Hebreeen 3
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Heilige broeders, deelgenoten ener hemelse roeping, beschouwt dus den Apostel en Hogepriester onzer belijdenis: Jesus,
1เพราะฉะนั้น พี่น้องผู้บริสุทธิ์ ผู้มีส่วนในการเรียกจากสวรรค์ จงพิจารณาพระเยซู ผู้เป็นอัครทูตและมหาปุโรหิตที่เราประกาศยอมรับ
2die getrouw is aan Hem, die Hem gemaakt heeft, zoals ook “Moses in geheel zijn huis.”
2พระองค์ทรงซื่อสัตย์ต่อผู้ที่แต่งตั้งพระองค์ เช่นเดียวกับโมเสสที่ซื่อสัตย์ในบ้านทั้งหมดของพระเจ้า
3Tegenover Moses is Hij immers in die mate groter eer waardig, als de bouwheer meer eer geniet dan het huis.
3เพราะพระเยซูทรงสมควรได้รับพระสิริมากกว่าโมเสส เช่นเดียวกับผู้สร้างบ้านย่อมมีเกียรติมากกว่าตัวบ้าน
4Elk huis toch wordt door iemand gebouwd; maar de Bouwheer van alles is God.
4บ้านทุกหลังย่อมมีผู้สร้าง แต่ผู้ที่สร้างทุกสิ่งคือพระเจ้า
5Moses nu was wel “getrouw in geheel zijn huis” als dienstknecht, om getuigenis af te leggen van wat verkondigd zou worden,
5โมเสสซื่อสัตย์ในบ้านทั้งหมดของพระเจ้าในฐานะผู้รับใช้ เพื่อเป็นพยานถึงสิ่งที่จะกล่าวในภายหลัง
6maar Christus is het als Zoon boven zijn huis; zijn huis zijn wij, indien wij de zekerheid der hoop en het roemen daarop ongeschokt bewaren ten einde toe.
6แต่พระคริสต์ ทรงซื่อสัตย์ในฐานะพระบุตรเหนือบ้านของพระเจ้า และเราเองคือบ้านนั้น หากเรายึดมั่นในความมั่นใจ และความภาคภูมิใจในความหวังของเราไว้จนถึงที่สุด
7Daarom zegt de heilige Geest: Als gij dan heden mijn stem verneemt,
7เพราะฉะนั้น ตามที่พระวิญญาณบริสุทธิ์กล่าวว่า “วันนี้ ถ้าพวกคุณได้ยินเสียงของพระองค์
8Verstokt dan uw harten niet als bij de Verbittering, Als op de dag der Verzoeking in de woestijn,
8อย่าทำใจให้แข็งกระด้างเหมือนในครั้งที่กบฏ ในวันแห่งการทดสอบในถิ่นทุรกันดาร
9Toen uw vaders Mij tartten en beproefden,
9ที่นั่น บรรพบุรุษของพวกคุณทดสอบเราและลองใจเรา ทั้งยังได้เห็นการกระทำของเราตลอดสี่สิบปี
10Ofschoon ze mijn werken hadden aanschouwd veertig jaar lang. Daarom werd Ik toornig op dat geslacht, En Ik sprak: Steeds dwaalt hun hart van Mij af, En mijn wegen kennen ze niet.
10เพราะเหตุนี้ เราจึงไม่พอใจคนรุ่นนั้น และกล่าวว่า ‘ใจของพวกเขาหลงผิดอยู่เสมอ และพวกเขาไม่รู้จักทางของเรา’
11Daarom zwoer Ik in mijn toorn: Neen, ze zullen niet ingaan in mijn Rust!
11ดังที่เราได้สาบานด้วยความโกรธของเราว่า ‘พวกเขาจะไม่ได้เข้าสู่การพักสงบของเรา’”
12Broeders, zorgt er voor, dat in niemand van u een boos en ongelovig hart wordt gevonden door de afval van den levenden God;
12พี่น้อง จงระวังให้ดี เกรงว่าคนใดคนหนึ่งในพวกคุณจะมีใจชั่วที่ไม่เชื่อ จนถอยห่างจากพระเจ้าผู้มีชีวิต
13maar vermaant elkander iedere dag, zolang het “Heden” nog voortduurt, opdat niemand van u wordt verstokt door de verleiding der zonde.
13แต่จงเตือนกันทุกวัน ตราบใดที่ยังเรียกว่า “วันนี้” เพื่อไม่ให้คนใดคนหนึ่งในพวกคุณมีใจแข็งกระด้างเพราะการหลอกลวงของบาป
14Want we delen slechts met Christus mee, zo we de aanvankelijke overtuiging ongeschokt bewaren ten einde toe.
14เพราะเราได้กลายเป็นผู้มีส่วนในพระคริสต์ หากเรายึดมั่นในความมั่นใจที่เรามีตั้งแต่แรกไว้จนถึงที่สุด
15Wanneer er dus wordt gezegd: “Als gij dan heden mijn stem verneemt, verstokt uw harten niet als bij de Verbittering”
15ดังที่มีคำกล่าวว่า “วันนี้ ถ้าพวกคุณได้ยินเสียงของพระองค์ อย่าทำใจให้แข็งกระด้างเหมือนในครั้งที่กบฏ”
16wie waren het dan, die vernamen en verbitterden? Waren het niet allen, die, dank zij Moses, Egypte waren uitgetrokken?
16แล้วใครบ้างที่ได้ยินแล้วกบฏ? ไม่ใช่ทุกคนที่โมเสสนำออกจากอียิปต์หรือ?
17Of tegen wie toornde Hij veertig jaar lang? Was het niet tegen hen, die gezondigd hadden, wier lijken neerlagen in de woestijn?
17พระองค์ไม่พอใจใครเป็นเวลาสี่สิบปี? ไม่ใช่คนที่ทำบาป ซึ่งร่างของพวกเขาล้มลงในถิ่นทุรกันดารหรือ?
18En tegen wie anders heeft Hij gezworen, dat ze niet zouden ingaan in zijn Rust, dan juist tegen de ongehoorzamen?
18และพระองค์ทรงสาบานกับใครว่าพวกเขาจะไม่ได้เข้าสู่การพักสงบของพระองค์ ถ้าไม่ใช่คนที่ไม่เชื่อฟัง?
19Zo zien we, dat ze niet konden ingaan om hun ongeloof.
19เราจึงเห็นว่า พวกเขาไม่สามารถเข้าได้เพราะความไม่เชื่อ
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.