Jesaja
Chapter 61
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Chinese Union Vers…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
1De geest van Jahweh, mijn Heer, rust op Mijl, Want Jahweh heeft Mij gezalfd; Hij heeft Mij gezonden, om armen de blijde boodschap te brengen, Om te verbinden wiens hart is gebroken, Aan gevangenen verlossing te melden, Aan geboeiden bevrijding;
1主耶和华的灵在我身上; 因为耶和华用膏膏我, 叫我传好信息给谦卑的人, 差遣我医好伤心的人, 报告被掳的得释放, 被囚的出 监牢 ;
2Om het genadejaar van Jahweh te preken, De dag der wraak van onzen God. Om alle bedroefden te troosten,
2报告耶和华的恩年, 和我们 神报仇的日子; 安慰一切悲哀的人,
3En Sions treurenden op te richten; Om hun een diadeem te schenken In plaats van as, Vreugde-olie voor rouwgewaad, En jubel voor wanhoop; Opdat men ze noeme: Gerechtigheids-eiken, Door Jahweh geplant tot zijn glorie.
3赐华冠与 锡安 悲哀的人,代替灰尘; 喜乐油代替悲哀; 赞美衣代替忧伤之灵; 使他们称为「公义树」, 是耶和华所栽的,叫他得荣耀。
4Dan zullen ze hun oude puinen herbouwen, De ruïnen van vroeger herstellen, De verwoeste steden vernieuwen, In puin van geslacht tot geslacht.
4他们必修造已久的荒场, 建立先前凄凉之处, 重修历代荒凉之城。
5Vreemden zullen uw kudden weiden, Buitenlanders uw akker en wijngaard bewerken;
5那时,外人必起来牧放你们的羊群; 外邦人必作你们耕种田地的, 修理葡萄园的。
6Maar gij zult priesters van Jahweh worden genoemd, Bedienaars heten van onzen God. De schatten der volkeren zult ge verteren, En met hun luister gaan pronken.
6你们倒要称为耶和华的祭司; 人必称你们为我们 神的仆役。 你们必吃用列国的财物, 因得他们的荣耀自夸。
7In plaats van hun dubbele schande, Van hun aandeel in smaad en verachting, Zullen zij in hun land een dubbel aandeel bezitten, En eeuwige vreugde genieten;
7你们 必得 加倍 的好处 ,代替所受的羞辱; 分中所得的喜乐,必代替所受的凌辱。 在境内必得加倍 的产业 ; 永远之乐必归与你们。
8Want Ik, Jahweh, bemin het recht, Maar haat onrecht en roof. Eerlijk zal Ik ze belonen, En een eeuwig Verbond met hen sluiten;
8因为我—耶和华喜爱公平, 恨恶抢夺和罪孽; 我要凭诚实施行报应, 并要与我的百姓立永约。
9Hun kroost zal beroemd zijn onder de naties, Hun geslacht te midden der volken! Al die ze ziet, zal hen erkennen Als het zaad, door Jahweh gezegend;
9他们的后裔必在列国中被人认识; 他们的子孙在众民中也是如此。 凡看见他们的必认他们是耶和华赐福的后裔。
10En Ik zal juichen en jubelen in Jahweh, Mijn ziel zich verheugen in mijn God. Want Hij heeft Mij gehuld in het kleed van het Heil, Mij de mantel der Gerechtigheid omgeslagen: Zoals een bruidegom zich kroont met een krans, Een bruid zich tooit met haar pronk.
10我因耶和华大大欢喜; 我的心靠 神快乐。 因他以拯救为衣给我穿上, 以公义为袍给我披上, 好像新郎戴上华冠, 又像新妇佩戴妆饰。
11Want zoals de aarde haar gewas doet ontluiken, En een tuin zijn zaad doet ontkiemen: Zo zal Jahweh, de Heer, gerechtigheid laten ontspruiten, En glorie voor het oog aller volken.
11田地怎样使百谷发芽, 园子怎样使所种的发生, 主耶和华必照样 使公义和赞美在万民中发出。

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.