Језекиљ 2
Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicTranslation
Daničić–Karadžić Bible (1868), Cyrillic
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1И рече ми: Сине човечји, устани на ноге да говорим с тобом.
1Hij zeide tot mij: Mensenkind, ga recht overeind staan, dan zal Ik met u spreken.
2И уђе у ме дух кад ми проговори, и постави ме на ноге, и слушах Оног који ми говораше.
2Zodra Hij tot mij gesproken had, kwam er een geest in mij, die mij recht overeind deed staan. En ik hoorde Hem, die tot mij sprak
3И рече ми: Сине човечји, ја те шаљем к синовима Израиљевим, к народима одметничким, који се одметнуше мене; они и оци њихови бише ми неверни до овог дана.
3zeggen: Mensenkind, Ik zend u tot de Israëlieten, tot het opstandige volk, dat zich tegen Mij heeft verzet; zij zowel als hun vaderen hebben tot op deze eigen dag tegen Mij gezondigd,
4К синовима тврдог образа и упорног срца шаљем те ја, па им реци: Тако вели Господ;
4en de kinderen hebben een stug gelaat en een ontembaar hart. Tot hen zend Ik u, en tot hen moet ge zeggen: Zo spreekt Jahweh, de Heer!
5и послушали или не послушали, јер су дом одметнички, нека знају да је пророк био међу њима.
5En of ze het horen willen of niet, want ze zijn een onhandelbaar volk, in ieder geval zullen ze weten, dat er een profeet onder hen is.
6И ти, сине човечји, не бој их се нити се бој њихових речи, што су ти упорни и као трње и живиш међу скорпијама; не бој се њихових речи и не плаши се од њих што су дом одметнички.
6Mensenkind, ge moet niet bang voor hen zijn, en voor hun woorden niet vrezen; want ofschoon ze u gaan weerstreven en belagen, en ofschoon ge op schorpioenen zult zitten, moet ge voor hun woorden niet vrezen en voor hun gezichten niet schrikken, want ze zijn een onhandelbaar volk.
7Него им кажи речи моје, послушали или не послушали, јер су одметници.
7Ge moet mijn woorden voor hen herhalen, of ze luisteren willen of niet; want ze zijn een onhandelbaar volk.
8Али ти, сине човечји, слушај шта ћу ти казати, не буди непокоран као тај дом непокорни; отвори уста, и поједи шта ћу ти дати.
8Mensenkind, ge moet luisteren naar wat Ik u zeg, en niet halsstarrig zijn, zoals dit onhandelbare volk; open uw mond, en eet wat Ik u geef.
9И погледах, а то рука пружена к мени, и гле, у њој савијена књига.
9Ik keek op, en zag een hand naar mij uitgestrekt, die een boekrol vasthield.
10И разви је преда мном, и беше исписана изнутра и споља, и беше у њој написан плач и нарицање и јаох.
10Hij ontrolde ze voor mijn ogen; ze was van voren en van achteren beschreven, en wat er op geschreven stond waren klaagliederen, weeklachten en treurzangen.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.