Exodus
Chapter 25
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Diodati Bibbia 1885
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Diodati Bibbia 1885
1Daar sprak Jahweh tot Moses:
1E IL Signore parlò a Mosè, dicendo: Di' a' figliuoli d'Israele, che prendano da far mi un'offerta;
2Zeg de kinderen Israëls, dat ze Mij geschenken brengen; van iedereen, wien het hart het ingeeft, zult ge geschenken aanvaarden.
2prendete quella mia offerta da ogni uomo il cui cuore lo moverà volontariamente.
3Dit zijn de geschenken, die ge van hen moet aannemen: goud, zilver en brons,
3E quest' è l'offerta che voi prenderete da loro: oro, e argento, e rame;
4violet, purper, karmozijn, getwijnd lijnwaad en geitenhaar,
4e violato, e porpora, e scarlatto, e fin lino, e pel di capra;
5roodgeverfde ramsvellen, gelooide huiden en acaciahout;
5e pelli di montoni tinte in rosso, e pelli di tassi, e legno di Sittim;
6olie voor de lampen, specerijen voor de zalfolie en voor de geurige wierook;
6olio per la lumiera, aromati per l'olio dell'Unzione, e per lo profumo degli aromati;
7onyxstenen en andere edelstenen, om er het borstkleed en de borsttas mee te bezetten.
7pietre onichine, e pietre da incastonare, per l'Efod, e per lo Pettorale.
8Want ge moet voor Mij een heiligdom maken, opdat Ik in hun midden kan wonen.
8E faccianmi essi un Santuario, ed io abiterò nel mezzo di loro.
9En ge moet de tabernakel met toebehoren nauwkeurig naar de modellen vervaardigen, die Ik u nu ga tonen.
9Fatelo interamente secondo il modello del Tabernacolo, e il modello di tutti i suoi arredi, che io ti mostro.
10Ge moet een ark vervaardigen van acaciahout, twee en een halve el lang, anderhalve el breed en anderhalve el hoog.
10Facciano adunque un'Arca di legno di Sittim, la cui lunghezza sia di due cubiti e mezzo, e la larghezza di un cubito e mezzo, e l'altezza di un cubito e mezzo.
11Ge moet haar van binnen en van buiten met zuiver goud bekleden en er loofwerk van goud omheen maken.
11E coprila d'oro puro di dentro e di fuori; e fa' sopra essa una corona d'oro attorno.
12Dan moet ge er vier gouden krammen voor gieten, en die boven aan de vier poten bevestigen, twee krammen aan iedere kant.
12E fondile quattro anelli d'oro, e metti quegli anelli a' quattro cantoni di essa, due da uno de' lati dell'Arca , e due dall'altro.
13Maak vervolgens handbomen van acaciahout, besla ze met goud,
13Fai ancora delle stanghe di legno di Sittim, e coprile d'oro.
14en steek ze in de krammen aan weerskanten van de ark, om daarmee de ark te dragen.
14E metti quelle stanghe dentro agli anelli da' lati dell'Arca, per portarla con esse.
15De handbomen moeten in de krammen aan de ark blijven, en mogen er niet worden uitgetrokken.
15Dimorino le stanghe negli anelli dell'Arca e non ne sieno rimosse.
16In de ark moet ge de verbondswet leggen, die Ik u geven zal.
16Poi metti nell'Arca la Testimonianza che io ti darò.
17Daarna moet ge ook een verzoendeksel maken van zuiver goud, twee en een halve el lang en anderhalve el breed.
17Fa' eziandio all'Arca un Coperchio d'oro puro, la cui lunghezza sia di due cubiti e mezzo, e la larghezza di un cubito e mezzo.
18Aan de beide uiteinden van het verzoendeksel moet ge twee gouden cherubs als drijfwerk maken.
18E fa' due Cherubini d'oro; falli di lavoro tirato al martello, a' due capi del Coperchio.
19Sla een cherub uit aan het ene einde en een cherub aan het andere einde; dus in het verzoendeksel zelf moet ge aan beide uiteinden de cherubs uitslaan.
19Fai adunque un Cherubino da un de' capi di qua, e un altro dall'altro di là; fate questi Cherubini tirati dal Coperchio stesso, sopra i due capi d'esso.
20De cherubs moeten hun vleugels omhoog spreiden, en met hun vleugels het verzoendeksel overspannen; ze moeten tegenover elkander staan, terwijl hun gezichten naar het verzoendeksel gericht moeten zijn.
20E spandano i Cherubini l'ale in su, facendo con le loro ale una coverta al disopra del Coperchio, e abbiano le lor facce volte l'un verso l'altro; sieno le facce de' Cherubini volte verso il Coperchio.
21Leg dan het verzoendeksel boven op de ark, en de verbondswet, die Ik u geven zal, erin.
21E metti il Coperchio in su l'Arca disopra, e nell'Arca metti la Testimonianza che io ti darò.
22Daar zal Ik Mij aan u openbaren, en boven het verzoendeksel tussen de twee cherubs, die op de ark des Verbonds staan, zal Ik alles mededelen, wat Ik u voor de Israëlieten heb te bevelen.
