Jesaja 35
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
1Dan zal de steppe juichen met de woestijn, En de wildernis jubelen en bloeien;
1旷野和干旱之地必然欢喜; 沙漠也必快乐; 又像玫瑰开花,
2Zij zal tieren welig als lelies, Jubelen, juichen en zingen. Dan valt haar de pracht van de Libanon ten deel, De luister van Karmel en Sjaron: Ze zullen de glorie van Jahweh aanschouwen, De heerlijkheid van onzen God.
2必开花繁盛, 乐上加乐,而且欢呼。 黎巴嫩 的荣耀, 并 迦密 与 沙 的华美,必赐给它。 人必看见耶和华的荣耀, 我们 神的华美。
3Maakt dan de slappe handen krachtig, Stevigt de knikkende knieën;
3你们要使软弱的手坚壮, 无力的膝稳固。
4Zegt tot de harten in angst: Houdt moed, hebt geen vrees! Ziet, hier is uw God; Hij komt, om de wraak te voltrekken! God zal vergelden; Zelf zal Hij komen, om u te verlossen!
4对胆怯的人说: 你们要刚强,不要惧怕。 看哪,你们的 神必来报仇, 必来施行极大的报应; 他必来拯救你们。
5Dan worden de ogen der blinden ontsloten, En de oren der doven gaan open;
5那时,瞎子的眼必睁开; 聋子的耳必开通。
6De lamme springt op als een hert, De tong van den stomme zal juichen! Zelfs in de steppe borrelen de wateren omhoog, En de beken in de woestijn;
6那时,瘸子必跳跃像鹿; 哑巴的舌头必能歌唱。 在旷野必有水发出; 在沙漠必有河涌流。
7De gloeiende bodem wordt een plas, Het dorre land een fontein. En op de plek, waar de jakhalzen liggen, En de struisvogels wonen, Schiet het riet met de biezen omhoog,
7发光的沙要变为水池; 干渴之地要变为泉源。 在野狗躺卧之处, 必有青草、芦苇,和蒲草。
8Een gebaande weg zal er zijn! Een heilige weg zal hij heten, Geen onreine zal hem begaan; Alleen zijn volk hem bewandelen, Geen goddeloze er zwerven.
8在那里必有一条大道, 称为圣路。 污秽人不得经过, 必专为赎民行走; 行路的人虽愚昧, 也不致失迷。
9Geen leeuwen zullen er zijn, Wilde dieren komen er niet, en treft men er niet; Maar die verlost zijn, zullen hem begaan,
9在那里必没有狮子, 猛兽也不登这路; 在那里都遇不见, 只有赎民在那里行走。
10Die door Jahweh bevrijd zijn, keren er op terug. Zij komen in Sion onder gejubel, Het hoofd met eeuwige vreugde gekroond; Overstelpt van vreugde en blijdschap: Verdwenen zijn kommer en zuchten!
10并且耶和华救赎的民必归回, 歌唱来到 锡安 ; 永乐必归到他们的头上; 他们必得着欢喜快乐, 忧愁叹息尽都逃避。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.