Leviticus 19
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Jahweh sprak tot Moses:
1พระยาห์เวห์ตรัสกับโมเสสว่า
2Beveel heel de gemeenschap van Israëls kinderen, en zeg hun: Weest heilig; want Ik, Jahweh uw God, ben heilig!
2“จงกล่าวแก่ชุมนุมทั้งหมดของชาวอิสราเอลว่า ‘พวกเจ้าต้องเป็นผู้ศักดิ์สิทธิ์ เพราะเราคือพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกเจ้า เราศักดิ์สิทธิ์
3Iedereen van u moet eerbied hebben voor zijn moeder en vader, en mijn sabbatten onderhouden. Ik ben Jahweh, uw God!
3“‘พวกเจ้าแต่ละคนต้องเคารพมารดาและบิดาของตน และต้องรักษาวันสะบาโตของเรา เราคือพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกเจ้า
4Gij moogt u niet tot de afgoden wenden en u geen gegoten goden maken. Ik ben Jahweh, uw God!
4“‘อย่าหันไปหารูปเคารพ และอย่าสร้างเทพเจ้าที่หล่อด้วยโลหะไว้สำหรับตน เราคือพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกเจ้า
5Wanneer gij Jahweh een vredeoffer brengt, doet het dan zo, dat het u ten goede komt.
5“‘เมื่อพวกเจ้าถวายเครื่องบูชาสันติสุขแด่พระยาห์เวห์ จงถวายในลักษณะที่พวกเจ้าจะได้รับการยอมรับ
6Op de dag, dat ge het offert, of op de volgende dag moet het worden gegeten. Wat er op de derde dag nog van over is, moet worden verbrand.
6ต้องกินเครื่องบูชานั้นในวันที่ถวายและในวันรุ่งขึ้น ถ้ามีส่วนใดเหลือถึงวันที่สาม ต้องเผาด้วยไฟ
7Zo het op de derde dag wordt gegeten, is het onrein en niet meer welgevallig.
7ถ้ากินในวันที่สาม สิ่งนั้นเป็นสิ่งน่ารังเกียจ และจะไม่ได้รับการยอมรับ
8Die het eet, maakt zich schuldig; want hij onteert, wat aan Jahweh is gewijd. Hij zal van zijn volk worden afgesneden.
8ผู้ที่กินต้องรับความผิดของตน เพราะเขาทำให้สิ่งศักดิ์สิทธิ์ของพระยาห์เวห์เสื่อมจากความศักดิ์สิทธิ์ คนนั้นต้องถูกตัดขาดจากประชาชนของตน
9Wanneer gij de oogst maait, die op uw land staat, moet ge uw akker niet tot de uiterste rand afmaaien, en geen nalezing houden van uw oogst.
9“‘เมื่อพวกเจ้าเก็บเกี่ยวผลผลิตในแผ่นดินของเจ้า อย่าเก็บเกี่ยวจนหมดถึงขอบแปลง และอย่าเก็บสิ่งที่ตกหล่นจากการเก็บเกี่ยว
10Ook in uw wijngaard moogt ge geen napluk houden, en de afgevallen vruchten van uw wijngaard niet oprapen. Ge moet ze den arme en den vreemde overlaten. Ik ben Jahweh, uw God!
10อย่าเก็บผลองุ่นในสวนจนหมด และอย่าเก็บผลองุ่นที่ตกในสวน จงเหลือไว้ให้คนยากจนและคนต่างถิ่น เราคือพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกเจ้า
11Ge zult niet stelen. Ge moogt niet liegen noch elkander bedriegen.
11“‘พวกเจ้าห้ามขโมย “‘พวกเจ้าห้ามโกหก “‘พวกเจ้าห้ามหลอกลวงกัน
12Ge moogt niet vals zweren bij mijn Naam, en de Naam van uw God niet ontheiligen. Ik ben Jahweh!
12“‘พวกเจ้าห้ามสาบานเท็จโดยอ้างนามของเรา ซึ่งเป็นการทำให้นามของพระเจ้าของเจ้าเสื่อมจากความศักดิ์สิทธิ์ เราคือพระยาห์เวห์
13Ge zult uw naaste niet afzetten of beroven. Ge zult het loon van den dagloner niet tot de volgende morgen bij u houden.
13“‘อย่าข่มเหงเพื่อนบ้านและอย่าปล้นเขา “‘อย่าเก็บค่าจ้างของลูกจ้างไว้กับเจ้าข้ามคืนจนถึงเช้า
14Een dove zult ge niet verwensen, en den blinde geen struikelblok in de weg leggen. Gij zult uw God vrezen; Ik ben Jahweh!
