Ezechiel 22
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Old Persian Version (ترجمه قدیم)
1Het woord van Jahweh werd tot mij gericht:
1و کلام خداوند بر من نازل شده، گفت:
2Mensenkind, wilt ge vonnissen; wilt ge de bloedstad vonnissen? Wijs haar dan op al haar gruwelen,
2«ای پسر انسان آیا داوری خواهی نمود؟ آیا بر شهر خونریز داوری خواهی نمود؟ پس آن را از همه رجاساتش آگاه ساز.
3en zeg: Zo spreekt Jahweh, de Heer! O stad, die binnen haar muren bloed vergiet, waardoor haar einde komt; en die tot eigen verderf gruwelbeelden vervaardigt, waardoor zij onrein wordt!
3و بگوخداوند یهوه چنین میفرماید: ای شهری که خون را در میان خودت میریزی تا اجل توبرسد! ای که بتها را به ضد خود ساخته، خویشتن را نجس نمودهای!
4Door het bloed, dat ge vergoten hebt, staat ge schuldig, en om de gruwelbeelden, die ge vervaardigt, zijt ge onrein: ge verhaast uw dagen en bespoedigt de tijd van uw jaren! Daarom heb Ik u gemaakt tot het mikpunt der volken, tot een bespotting voor alle landen.
4بهسبب خونی که ریختهای مجرم شدهای و بهسبب بتهایی که ساختهای نجس گردیدهای. لهذا اجل خویش را نزدیک آورده، به انتهای سالهای خود رسیدهای. لهذا تورا نزد امتها عار و نزد جمیع کشورها مسخره گردانیدهام.
5Van nabij en van verre bespot men u; uw naam is geschandvlekt, uw verwarring is groot.
5ای پلید نام! وای پر فتنه! آنانی که به تو نزدیک و آنانی که از تو دورند بر تو سخریه خواهند نمود.
6Want zie: bij u zijn de vorsten van Israël; en allen zijn er op uit, om bloed te vergieten zoveel ze kunnen.
6اینک سروران اسرائیل، هر کس به قدر قوت خویش مرتکب خونریزی در میان تومی بودند.
7Vader en moeder worden bij u geminacht, de vreemdeling wordt in uw midden hardvochtig behandeld, wees en weduwe verschopt men bij u.
7پدر و مادر را در میان تو اهانت نمودند. و غریبان را در میان تو مظلوم ساختند وبر یتیمان و بیوهزنان در میان تو ستم نمودند.
8Wat Mij heilig is, acht ge gering, en mijn sabbatten hebt ge ontwijd!
8وتو مقدس های مرا خوار شمرده، سبت های مرابی عصمت نمودی.
9Aanbrengers onder u loeren er op, om bloed te vergieten! Op de bergen wordt bij u gegeten, en schandelijke ontucht komt onder u voor.
9و بعضی در میان تو به جهت ریختن خون، نمامی مینمودند. و بر کوهها درمیان تو غذا میخوردند. و در میان تو مرتکب قباحت میشدند.
10Men ontbloot bij u de schaamte des vaders; die onrein is door stonden, verkracht men bij u.
10و عورت پدران را در میان تو منکشف میساختند. و زنان حایض را در میان توبی عصمت مینمودند.
11Bij u misbruikt de een de vrouw van zijn naaste, onteert een ander zijn schoondochter door bloedschande, verkracht een derde zijn zuster, de eigen dochter van zijn vader.
11یکی در میان تو با زن همسایه خود عمل زشت نمود. و دیگری عروس خویش را به جور بیعصمت کرد. و دیگری خواهرش، یعنی دختر پدر خود را ذلیل ساخت.
12Steekpenningen worden bij u aangenomen, om bloed te vergieten; woekerwinst en toeslag hebt ge geëist, en uw evenmens hebt ge afgezet; maar Mij hebt ge vergeten, zegt Jahweh, de Heer!
12و در میان تو به جهت ریختن خون رشوه خوردند و سود و ربح گرفتند. و تو مال همسایه خود را به زور غصب کردی و مرا فراموش نمودی. قول خداوند یهوه این است.
13Welnu, Ik klap in mijn handen over de vuile winst die ge maakt, en over het bloed dat in uw midden stroomt.
13لهذا هان من بهسبب حرص تو که مرتکب آن شدهای و بهسبب خونی که در میان خودت ریختهای، دستهای خود را بهم میزنم.
14Zal uw hart het uithouden, of zullen uw handen sterk genoeg zijn voor de dagen, dat Ik aan u mijn vonnis voltrek? Ik Jahweh heb het gezegd, Ik zal het doen.
14پس در ایامی که من به تو مکافات رسانم آیا دلت قوی و دستهایت محکم خواهد بود؟ من که یهوه هستم تکلم نمودم و بعمل خواهم آورد.
15Ik ga u verstrooien onder de volken, u over de landen verspreiden, een einde maken aan uw onreinheid.
15و تو را در میان امت هاپراکنده و در میان کشورها متفرق ساخته، نجاسات تو را از میانت نابود خواهم ساخت.
16Zo zult ge door uzelf in de ogen der volken worden onteerd, en zult ge erkennen, dat Ik Jahweh ben!
16وبه نظر امتها بیعصمت خواهی شد و خواهی دانست که من یهوه هستم.»
