Zacharias 3
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Toen liet hij mij Jehosjóea, den hogepriester, schouwen, die voor den engel van Jahweh stond, terwijl de Satan zich aan zijn rechterhand hield, om hem aan te klagen.
1เขาให้ข้าพเจ้าเห็นโยชูวาหัวหน้าปุโรหิตยืนอยู่ต่อหน้าทูตสวรรค์ของพระยาห์เวห์ และซาตานยืนอยู่ทางขวามือของโยชูวาเพื่อเป็นผู้ต่อต้านเขา
2Maar de engel van Jahweh sprak tot Satan: Jahweh bestraffe u, Satan; Jahweh, die Jerusalem heeft uitverkoren, bestraffe u! Is deze niet als een stuk hout, dat uit het vuur is gerukt?
2พระยาห์เวห์กล่าวกับซาตานว่า “ขอพระยาห์เวห์ตำหนิเจ้า ซาตาน! ขอพระยาห์เวห์ผู้เลือกเยรูซาเล็มตำหนิเจ้า! นี่ไม่ใช่ท่อนไม้ติดไฟที่ดึงออกมาจากกองไฟหรือ?”
3Want Jehosjóea stond met besmeurde kleren voor den engel.
3โยชูวาสวมเสื้อผ้าโสโครก ยืนอยู่ต่อหน้าทูตสวรรค์
4Deze hernam, en sprak tot hen, die voor hem stonden: Trekt hem de besmeurde klederen uit!
4เขาพูดกับผู้ที่ยืนอยู่ต่อหน้าเขาว่า “จงถอดเสื้อผ้าโสโครกออกจากคนนี้” แล้วบอกโยชูวาว่า “เราเอาความผิดของคุณออกไปแล้ว และจะให้คุณสวมเสื้อผ้างดงาม”
5En hij ging voort: Zet hem een reine tiaar op het hoofd! Ze zetten hem een reine tiaar op het hoofd, en trokken hem de klederen aan. De engel van Jahweh bleef erbij staan, en sprak tot hem: Zie, ik heb uw schuld van u weggenomen, en u met een feestgewaad bekleed.
5ข้าพเจ้าพูดว่า “ขอให้พวกเขาโพกผ้าสะอาดบนศีรษะของเขา” พวกเขาจึงโพกผ้าสะอาดบนศีรษะของโยชูวาและสวมเสื้อผ้าให้เขา โดยมีทูตสวรรค์ของพระยาห์เวห์ยืนอยู่ข้าง ๆ
6Toen bezwoer de engel van Jahweh Jehosjóea: Zo spreekt Jahweh der heirscharen!
6ทูตสวรรค์ของพระยาห์เวห์กล่าวยืนยันอย่างจริงจังกับโยชูวาว่า
7Wanneer gij mijn wegen bewandelt, En trouw in mijn bediening zijt, Dan zult gij ook mijn huis besturen, En mijn voorhoven bewaken. Dan verleen Ik u, te mogen verkeren Onder hen, die hier staan!
7“พระยาห์เวห์จอมทัพกล่าวดังนี้ ‘ถ้าคุณดำเนินตามทางของเราและปฏิบัติตามคำสั่งของเรา คุณจะได้ปกครองวิหารของเราและดูแลลานวิหารของเราด้วย เราจะให้คุณเข้าไปอยู่ในหมู่ผู้ที่ยืนอยู่ที่นี่ได้
8Hoor nu, Jehosjóea, hogepriester, Gij en uw ambtgenoten, die voor u zitten: Gij zult tot voorteken zijn, Dat Ik mijn Dienaar, den Spruit zal verwekken;
8จงฟังเถิด โยชูวาหัวหน้าปุโรหิต ทั้งคุณและสหายที่นั่งอยู่ต่อหน้าคุณ เพราะคนเหล่านี้เป็นสัญลักษณ์ เพราะเราจะนำผู้รับใช้ของเรา คือ «หน่อ» ออกมา
9Want zie, Ik leg de steen voor Jehosjóea neer, Op die éne steen zijn zeven ogen gericht! Zie, Ik heb er een inschrift op gebeiteld, Is de godsspraak van Jahweh der heirscharen: Op één dag delg Ik de schuld van het land!
9จงมองหินที่เราวางไว้ต่อหน้าโยชูวา บนหินก้อนเดียวมีดวงตาเจ็ดดวง เราจะสลักข้อความลงบนหินนั้น’ พระยาห์เวห์จอมทัพกล่าว ‘และจะเอาความผิดของแผ่นดินนั้นออกไปในวันเดียว
10Op die dag, is de godsspraak van Jahweh der heirscharen, Nodigt gij allen elkander uit Onder de wijnstok en vijg!
10ในวันนั้น’ พระยาห์เวห์จอมทัพกล่าว ‘แต่ละคนจะชวนเพื่อนบ้านของตนมาใต้เถาองุ่นและใต้ต้นมะเดื่อ’”
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.