22Ed io mi troverò quivi presente teco, e parlerò teco d'in sul Coperchio, di mezzo i due Cherubini che saranno sopra l'Arca della Testimonianza; e ti dirò tutte le cose che ti comanderò di proporre a' figliuoli di Israele.
23Gij moet ook een tafel van acaciahout vervaardigen, twee ellen lang, een el breed en anderhalve el hoog.
23Fa' ancora una Tavola di legno di Sittim, la cui lunghezza sia di due cubiti, e la larghezza di un cubito e l'altezza di un cubito e mezzo.
24Overtrek die met zuiver goud, en maak er loofwerk van goud omheen.
24E coprila d'oro puro, e falle una corona d'oro attorno.
25Gij moet daar een lijst van een hand breed omheen maken, en om die lijst loofwerk van goud.
25Falle eziandio attorno una chiusura di un palmo, d'oro puro, e a quella sua chiusura fa' una corona d'oro attorno attorno.
26Dan moet ge vier gouden krammen maken, en die aan de vier hoeken bij de poten bevestigen.
26Falle, oltre a ciò, quattro anelli d'oro, e metti quegli anelli a' quattro canti, che saranno ai quattro piedi di essa.
27Breng die krammen voor de handbomen van de tafel vlak bij de lijst aan.
27Sieno gli anelli dirincontro alla chiusura, per farvi passar dentro le stanghe, per portar la Tavola.
28De handbomen moet ge van acaciahout maken, en met goud beslaan; daarmee moet de tafel worden gedragen.
28E fa' le stanghe di legno di Sittim, e coprile d'oro, e con esse portisi la Tavola.
29Bovendien moet ge nog de nodige schotels, kannen, bekers en schalen vervaardigen voor het uitgieten van de plengoffers; ge moet ze maken van zuiver goud.
29Fa' eziandio i suoi piattelli, le sue scodelle, i suoi nappi, e i suoi bacini, co' quali si faranno gli spargimenti; fa'quelle cose d'oro puro.
30Ook moet ge er voor zorgen, dat er op de tafel voortdurend toonbroden voor Mij liggen.
30E metti sopra la Tavola il pane del cospetto, il quale sia del continuo nel mio cospetto.
31Vervolgens moet ge een kandelaar maken van zuiver goud. De kandelaar moet drijfwerk zijn: zijn voetstuk en schacht, zijn bloemkelken, knoppen en bloesems uit één stuk.
31Fa' ancora un Candelliere d'oro puro; facciasi di lavoro tirato al martello, così il suo gambo, come i suoi rami; sieno i vasi d'esso, i suoi pomi, e le sue bocce, di un pezzo col Candelliere.
32Zes armen moeten terzijde uitsteken, drie armen aan de ene kant van de kandelaar en drie armen aan de andere kant.
32E sienvi sei rami procedenti da' lati di esso; tre de' rami del Candelliere dall'uno de' lati di esso, e tre dall'altro.
33Aan iedere arm moeten drie bloemkelken zitten in de vorm van amandelbloesem, knoppen en bloesems; dus aan de zes armen, die uit de kandelaar steken op dezelfde manier.
33In uno di essi rami sieno tre vasi in forma di mandorla; e un pomo, e una boccia a ciascun vaso ; e parimente nell'altro ramo, tre vasi in forma di mandorla; e un pomo e una boccia a ciascun vaso; e così conseguentemente ne' sei rami del Candelliere.
34Maar aan de kandelaar zelf moeten vier bloemkelken zitten in de vorm van amandelbloesem, knoppen en bloesems;
34E nel gambo del Candelliere sieno quattro vasi in forma di mandorla, co' suoi pomi, e con le sue bocce.
35telkens moet één knop onder elk van de drie paar armen zitten, waar de zes armen uit de kandelaar schieten.
35E ne' sei rami procedenti dal Candelliere, siavi un pomo sotto i due primi rami di un pezzo col Candelliere; e un pomo sotto i due altri rami, d'un pezzo altresì col Candelliere; e un pomo sotto i due ultimi rami, di un pezzo altresì col Candelliere.
36De knoppen en armen moeten met de kandelaar zelf uit één stuk zijn; het geheel één stuk drijfwerk van zuiver goud.
36Sieno i pomi, e i rami loro di un pezzo col Candelliere; sia tutto il Candelliere di un pezzo, d'oro puro, tirato al martello.
37Bovendien moet ge de zeven lampen maken, die er bij horen, en deze er zo boven op plaatsen, dat het licht naar de voorzijde valt.
37Fa' ancora le sette lampane di esso, e accendansi, e porgano lume verso la parte anteriore del Candelliere.
38Ook de snuiters en bakjes moeten van zuiver goud zijn.
38E sieno gli smoccolatoi, e i catinelli di esso d'oro puro.
39Een talent zuiver goud moet men gebruiken voor de kandelaar en voor alles wat er bij hoort.
39Impiega intorno ad esso, e intorno a tutti questi strumenti, un talento d'oro.
40Zorg er voor, dat ge het vervaardigt naar de modellen, die u op de berg zijn getoond.
40E vedi di far tutte queste cose, secondo il modello che ti è mostrato in sul monte.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.