ΨΑΛΜΟΙ
Chapter 94
Septuagint (Brenton Gree…
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

ΨΑΛΜΟΙ 94

Septuagint (Brenton Greek text, with Apocrypha)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Αἶνος ᾠδῆς τῷ Δαυίδ. Δεῦτε ἀγαλλιασώμεθα τῷ Κυρίῳ, ἀλαλάξωμεν τῷ Θεῷ τῷ σωτῆρι ἡμῶν.
1Jahweh, wrekende God, God der wrake, treed op;
2Προφθάσωμεν τὸ πρόσωπον αὐτοῦ ἐν ἐξομολογήσει, καὶ ἐν ψαλμοῖς ἀλαλάξωμεν αὐτῷ.
2Verhef U, Rechter der aarde, Vergeld de trotsen wat ze verdienen!
3Ὅτι Θεὸς μέγας Κύριος, καὶ βασιλεὺς μέγας ἐπὶ πάντας τοὺς θεούς·
3Hoelang nog zullen de zondaars, o Jahweh, Hoelang nog zullen de boosdoeners juichen?
4ὅτι οὐκ ἀπώσεται Κύριος τὸν λαὸν αὐτοῦ, ὅτι ἐν τῇ χειρὶ αὐτοῦ τὰ πέρατα τῆς γῆς, καὶ τὰ ὕψη τῶν ὀρέων αὐτοῦ ἐστιν.
4Al die booswichten pochen en snoeven, En een hoge toon slaan ze aan!
5Ὅτι αὐτοῦ ἐστιν ἡ θάλασσα καὶ αὐτὸς ἐποίησεν αὐτὴν, καὶ τὴν ξηρὰν χεῖρες αὐτοῦ ἔπλασαν.
5Jahweh, ze vertrappen uw volk, En verdrukken uw erfdeel;
6Δεῦτε προσκυνήσωμεν καὶ προσπέσωμεν αὐτῷ, καὶ κλαύσωμεν ἐναντίον Κυρίου τοῦ ποίησαντος ἡμᾶς.
6Ze doden weduwen en wezen, Vermoorden die bij ons kwamen wonen.
7Ὅτι αὐτός ἐστιν ὁ Θεὸς ἡμῶν, καὶ ἡμεῖς λαὸς νομῆς αὐτοῦ, καὶ πρόβατα χειρὸς αὐτοῦ·
7En dan zeggen ze nog: Jahweh ziet het niet eens, De God van Jakob merkt het niet!
8σήμερον ἐὰν τῆς φωνῆς αὐτοῦ ἀκούσητε, μὴ σκληρύνητε τὰς καρδίας ὑμῶν, ὡς ἐν τῷ παραπικρασμῷ, κατὰ τὴν ἡμέραν τοῦ πικρασμοῦ ἐν τῇ ἐρήμῳ,
8Domme kudde, word toch verstandig; Gij dwazen, wanneer wordt gij wijs?
9οὗ ἐπείρασάν με οἱ πατέρες ὑμῶν· ἐδοκίμασαν, καὶ εἶδον τὰ ἔργα μου.
9Zou Hij het niet horen, die het oor heeft geplant, Niet zien, die het oog heeft geschapen;
10Τεσσαράκοντα ἔτη προσώχθισα τῇ γενεᾷ ἐκείνῃ, καὶ εἶπα, ἀεὶ πλανῶνται τῇ καρδίᾳ, καὶ αὐτοὶ οὐκ ἔγνωσαν τὰς ὁδούς μου.
10Zou Hij, die de volkeren tuchtigt, niet straffen, Onwetend zijn, die den mens onderricht?
11Ὡς ὤμοσα ἐν τῇ ὀργῇ μου, εἰ εἰσελεύσονται εἰς τὴν κατάπαυσίν μου.
11Neen, Jahweh kent de gedachten der mensen, Hij weet, dat het hersenschimmen zijn.
no verse 12 in this text
12Jahweh, gelukkig de man, dien Gij onderricht, En dien Gij leert uit uw wet:
no verse 13 in this text
13Hoe hij gelaten moet zijn in dagen van rampspoed, Totdat voor den boze het graf is gedolven;
no verse 14 in this text
14Hoe Jahweh zijn volk niet verstoot, En nooit zijn erfdeel verlaat;
no verse 15 in this text
15Hoe de brave zijn recht weer verkrijgt, Alle oprechten van hart weer geluk!
no verse 16 in this text
16Wie anders neemt het voor mij tegen de boosdoeners op, Wie staat mij tegen de booswichten bij?
no verse 17 in this text
17Wanneer Jahweh mij niet te hulp was gekomen, Dan lag ik misschien al lang in het graf.
no verse 18 in this text
18Maar als ik denk: nú wankelt mijn voet, Dan steunt mij uw goedheid, o Jahweh;
no verse 19 in this text
19En wanneer zware zorgen mij innerlijk drukken, Dan verkwikt uw vertroosting mijn ziel.
no verse 20 in this text
20Zoudt Gij iets gemeen hebben met de zetel van onrecht, Die onheil sticht op gezag van de wet;
no verse 21 in this text
21Met hen, die het leven der braven belagen, En onschuldig bloed durven straffen?
no verse 22 in this text
22Neen, voor mij is Jahweh een toevlucht, Mijn God een veilige Rots;
no verse 23 in this text
23Maar hùn vergeldt Hij hun onrecht, En vernielt ze om hun boosheid: Jahweh, onze God!

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.