17Het woord van Jahweh werd tot mij gericht:
17و کلام خداوند بر من نازل شده، گفت:
18Mensenkind, het volk van Israël is voor Mij een hoop slakken geworden; allemaal slakken van koper en tin, van ijzer en lood en van zilver, midden in de oven!
18«ای پسر انسان خاندان اسرائیل نزد من دردشدهاند و جمیع ایشان مس و روی و آهن و سرب در میان کوره و درد نقره شدهاند.
19Daarom zegt Jahweh, de Heer: Omdat ge met u allen een hoop slakken zijt geworden, ga Ik u ophopen midden in Jerusalem.
19بنابراین خداوند یهوه چنین میگوید: چونکه همگی شمادرد شدهاید، لهذا من شما را در میان اورشلیم جمع خواهم نمود.
20Zoals men zilver en koper, ijzer, lood en tin midden in een oven dooreengooit, en er een vuur onder aanblaast om het te smelten, zo zal Ik in mijn toorn en mijn woede u opeenhopen, u erin gooien en smelten.
20چنانکه نقره و مس و آهن و سرب و روی را در میان کوره جمع کرده، آتش بر آنها میدمند تا گداخته شود، همچنان من شمارا در غضب و حدت خشم خویش جمع کرده، در آن خواهم نهاد و شما را خواهم گداخت.
21Ik ga u opeenhopen, en over u het vuur van mijn toorn aanblazen, zodat ge er midden in wordt gesmolten.
21وشما را جمع کرده، آتش غضب خود را بر شماخواهم دمید که در میانش گداخته شوید.
22Zoals het zilver in een oven gesmolten wordt, zo zult ge binnen haar muren worden gesmolten, en zult ge erkennen, dat Ik, Jahweh, mijn toorn over u uitstort!
22چنانکه نقره در میان کوره گداخته میشود، همچنان شما در میانش گداخته خواهید شد وخواهید دانست که من یهوه حدت خشم خویش را بر شما ریختهام.»
23Het woord van Jahweh werd tot mij gericht.
23و کلام خداوند بر من نازل شده، گفت:
24Mensenkind, zeg tot haar: Ge zijt een land, waarop het niet heeft geregend, en dat in de regentijd niet opgefrist werd.
24«ای پسر انسان او را بگو: تو زمینی هستی که طاهر نخواهی شد. و باران در روز غضب بر تونخواهد بارید.
25Zijn vorsten verteren levende mensen als een brullende, prooi zoekende leeuw; wat mooi en kostbaar is nemen ze af, en vergroten het aantal weduwen.
25فتنه انبیای آن در میانش میباشد. ایشان مثل شیر غران که شکار رامی درد، جانها را میخورند. و گنجها و نفایس رامی برند. و بیوهزنان را در میانش زیاد میسازند.
26Zijn priesters verkrachten mijn wet, en ontwijden wat Mij heilig is; tussen heilig en profaan maken ze geen onderscheid, tussen rein en onrein leren ze geen verschil, en voor mijn sabbatten houden ze de ogen gesloten; zo word Ik in hun midden onteerd!
26کاهنانش به شریعت من مخالفت ورزیده، موقوفات مرا حلال میسازند. و در میان مقدس وغیر مقدس تمیز نمی دهند و در میان نجس وطاهر فرق نمی گذارند. و چشمان خود را ازسبت های من میپوشانند و من در میان ایشان بیحرمت گردیدهام.
27Zijn prinsen zijn er als prooizoekende wolven op uit, om bloed te vergieten, om mensen in het verderf te storten, om zich onrechtmatig te verrijken.
27سرورانش مانند گرگان درنده خون میریزند و جانها را هلاک مینمایندتا سود ناحق ببرند.
28Zijn profeten bestrijken hen met kalk: loze zieners en valse voorspellers, die zeggen: “Zo spreekt Jahweh, de Heer”, terwijl Jahweh niet gesproken heeft!
28و انبیایش ایشان را به گل ملاط اندود نموده، رویاهای باطل میبینند وبرای ایشان تفال دروغ زده، میگویند که خداوندیهوه چنین گفته است با آنکه یهوه تکلم ننموده.
29De burgers handelen hardvochtig, en eigenen zich andermans goed toe; zij verschoppen den misdeelde en behoeftige, onderdrukken de vreemdelingen als rechtelozen.
29و قوم زمین به شدت ظلم نموده و مال یکدیگررا غصب کردهاند. و بر فقیران و مسکینان جفانموده، غریبان را به بیانصافی مظلوم ساختهاند.
30Ik zocht onder hen naar een man, die de muur versperde, of tegenover Mij op de bres ging staan ten gunste van het land, opdat Ik het niet zou verwoesten, maar Ik vond er niet één.
30و من در میان ایشان کسی را طلبیدم که دیوار رابنا نماید و برای زمین به حضور من در شکاف بایستد تا آن را خراب ننمایم، اما کسی را نیافتم.
31Nu stort Ik mijn woede over hen uit, in mijn brandende toorn reken Ik met hen af; hun gedrag zal Ik op hun hoofden doen neerkomen, zegt Jahweh, de Heer!
31پس خداوند یهوه میگوید: خشم خود را برایشان ریختهام و ایشان را به آتش غضب خویش هلاک ساخته، طریق ایشان را بر سر ایشان واردآوردهام.»
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.