Zacarias 4
Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1O anjo que falava comigo voltou e me acordou, como um homem que é despertado do seu sono.
1Toen kwam de engel terug, die tot mij sprak; hij wekte mij, als iemand die uit de slaap wordt gewekt,
2Ele me disse: “O que você vê?” Eu disse: “Eu vi, e eis um candelabro todo de ouro, com um recipiente no seu topo, e suas sete lâmpadas sobre ele; há sete tubos para cada uma das lâmpadas que estão no seu topo;
2en sprak tot mij: Wat ziet ge? Ik antwoordde: Ik zie daar een luchter, geheel van goud; er staat een oliehouder boven op, en zeven lampen daar omheen met zeven toevoerbuizen naar de lampen, die er eveneens op staan;
3e duas oliveiras junto a ele, uma à direita do recipiente, e a outra à sua esquerda.”
3twee olijfbomen staan er naast: de een rechts, de ander links van de oliehouder.
4Eu respondi e falei ao anjo que falava comigo, dizendo: “O que são estas coisas, meu senhor?”
4Ik vervolgde tot den engel, die tot mij sprak: Wat hebben ze te betekenen, heer?
5Então o anjo que falava comigo me respondeu: “Você não sabe o que são estas coisas?” Eu disse: “Não, meu senhor.”
5De engel, die tot mij sprak, gaf ten antwoord: Weet ge niet, wat ze beduiden? Ik zeide: Neen!
6Então ele me respondeu e falou, dizendo: “Esta é a palavra do SENHOR a Zorobabel, dizendo: ‘Não por força, nem por poder, mas pelo meu Espírito’, diz o SENHOR dos Exércitos.
6Dit is het woord, dat Jahweh tot Zorobabel spreekt: Niet door kracht, en niet door geweld, Maar door mijn geest, spreekt Jahweh der heirscharen!
7Quem é você, ó grande montanha? Diante de Zorobabel você se tornará uma planície; e ele trará a pedra principal com gritos de ‘Graça, graça a ela!’”
7Wat gij ook zijt, gij grote berg: Voor Zorobabel wordt gij een vlakte! Hij zal de sluitsteen plaatsen, En men zal juichen: Hoe heerlijk, hoe heerlijk!
8Além disso, a palavra do SENHOR veio a mim, dizendo:
8En het woord van Jahweh werd tot mij gericht:
9“As mãos de Zorobabel lançaram os alicerces desta casa. Suas mãos também a terminarão; e vocês saberão que o SENHOR dos Exércitos me enviou a vocês.
9De handen van Zorobabel hebben dit huis gegrond, Zijn handen zullen het ook voltooien, En gij zult weten, dat Jahweh der heirscharen mij tot u heeft gezonden!
10De fato, quem despreza o dia das pequenas coisas? Pois estes sete se alegrarão, e verão o prumo na mão de Zorobabel. Estes são os olhos do SENHOR, que percorrem toda a terra.”
10Waarachtig, die de dag der kleine dingen veracht, Zal met vreugde de uitverkoren steen In de hand van Zorobabel aanschouwen! Hij sprak: Deze zeven lampen zijn de ogen van Jahweh, die de hele aarde doorvorsen.
11Então eu lhe perguntei: “O que são estas duas oliveiras à direita do candelabro e à sua esquerda?”
11Ik vervolgde tot hem: Wat betekenen die beide olijfbomen, rechts en links van de oliehouder?
12Eu lhe perguntei pela segunda vez: “O que são estes dois ramos de oliveira, que estão junto aos dois dutos de ouro que derramam de si o azeite dourado?”
12En ik herhaalde: Wat betekenen die beide olijftakken, aan weerskanten van de twee gouden gootjes, die de olie in de gouden oliehouder laten vloeien?
13Ele me respondeu: “Você não sabe o que são estas coisas?” Eu disse: “Não, meu senhor.”
13Hij gaf mij ten antwoord: Weet ge niet, wat ze beduiden? Ik zeide: Neen!
14Então ele disse: “Estes são os dois ungidos que estão diante do Senhor de toda a terra.”
14Hij sprak: Het zijn de twee gezalfden, die voor den Heer van de hele aarde staan.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.