Zacharias 12
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1Een godsspraak: Het woord van Jahweh over Israël. De godsspraak van Jahweh, die de hemelen spant, de aarde grondt, en de geest der mensen in zijn binnenste vormt.
1イスラエルについての主の言葉の宣告。天を広げ、地の基を据え、人の内に霊を形造られる主はこう言われる。
2Zie, Ik maak Jerusalem tot een zwijmelbeker voor alle volken om hem heen; ook over Juda komt Jerusalems benauwing.
2「見よ、私はエルサレムを、周囲のすべての民をよろめかせる杯とする。エルサレムが包囲される時、ユダもまた包囲の中に置かれる。
3Op die dag maak Ik Jerusalem tot een stenen halter voor alle volken; allen die hem optillen, zullen er zich aan verbeuren, al spannen alle naties der aarde tezamen er hun krachten voor in.
3その日、私はエルサレムをすべての民にとって重い石とする。それを持ち上げようとする者は皆、深い傷を負う。地のすべての国々が、彼女に立ち向かって集められる。
4Op die dag, is de godsspraak van Jahweh. sla Ik alle paarden schichtig en hun ruiters met razernij; voor het huis van Juda houd Ik mijn ogen open, maar alle paarden der volken sla Ik met blindheid.
4その日」と主は言われる。「私はすべての馬を恐怖で打ち、その乗り手を狂気で打つ。私はユダの家に目を注ぎ、諸国民のすべての馬を盲目で打つ。
5Dan zullen de vorsten van Juda bij zichzelven zeggen: De kracht van Jerusalems burgers ligt bij Jahweh der heirscharen. hun God!
5ユダの氏族の長たちは、それぞれ心の中で言う。『エルサレムの住民は、彼らの神、万軍の主によって、私の力となっている。』
6Op die dag maak Ik de vorsten van Juda tot een vuurpan tussen het hout, tot een brandende fakkel tussen de schoven; alle volken in het rond zullen ze verteren rechts en links, maar Jerusalem zal op zijn plaats blijven staan.
6その日、私はユダの氏族の長たちを、薪の中の火鉢のように、麦束の中の燃えるたいまつのようにする。彼らは右にも左にも、周囲のすべての民を焼き尽くす。エルサレムは再び元の場所に安住する。
7Het eerst zal Jahweh de tenten van Juda verlossen, opdat de glorie van Davids huis, de glorie van Jerusalems burgers zich niet boven Juda verheft.
7主はまずユダの天幕を救われる。それは、ダビデの家の栄光とエルサレムの住民の栄光が、ユダの栄光を上回らないためである。
8Dan zal Jahweh op die dag Jerusalems burgers dekken met zijn schild: de zwakste van hen zal een David worden op die dag. het huis van David een God, en als de Engel van Jahweh aan hun spits.
8その日、主はエルサレムの住民を守られる。その日、彼らの中の弱い者もダビデのようになり、ダビデの家は神のように、彼らの前を行く主の使いのようになる。
9Op die dag zoek Ik alle volken bijeen, die tegen Jerusalem zijn opgetrokken, en zal ze vernielen!
9その日、私はエルサレムに攻めて来るすべての国々を滅ぼすために立ち上がる。
10Dan stort Ik over het huis van David een geest van genade en smeking uit, en zij zullen opblikken tot Hem, dien zij hebben doorstoken; zij zullen over Hem treuren als over een enigen zoon. als over een eerstgeborene over Hem wenen.
10私はダビデの家とエルサレムの住民の上に、恵みと嘆願の霊を注ぐ。彼らは、自分たちが刺し通した私 を仰ぎ見る。彼らはその人のために、ひとり子のために嘆くように嘆き、長子のために激しく悲しむように、その人のために激しく悲しむ。」
11Op die dag zal er een diepe rouw in Jerusalem zijn, als de rouw van Hadad-Rimmon in de vlakte van Migron.
11その日、エルサレムでは、メギドの谷におけるハダド・リモンの嘆きのような、大きな嘆きが起こる。
12Het land zal rouwen. alle geslachten, ieder voor zich: het geslacht van Davids huis voor zich, met hun vrouwen afzonderlijk; het geslacht van Natans huis voor zich, met hun vrouwen afzonderlijk;
12この地は、それぞれの氏族ごとに分かれて嘆く。ダビデの家の氏族は別に、その妻たちも別に。ナタンの家の氏族は別に、その妻たちも別に。
13het geslacht van Levi’s huis voor zich, met hun vrouwen afzonderlijk; het geslacht van Sjimi voor zich, met hun vrouwen afzonderlijk;
13レビの家の氏族は別に、その妻たちも別に。シムイ族は別に、その妻たちも別に。
14al de overige geslachten, ieder voor zich en hun vrouwen afzonderlijk.
14残ったすべての氏族も、それぞれの氏族ごとに別に、その妻たちも別に嘆く。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.