14“‘อย่าแช่งคนหูหนวก และอย่าวางสิ่งกีดขวางตรงหน้าคนตาบอดจนเขาสะดุด แต่จงยำเกรงพระเจ้าของเจ้า เราคือพระยาห์เวห์
15Gij zult bij de rechtspraak geen onrecht begaan: den arme niet bevoordelen, maar ook niet de partij van den rijke kiezen; met rechtvaardigheid moet ge uw naaste oordelen.
15“‘พวกเจ้าห้ามทำความอยุติธรรมในการพิพากษา อย่าลำเอียงเข้าข้างคนยากจน และอย่าเห็นแก่หน้าคนใหญ่คนโต แต่จงตัดสินเพื่อนบ้านอย่างยุติธรรม
16Gij zult geen laster onder uw volk rondstrooien, en niet naar het bloed van uw naaste dorsten. Ik ben Jahweh!
16“‘อย่าเที่ยวใส่ร้ายคนในประชาชนของเจ้า “‘อย่าทำสิ่งที่เป็นอันตรายต่อชีวิต ของเพื่อนบ้าน เราคือพระยาห์เวห์
17Gij moogt tegen uw broeder geen haat koesteren. Gij moet uw naaste terecht wijzen, om niet medeplichtig te worden aan zijn zonde.
17“‘อย่าเกลียดพี่น้องของเจ้าอยู่ในใจ จงตักเตือนเพื่อนบ้านอย่างตรงไปตรงมา เพื่อเจ้าจะไม่ต้องรับบาปเพราะเขา
18Neem geen wraak en blijf ook geen wraak koesteren tegen de zonen van uw volk, maar bemin uw naaste gelijk uzelf. Ik ben Jahweh!
18“‘อย่าแก้แค้นและอย่าผูกใจเจ็บต่อคนในประชาชนของเจ้า แต่จงรักเพื่อนบ้านเหมือนรักตนเอง เราคือพระยาห์เวห์
19Onderhoudt mijn voorschriften. Gij moogt geen ongelijksoortige beesten laten paren, geen ongelijksoortig zaad op uw akker zaaien, geen ongelijksoortig kleed, uit verschillende stoffen geweven, dragen.
19“‘พวกเจ้าต้องรักษากฎเกณฑ์ของเรา “‘ห้ามผสมพันธุ์สัตว์ต่างชนิดกัน “‘ห้ามหว่านเมล็ดพืชสองชนิดในแปลงเดียวกัน “‘ห้ามสวมเสื้อผ้าที่ทำจากวัสดุสองชนิด
20Wanneer een man gemeenschap heeft met een slavin, die aan een ander is toegezegd, maar nog niet is losgekocht of vrijgelaten, dan zal hem een tuchtiging worden toegediend, maar ze zullen niet worden gedood; want ze was nog niet vrijgelaten.
20“‘ถ้าชายคนใดร่วมหลับนอนกับหญิงที่เป็นทาสและหมั้นหมายกับชายอื่น แต่ยังไม่ได้รับการไถ่หรือปล่อยให้เป็นอิสระ ทั้งสองต้องถูกลงโทษ แต่ไม่ต้องถูกประหารชีวิต เพราะนางยังไม่ได้เป็นอิสระ
21Hij moet voor boete Jahweh een ram als schuldoffer brengen aan de ingang van de openbaringstent.
21ชายนั้นต้องนำแกะผู้หนึ่งตัวเป็นเครื่องบูชาชดใช้ความผิดมาถวายแด่พระยาห์เวห์ที่ทางเข้าเต็นท์นัดพบ
22De priester moet voor het aanschijn van Jahweh door den ram van het schuldoffer voor hem verzoening verkrijgen voor de zonde, die hij heeft bedreven; dan zal hem de zonde, die hij heeft bedreven, worden vergeven.
22ปุโรหิตต้องใช้แกะผู้สำหรับเครื่องบูชาชดใช้ความผิดประกอบพิธีลบล้างให้แก่เขาต่อหน้าพระยาห์เวห์ เพราะบาปที่เขาทำ แล้วบาปที่เขาทำจะได้รับการอภัย
23Wanneer gij in het land zijt gekomen en allerlei vruchtbomen plant, dan moet ge hun vruchten als hun voorhuid beschouwen; drie jaren moeten ze als onbesneden voor u zijn, en mag er niet van worden gegeten.
23“‘เมื่อพวกเจ้าเข้าไปในแผ่นดินและปลูกต้นไม้สำหรับกินผลทุกชนิด ให้ถือว่าผลของมันต้องห้าม เป็นเวลาสามปี ผลนั้นต้องห้ามสำหรับพวกเจ้าและห้ามกิน
24In het vierde jaar moeten al hun vruchten als feestgaven aan God worden gewijd.
