Jesaja
Chapter 42
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Freedom Bible (Thai)
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Ziet nu mijn Dienaar, wien Ik verknocht ben, Mijn Uitverkorene, die Mij behaagt! Ik heb op Hem mijn geest gelegd, En de volken zal Hij de wet verkonden.
1“ดูเถิด ผู้รับใช้​ที่​เรา​ประคอง ผู้​ที่​เรา​เลือก​และ​ชื่น​ชอบ​จาก​ใจ เรา​ให้​พระวิญญาณ​ของ​เรา​อยู่​บน​เขา เขา​จะ​นำ​ความยุติธรรม​แก่​ชาติต่างๆ
2Men hoort Hem schreeuwen noch roepen, Zelfs zijn stem niet verheffen op straat;
2เขา​จะ​ไม่​ตะโกน ไม่​ยก​เสียง ไม่​ให้​เสียง​ดัง​ตาม​ถนน
3Hij zal het geknakte riet niet breken, De kwijnende vlaspit niet doven. Trouw draagt Hij de wet voor zich uit,
3เขา​จะ​ไม่​หัก​อ้อ​ช้ำ ไม่​ดับ​ไส้​ตะเกียง​ที่​ริบหรี่ จะ​นำ​ความยุติธรรม​อย่าง​ซื่อสัตย์
4Onvermoeid en nooit gebroken, Totdat Hij op aarde de wet heeft gevestigd, En de landen zijn lering verbeiden!
4เขา​จะ​ไม่​ล้ม​เหลว​หรือ​ท้อใจ จน​ตั้ง​ความยุติธรรม​ใน​แผ่นดิน เกาะ​ต่างๆ เฝ้า​คอย​ข้อบัญญัติ​ของ​เขา”
5Zo spreekt Jahweh, die de hemelen schiep en ze spande, Die de aarde vormde met wat er groeit, Die adem geeft aan het volk, dat er woont, En levensgeest aan die er wandelen.
5พระเจ้า พระยาห์เวห์ ผู้​สร้าง​และ​ขึง​ฟ้าสวรรค์ ผู้​แผ่​แผ่นดิน​และ​สิ่ง​ที่​เกิด​จาก​มัน ผู้​ให้​ลม​หายใจ​แก่​ประชาชน ให้​วิญญาณ​แก่​ผู้​เดิน​บน​แผ่นดิน กล่าว​ดังนี้
6Ik Jahweh, heb U in mijn ontferming geroepen, U bij de hand gevat en beschut; U gesteld tot Verbond met het volk, En tot Licht voor de naties:
6“เรา พระยาห์เวห์ เรียก​เจ้า​อย่าง​เที่ยง​ธรรม จะ​จับ​มือ​เจ้า จะ​รักษา​เจ้า ทำ​เจ้า​เป็น​พันธสัญญา​ให้​ประชาชน เป็น​แสง​สว่าง​ให้​ชาติต่างๆ
7Om blinden de ogen te openen, Om gevangenen uit de kerker te verlossen, En uit donkere krochten Die in duisternis zitten.
7เพื่อ​เปิด​ตา​คน​ตาบอด นำ​นักโทษ​ออก​จาก​คุก​ใต้ดิน นำ​คน​นั่ง​ใน​ความ​มืด​ออก​จาก​เรือน​จำ
8Ik ben Jahweh; Dit is mijn Naam! Mijn glorie sta Ik niemand af, Aan geen beelden mijn eer.
8เรา​คือ​พระยาห์เวห์ นั่น​คือ​นาม​เรา เรา​จะ​ไม่​ให้​เกียรติ​ของ​เรา​แก่​ผู้​อื่น ไม่​ให้​คำ​สรรเสริญ​ของ​เรา​แก่​รูป​แกะ​สลัก
9Zie, vervuld is wat vroeger voorspeld was, Thans kondig Ik nieuwe dingen aan; Nog eer ze ontkiemen, Heb Ik ze ù laten weten!
