar van Roboams regering Sjisak, de koning van Egypte, tegen Jerusalem op,
3シシャクは戦車千二百両、騎兵六万人を率いていた。エジプトから彼とともに来た民、すなわちルブ人、スキ人、エチオピア人は数えきれないほど多かった。
3met twaalfhonderd strijdwagens en zestigduizend ruiters, en met een talloos leger van Lybiërs, Soeki-jieten en Koesjieten, dat met hem uit Egypte kwam.
4彼はユダに属する防備の町々を奪い取り、エルサレムに達した。
4Hij veroverde de vestingen van Juda, en verscheen voor Jerusalem.
5そのとき、預言者シェマヤが、シシャクのゆえにエルサレムに集まっていたレハブアムとユダの君たちのところに来て、彼らに言った。「主はこう言われる。『あなたがたはわたしを捨てた。それゆえ、わたしもあなたがたをシシャクの手に捨てた。』」
5Toen kwam de profeet Sjemaja bij Roboam en de voornaamsten van Juda, die zich uit vrees voor Sjisak in Jerusalem hadden teruggetrokken, en zeide tot hen: Zo spreekt Jahweh! Gij hebt Mij verlaten; daarom verlaat Ik ook u, en lever u over aan Sjisak.
6そこでイスラエルの君たちと王はへりくだって言った。「主は正しい。」
6Maar de voornaamsten van Israël en de koning vernederden zich en erkenden: Jahweh is rechtvaardig!
7主は彼らがへりくだったのを見ると、主の言葉がシェマヤに臨んで言った。「彼らはへりくだった。わたしは彼らを滅ぼさない。わたしは彼らにしばらくの救いを与え、わたしの激しい怒りがシシャクの手を通してエルサレムに注ぎ出されることはない。
7En toen Jahweh zag, dat ze zich hadden vernederd, werd het woord van Jahweh tot Sjemaja gericht: Omdat ze zich vernederd hebben, zal Ik ze niet in het verderf storten en hun een weinig uitkomst brengen. Mijn toorn zal zich niet door Sjisak over Jerusalem voltrekken,
8しかし、彼らは彼のしもべとなる。彼らが、わたしに仕えることと、諸国の王国に仕えることの違いを知るためである。」
8maar ze zullen hem onderdanig moeten zijn, om het verschil te ondervinden tussen mijn dienst en de dienst van aardse heerschappijen.
9こうして、エジプトの王シシャクはエルサレムに向かって攻め上り、主の家の財宝と、王の家の財宝を奪い取った。彼はすべてを奪い去った。彼はまた、ソロモンが造った金の盾も奪い去った。
9Koning Sjisak van Egypte rukte dus tegen Jerusalem op, en roofde de kostbaarheden van de tempel van Jahweh en van het koninklijk paleis. Alles nam hij mee; ook al de gouden schilden, die Salomon had laten maken.
10レハブアム王はその代わりに青銅の盾を造り、王の家の戸口を守る近衛兵の長たちの手にそれを委ねた。
10In de plaats daarvan liet Roboam bronzen schilden maken, welke hij toevertrouwde aan de oversten der soldaten, die de wacht hielden aan de ingang van het koninklijk paleis.
11王が主の家に入るたびに、近衛兵が来てそれを運び、また近衛兵の部屋に持ち帰った。
11De soldaten droegen ze telkens als de koning naar de tempel van Jahweh ging; daarna brachten zij ze terug naar het soldatenverblijf.
12彼がへりくだったとき、主の怒りは彼から離れ、彼は完全には滅ぼされなかった。ユダにはなお、良いことが見られたからである。
12Maar omdat hij zich vernederd had, liet Jahweh zijn toorn van hem af, en stortte hem niet geheel en al in het verderf. Er was trouwens in Juda nog veel goeds.
13こうしてレハブアム王はエルサレムで勢力を固め、王として治めた。レハブアムは四十一歳で王となり、エルサレムで十七年間治めた。エルサレムは、主が御名を置くためにイスラエルのすべての部族の中から選ばれた町である。母の名はナアマといい、アンモン人であった。
13Koning Roboam wist zijn gezag in Jerusalem te herstellen, en zijn koningschap te behouden. Roboam was een en veertig jaar, toen hij koning werd, en regeerde zeventien jaar in Jerusalem, de stad, die Jahweh uit alle stammen van Israël had uitverkoren, om er zijn Naam te doen wonen. Zijn moeder heette Naäma, en was een moabietische.
14彼は悪を行った。彼が主を尋ね求めることに心を定めなかったからである。
14Hij deed kwaad, omdat hij niet vasthield aan de verering van Jahweh.
15レハブアムの事績は、最初から最後まで、預言者シェマヤと先見者イドの記録に、系図に従って記されているのではないか。レハブアムとヤロブアムの間には絶えず戦いがあった。
15De verdere geschiedenis van Roboam, de vroegere zowel als de latere, staat beschreven in de Kronieken van den profeet Sjemaja en in die van den ziener Iddo. Er was voortdurend oorlog tussen Roboam en Jeroboam.
16レハブアムはその父祖たちとともに眠り、ダビデの町に葬られた。その子アビヤが代わって王となった。
16Roboam ging bij zijn vaderen te ruste en werd in de Davidsstad begraven. Zijn zoon Abias volgde hem op.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.