Psalms
Chapter 72
World English Bible
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

Psalms 72

World English Bible
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1God, give the king your justice; your righteousness to the royal son.
1Van Salomon. Geef aan den Koning uw rechtsmacht, o God, En uw gerechtigheid aan den Zoon van den Koning;
2He will judge your people with righteousness, and your poor with justice.
2Opdat Hij uw volk met rechtvaardigheid richte, En uw misdeelden volgens recht.
3The mountains shall bring prosperity to the people. The hills bring the fruit of righteousness.
3De bergen zullen de vrede brengen, De heuvelen gerechtigheid voor het volk;
4He will judge the poor of the people. He will save the children of the needy, and will break the oppressor in pieces.
4Hij zal recht verschaffen aan het volk in verdrukking, De armen helpen, maar den verdrukker vertrappen.
5They shall fear you while the sun endures; and as long as the moon, throughout all generations.
5Hij zal leven, zolang de zon blijft stralen, Met de maan van geslacht tot geslacht;
6He will come down like rain on the mown grass, as showers that water the earth.
6Hij zal neerdalen als regen op de beemden, Als een bui, die de aarde besproeit.
7In his days, the righteous shall flourish, and abundance of peace, until the moon is no more.
7In zijn dagen zal de gerechtigheid bloeien, En een volheid van vrede, totdat de maan niet meer schijnt.
8He shall have dominion also from sea to sea, from the River to the ends of the earth.
8Van zee tot zee zal Hij heersen, Van de Eufraat tot de grenzen der aarde.
9Those who dwell in the wilderness shall bow before him. His enemies shall lick the dust.
9Zijn tegenstanders zullen de knie voor Hem buigen, Zijn vijanden in het stof moeten bijten;
10The kings of Tarshish and of the islands will bring tribute. The kings of Sheba and Seba shall offer gifts.
10De koningen van Tarsjisj en zijn kusten, Zullen Hem geschenken brengen. De koningen van Sjeba en Seba Zullen Hem hun schatting betalen;
11Yes, all kings shall fall down before him. All nations shall serve him.
11Alle vorsten Hem huldigen, Alle volken Hem dienen.
12For he will deliver the needy when he cries; the poor, who has no helper.
12Want Hij zal den arme tegen den rijke beschermen, En den verdrukte, die geen helper meer heeft;
13He will have pity on the poor and needy. He will save the souls of the needy.
13Zich over den zwakke en arme ontfermen, En uitkomst brengen aan de misdeelden.
14He will redeem their soul from oppression and violence. Their blood will be precious in his sight.
14Hij zal ze verlossen van druk en geweld, En hun bloed zal kostbaar zijn in zijn ogen;
15He will live; and Sheba’s gold will be given to him. Men will pray for him continually. They will bless him all day long.
15Hij zal ze doen leven, en het goud van Sjeba hun schenken, Steeds voor hen bidden, ze iedere dag zegenen.
16Abundance of grain shall be throughout the land. Its fruit sways like Lebanon. Let it flourish, thriving like the grass of the field.
16Dan zal er een overvloed van koren zijn in het land, Het zal wuiven op de toppen der bergen; Zijn aren zullen als de Libanon bloeien, En de halmen als het kruid op het veld.
17His name endures forever. His name continues as long as the sun. Men shall be blessed by him. All nations will call him blessed.
17Zijn Naam zij voor eeuwig gezegend, Zolang de zon schijnt, heerse zijn Naam: Alle volkeren zullen zich daarmee zegenen, Alle geslachten der aarde hem loven!
18Praise be to the LORD God, the God of Israel, who alone does marvelous deeds.
18Gezegend zij Jahweh, lsraëls God, Die wonderen doet, Hij alleen!
19Blessed be his glorious name forever! Let the whole earth be filled with his glory! Amen and amen.
19Gezegend voor eeuwig zijn heerlijke Naam, Heel de aarde worde vervuld van zijn glorie! Amen, Amen!
20This ends the prayers by David, the son of Jesse.
20Einde der gebeden van David, den zoon van Jesse.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.