9ดูเถิด สิ่ง​ก่อนๆ เกิด​ขึ้น​แล้ว เรา​ประกาศ​สิ่ง​ใหม่ บอก​พวกเจ้า​ก่อน​จะ​เกิด”
10Zingt een nieuw lied Ter ere van Jahweh; Heft een lofzang voor Hem aan Op de grenzen der aarde: Gij die de zee beploegt en bevolkt, Met de eilanden, en die er op wonen!
10จง​ร้องเพลง​ใหม่​ให้​พระยาห์เวห์ ร้อง​สรรเสริญ​จาก​สุด​ปลาย​แผ่นดิน พวกท่าน​ที่​ลง​ทะเล และ​ทุก​สิ่ง​ใน​ทะเล เกาะ​ต่างๆ และ​ผู้​อยู่​อาศัย
11De steppe jubele met haar steden, De legerplaats waar Kedar woont; Laat de bewoners van Séla juichen, Jubileren van de toppen der bergen:
11ให้​ถิ่นกันดาร​และ​เมือง​ต่างๆ เปล่ง​เสียง พร้อม​หมู่บ้าน​ที่​เคดาร์​อาศัย ให้​ชาว​เสลา​ร้องเพลง โห่​ร้อง​จาก​ยอด​ภูเขา!
12Laat hen glorie brengen aan Jahweh, Aan de eilanden zijn lof verkonden!
12ให้​พวกเขา​ถวาย​เกียรติ​พระยาห์เวห์ ประกาศ​คำ​สรรเสริญ​ใน​เกาะ​ต่างๆ
13Jahweh rukt uit als een held, Als een krijger blakend van strijdlust; Bulderend heft Hij de strijdkreet aan, En daagt zijn vijanden uit:
13พระยาห์เวห์​จะ​ออก​ไป​เหมือน​ผู้​กล้า ปลุก​ความ​มุ่ง​มั่น​เหมือน​นักรบ จะ​ร้อง​ออก​รบ จะ​ตะโกน​ดัง ชนะ​ศัตรู
14Lang heb Ik gezwegen, Mij stil gehouden, en bedwongen! Maar nu zal Ik gillen als een barende vrouw, Nu zal Ik briesen en snuiven;
14“เรา​เงียบ​มา​นาน นิ่ง​และ​ยับยั้ง​ตน บัดนี้​จะ​ร้อง​เหมือน​หญิง​คลอด​ลูก ทั้ง​หอบ​และ​หายใจ​แรง
15Ik zal bergen en heuvels verschroeien, En al hun groen doen verdorren; Ik maak de stromen tot steppen, Leg de waterplassen droog.
15เรา​จะ​ทำลาย​ภูเขา​และ​เนิน ทำ​พืช​ทั้งหมด​ให้​แห้ง ทำ​แม่น้ำ​เป็น​เกาะ ทำ​สระ​ให้​แห้ง
16Maar de blinden zal Ik leiden Op wegen, die ze niet kennen; En op onbekende paden Doe Ik ze gaan; De duisternis voor hen uit verkeer Ik in licht, De krochten in vlakten. Al deze dingen zal Ik volbrengen, Daarvan laat Ik niet af!
16เรา​จะ​พา​คน​ตาบอด​ไป​ทาง​ที่​ไม่​รู้จัก นำไป​เส้นทาง​ที่​ไม่​รู้จัก ทำ​ความ​มืด​เบื้อง​หน้า​ให้​สว่าง ทำ​ที่​คด​ให้​ตรง เรา​จะ​ทำ​สิ่ง​เหล่า​นี้ จะ​ไม่​ทอดทิ้ง​พวกเขา
17Dan zullen wijken, blozend van schaamte, Die op de goden vertrouwen, En die tot de afgoden zeggen: Gij zijt onze God!
