Spreuken 11
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Old Persian Version (ترجمه قدیم)
1Van een valse weegschaal heeft Jahweh een afschuw, Hij houdt van een zuiver gewicht.
1ترازوی با تقلب نزد خداوند مکروه است، اما سنگ تمام پسندیده او است.
2Komt de overmoed, dan komt ook de schande; Alleen bij ootmoedigen is wijsheid.
2چون تکبر میآید خجالت میآید، اما حکمت با متواضعان است.
3De vromen worden door hun deugd geleid; Hun eigen valsheid stort de zondaars in het verderf.
3کاملیت راستان ایشان را هدایت میکند، اماکجی خیانتکاران ایشان را هلاک میسازد.
4Op de dag van gramschap kan rijkdom niet baten, Alleen de rechtvaardigheid redt van de dood.
4توانگری در روز غضب منفعت ندارد، اماعدالت از موت رهایی میبخشد.
5De weg van den rechtvaardige wordt door zijn deugd geëffend, Maar de boze komt door zijn boosheid ten val.
5عدالت مرد کامل طریق او را راست میسازد، اما شریر از شرارت خود هلاک میگردد.
6De rechtvaardigen worden door hun deugd gered, Maar de zondaars lopen door hun begeerlijkheid in de val.
6عدالت راستان ایشان را خلاصی میبخشد، اما خیانتکاران در خیانت خود گرفتار میشوند.
7Als een boosdoener sterft, vervliegt zijn hoop; De verwachting der zondaars loopt uit op niets
7چون مرد شریر بمیرد امید او نابود میگردد، و انتظار زورآوران تلف میشود.
8De rechtvaardige wordt uit de verdrukking gered, En de boze komt in zijn plaats.
8مرد عادل از تنگی خلاص میشود و شریربهجای او میآید.
9Met zijn mond tracht de onverlaat zijn naaste te gronde te richten, Maar door hun kennis worden de rechtvaardigen gered.
9مرد منافق به دهانش همسایه خود را هلاک میسازد، و عادلان به معرفت خویش نجات مییابند.
10Om de voorspoed der rechtvaardigen jubelt de stad, Maar er wordt gejuicht bij de ondergang der bozen.
10از سعادتمندی عادلان، شهر شادی میکند، و از هلاکت شریران ابتهاج مینماید.
11Door de zegenbeden der deugdzamen komt een stad tot bloei, Door de mond der bozen wordt ze verwoest.
11از برکت راستان، شهر مرتفع میشود، اما ازدهان شریران منهدم میگردد.
12Een onverstandig mens smaalt op zijn naaste, Een man van inzicht zwijgt.
12کسیکه همسایه خود را حقیر شماردناقص العقل میباشد، اما صاحب فطانت ساکت میماند.
13Wie lasterend rondgaat, verraadt licht een geheim; Een betrouwbaar karakter houdt de zaak vóór zich.
13کسیکه به نمامی گردش میکند، سرها رافاش میسازد، اما شخص امین دل، امر را مخفی میدارد.
14Bij gebrek aan overleg komt een volk ten val, De redding berust op veel beraad.
14جایی که تدبیر نیست مردم میافتند، اماسلامتی از کثرت مشیران است.
15Slecht vergaat het hem, die borg blijft voor een vreemde; Maar wie de handslag mijdt, leeft gerust.
15کسیکه برای غریب ضامن شود البته ضررخواهد یافت، و کسیکه ضمانت را مکروه داردایمن میباشد.
16Een lieve vrouw dwingt eerbied af; Maar een vrouw, die oprechtheid haat, is een schandvlek. De luiaards krijgen geen vermogen Stoere werkers geraken tot welstand.
16زن نیکوسیرت عزت را نگاه میدارد، چنانکه زورآوران دولت را محافظت مینمایند.
17Een vriendelijk mens doet zich zelven goed, Een wreedaard kwelt zijn eigen vlees.
17مرد رحیم به خویشتن احسان مینماید، امامرد ستم کیش جسد خود را میرنجاند.
18Een boze maakt winst, die niet gedijt; Maar wie gerechtigheid zaait, oogst waarachtig gewin.
18شریر اجرت فریبنده تحصیل میکند، اماکارنده عدالت مزد حقیقی را.
19Een deugdzaam mens gaat ten leven; Maar wie het kwade najaagt, zoekt zijn eigen dood.
19چنانکه عدالت مودی به حیاتاست، همچنین هرکه شرارت را پیروی نماید او را به موت میرساند.
20Jahweh heeft een afschuw van valse karakters, Maar welbehagen in hen, die onberispelijk wandelen.
20کج خلقان نزد خداوند مکروهند، اماکاملان طریق پسندیده او میباشند.
21De hand erop: een boze zal zijn straf niet ontlopen, Maar het geslacht der rechtvaardigen wordt behouden.
21یقین شریر مبرا نخواهد شد، اما ذریت عادلان نجات خواهند یافت.
22Een gouden ring in een varkenssnuit, Is een knappe vrouw, die geen hersens heeft.
22زن جمیله بیعقل حلقه زرین است در بینی گراز.
23De wens der rechtvaardigen loopt uit op geluk, De verwachting der bozen op toorn.
23آرزوی عادلان نیکویی محض است، اماانتظار شریران، غضب میباشد.
24Er zijn mensen, die maar uitdelen, en nòg worden ze rijker; Anderen, die maar oppotten, en ze gaan achteruit.
24هستند که میپاشند و بیشتر میاندوزند وهستند که زیاده از آنچه شاید نگاه میدارند اما به نیازمندی میانجامد.
25Iemand, die weldoet, wordt welgedaan; En wie iemand te drinken geeft, zal worden gelaafd.
25شخص سخی فربه میشود، و هرکه سیراب میکند خود نیز سیراب خواهد گشت.
26Wie het koren inhoudt, wordt door het volk verwenst, Maar een zegenbede daalt op het hoofd van wie het verkoopt.
26هرکه غله را نگاه دارد مردم او را لعنت خواهند کرد، اما بر سر فروشنده آن برکت خواهدبود.
27Wie naar het goede streeft, vindt welbehagen; Wie het kwaad najaagt, hem zal het treffen.
27کسیکه نیکویی را بطلبد رضامندی رامی جوید، و هرکه بدی را بطلبد بر او عارض خواهد شد.
28Wie op rijkdom vertrouwt, zal verwelken; Maar de rechtvaardigen botten als bladeren uit.
28کسیکه بر توانگری خود توکل کند، خواهد افتاد، اما عادلان مثل برگ سبز شکوفه خواهندآورد.
29Wie zijn huis verwaarloost, oogst storm; Een dwaas wordt slaaf van een verstandig mens.
29هرکه اهل خانه خود را برنجاند نصیب او باد خواهد بود، و احمق بنده حکیم دلان خواهدشد.
30De vrucht der gerechtigheid is een levensboom, Het onrecht echter verwoest mensenlevens.
30ثمره مرد عادل درخت حیاتاست، وکسیکه جانها را صید کند حکیم است.
31Als een rechtvaardige op aarde krijgt wat hem toekomt, Hoeveel te meer dan de boze en de zondaar!
31اینک مرد عادل بر زمین جزا خواهد یافت، پس چند مرتبه زیاده مرد شریر و گناهکار.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.