24แต่ในปีที่สี่ ผลทั้งหมดจะเป็นของศักดิ์สิทธิ์สำหรับถวายคำสรรเสริญแด่พระยาห์เวห์
25In het vijfde jaar moogt ge de vruchten ervan eten; zo zult ge de opbrengst ervan nog vermeerderen. Ik ben Jahweh, uw God!
25ในปีที่ห้า พวกเจ้าจึงกินผลของมันได้ เพื่อให้ต้นไม้ออกผลเพิ่มพูนแก่พวกเจ้า เราคือพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกเจ้า
26Gij moogt niet op de bergen eten, en u niet afgeven met waarzeggerij of toverij.
26“‘พวกเจ้าห้ามกินเนื้อที่ยังมีเลือดอยู่ ห้ามทำนายโชคชะตาและห้ามทำไสยศาสตร์
27Ge moogt uw haar aan uw slapen niet afscheren, de rand van uw baard niet korten,
27“‘พวกเจ้าห้ามตัดผมบริเวณข้างศีรษะ และห้ามเล็มขอบเครา
28uw lichaam niet kerven om een dode, en geen figuren in uw lichaam snijden. Ik ben Jahweh!
28“‘พวกเจ้าห้ามกรีดเนื้อของตนเพื่อไว้ทุกข์ให้คนตาย และห้ามสักเครื่องหมายใดบนตัว เราคือพระยาห์เวห์
29Gij zult uw dochter niet ontwijden door ze tot ontucht aan te zetten, zodat het land losbandig wordt en vol liederlijkheid.
29“‘อย่าทำให้บุตรสาวของเจ้าเสื่อมเกียรติด้วยการให้นางเป็นโสเภณี มิฉะนั้นแผ่นดินจะตกอยู่ในการโสเภณีและเต็มไปด้วยความชั่วร้าย
30Onderhoudt mijn sabbatdagen, en hebt eerbied voor mijn heiligdom. Ik ben Jahweh!
30“‘พวกเจ้าต้องรักษาวันสะบาโตของเรา และยำเกรงสถานบริสุทธิ์ของเรา เราคือพระยาห์เวห์
31Gij moogt uw toevlucht niet nemen tot spoken en waarzeggende geesten, en ze niet ondervragen; daardoor verontreinigt ge u. Ik ben Jahweh, uw God!
31“‘อย่าหันไปหาคนทรงผีหรือหมอผี และอย่าไปหาพวกเขาเพื่อไม่ให้ตัวเองเป็นมลทินเพราะพวกเขา เราคือพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกเจ้า
32Sta op voor den grijsaard, heb eerbied voor de ouderdom, en vrees uw God. Ik ben Jahweh!
32“‘เมื่อพบผู้มีผมหงอก จงลุกขึ้นยืนและให้เกียรติผู้สูงอายุ และจงยำเกรงพระเจ้าของเจ้า เราคือพระยาห์เวห์
33Wanneer een vreemdeling bij u in het land woont, moogt ge hem niet verdrukken.
33“‘ถ้าคนต่างถิ่นมาอาศัยอยู่กับพวกเจ้าในแผ่นดินของเจ้า อย่าข่มเหงเขา
34Als uw eigen landgenoot moet u de vreemdeling zijn, die bij u woont, en gij zult hem beminnen als uzelf; want ook gij zijt vreemdeling in Egypte geweest. Ik ben Jahweh, uw God!
34คนต่างถิ่นที่อาศัยอยู่กับพวกเจ้าต้องเป็นเหมือนคนที่เกิดในแผ่นดินสำหรับพวกเจ้า จงรักเขาเหมือนรักตนเอง เพราะพวกเจ้าเคยเป็นคนต่างถิ่นในแผ่นดินอียิปต์ เราคือพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกเจ้า
35Weest niet oneerlijk bij de rechtspraak; niet oneerlijk in el, gewicht en maat.
35“‘พวกเจ้าห้ามทำความอยุติธรรมในการตัดสินเรื่องการวัดความยาว น้ำหนัก หรือปริมาตร
36Een zuivere weegschaal, juiste gewichten, een juiste efa en hin moet ge hebben. Ik ben Jahweh, uw God, die u uit Egypte heb geleid!
36พวกเจ้าต้องมีตาชั่งที่ยุติธรรม ลูกตุ้มน้ำหนักที่ยุติธรรม เอฟาห์ที่ยุติธรรม และฮินที่ยุติธรรม เราคือพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกเจ้า ผู้ได้นำพวกเจ้าออกจากแผ่นดินอียิปต์
37Onderhoudt dus al mijn voorschriften en geboden, en handelt er naar. Ik ben Jahweh!
37“‘พวกเจ้าต้องรักษากฎเกณฑ์และข้อบัญญัติทั้งหมดของเรา และปฏิบัติตาม เราคือพระยาห์เวห์’”
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.