17คน​วางใจ​รูป​แกะ​สลัก ผู้​บอก​รูป​หล่อ​ว่า ‘พวกท่าน​เป็น​เทพเจ้า​ของ​พวกเรา’ จะ​ต้อง​ถอย​กลับ ผิด​หวัง​อย่าง​สิ้น​เชิง
18Gij, doven, hoort; Gij blinden, opent de ogen en ziet!
18คน​หู​หนวก จง​ฟัง คน​ตาบอด จง​มอง เพื่อ​จะ​เห็น
19Wie is er blind als mijn dienaar, Wie zo doof als die over hem heersen; Wie zo blind als mijn vertrouwde, Wie doof als de dienaar van Jahweh!
19ใคร​ตาบอด​นอกจาก​ผู้รับใช้​ของ​เรา? ใคร​หู​หนวก​เหมือน​ผู้​ส่ง​สาร​ที่​เรา​ส่ง? ใคร​ตาบอด​เหมือน​ผู้​ที่​อยู่​อย่าง​สงบ? ตาบอด​เหมือน​ผู้รับใช้​พระยาห์เวห์?
20Grootse dingen hebt gij gezien, Maar er geen acht op geslagen; Uw oren waren geopend, Maar ge hebt niet gehoord:
20เจ้า​เห็น​หลาย​สิ่ง แต่​ไม่​สังเกต หู​เขา​เปิด แต่​ไม่​ฟัง
21Het had Jahweh in zijn goedheid behaagd, Een wet u te schenken, groots en verheven!
21พระยาห์เวห์​พอใจ​ที่​จะ​ยก​ข้อบัญญัติ​ให้​ยิ่ง​ใหญ่ และ​มี​เกียรติ เพราะ​ความเที่ยงธรรม​ของ​พระองค์
22Toch werd het een volk, berooid en beroofd, Allen in holen gestoken, in kerkers verborgen; Ze werden tot buit, en er was niemand, die hielp, Leeggeplunderd, en er zei niemand: Geef terug.
22แต่​ประชาชน​นี้​ถูก​ปล้น​สะดม ทุก​คน​ติด​กับ​ใน​หลุม ถูก​ซ่อน​ไว้​ใน​คุก เป็น​เชลย ไม่มี​ใคร​ช่วย เป็น​ของ​ปล้น ไม่มี​ใคร​ว่า ‘จง​คืน​พวกเขา!’
23Wie heeft onder u toen geluisterd, Er acht op geslagen, het voor de toekomst verstaan?
23ใคร​ใน​พวกเจ้า​จะ​ฟัง​เรื่อง​นี้? ใคร​จะ​ใส่ใจ​ฟัง​สำหรับ​วัน​ข้าง​หน้า?
24Wie gaf Jakob aan de plundering prijs, En Israël aan de berovers? Was het Jahweh niet, Tegen wien ze hadden gezondigd; Wiens wegen ze niet wilden gaan, Wiens bevelen ze niet wilden horen?
24ใคร​ให้​ยาโคบ​เป็น​ของ​ปล้น ให้​อิสราเอล​แก่​โจร? พระยาห์เวห์ ผู้​ที่​พวกเรา​ทำบาป​ต่อ​ต้าน ไม่ใช่​หรือ? เพราะ​พวกเขา​ไม่​ยอม​เดิน​ใน​ทาง​พระองค์ ไม่​เชื่อ​ฟัง​ข้อบัญญัติ​ของ​พระองค์
25Toen goot Hij zijn ziedende toorn over hem uit, En het geweld van de krijg; Hij zette hem aan alle kanten in vlammen, Maar hij kwam niet tot inzicht; Hij stak hem in brand, Maar hij wilde het niet ter harte nemen!
25พระองค์​จึง​เท​ความ​โกรธ​รุนแรง​ลง​บน​เขา พร้อม​กำลัง​สงคราม มัน​จุด​ไฟ​ล้อม​เขา แต่​เขา​ไม่รู้ เผา​เขา แต่​เขา​ไม่​ใส่ใจ”

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.