Psalmen
Chapter 137
Petrus Canisius Bible, 1…
Compare
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

Coptic New Testament has no text for this chapter yet.

Aan Babels stromen zaten wij schreiend Bij de gedachte aan Sion;

2En aan de wilgen, die daar stonden, Hingen wij onze harpen op.

3Ja, daar durfden onze rovers Ons nog liederen vragen; En onze beulen: “Zingt ons vrolijke wijsjes Uit de zangen van Sion!”

4Ach, hoe zouden wij Jahweh’s liederen zingen Op vreemde bodem!

5Jerusalem, zo ik u zou vergeten, Ik vergat mijn rechterhand nog eer;

6Mijn tong mag aan mijn gehemelte kleven, Zo ik u niet gedenk: Zo ik niet meer van Jerusalem houd, Dan van het toppunt van vreugde.

7Jahweh, reken de zonen van Edom De dag van Jerusalem toe; Die riepen: Smijt ze neer, smijt ze neer; Neer met haar op de grond!

8En gij, dochter van Babel, moordenares: Heil hem, die u vergeldt wat gij ons hebt gedaan;

9Heil hem, die uw kinderen grijpt, En tegen de rots te pletter slaat!

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.