Deuteronomium 19
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Wanneer Jahweh, uw God, de volken, wier land Hij u zal geven, heeft uitgeroeid en verdreven, en gij hun steden en huizen bewoont,
1เมื่อพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณทรงกำจัดชนชาติเหล่านั้น ซึ่งพระองค์ประทานแผ่นดินของพวกเขาให้พวกคุณ แล้วพวกคุณเข้าแทนที่และอาศัยอยู่ในเมืองและบ้านของพวกเขา
2dan moet ge in uw land, dat Jahweh, uw God, u in bezit gaat geven, drie steden aanwijzen.
2จงแยกเมืองสามเมืองไว้ในใจกลางแผ่นดินที่พระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณประทานให้ครอบครอง
3Ge moet de afstand bepalen, en daarnaar het land, dat Jahweh, uw God, u zal schenken, in drie districten verdelen, zodat iedereen, die een ander gedood heeft, daarheen kan vluchten.
3จงเตรียมเส้นทางไปยังเมืองเหล่านั้น และแบ่งเขตแผ่นดินที่พระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณทรงให้เป็นมรดกออกเป็นสามส่วน เพื่อผู้ที่ฆ่าคนจะหนีไปที่นั่นได้
4Maar dit is de voorwaarde, waarop iemand, die een ander gedood heeft en daarheen is gevlucht, in leven mag blijven: dat hij den ander zonder opzet heeft verslagen en zonder dat hij hem vroeger haat had toegedragen.
4กรณีที่ผู้ฆ่าคนจะหนีไปที่นั่นและมีชีวิตอยู่ได้ คือผู้ที่ฆ่าเพื่อนบ้านโดยไม่เจตนา และไม่เคยเกลียดชังเขามาก่อน
5Bijvoorbeeld: als iemand met een ander in het bos hout gaat hakken, en met de bijl zwaait om de boom om te houwen, doch het ijzer schiet van de steel en treft den ander dodelijk, dan kan hij naar een van die steden vluchten, om in leven te blijven.
5เช่น ชายคนหนึ่งเข้าไปในป่ากับเพื่อนบ้านเพื่อตัดไม้ แล้วเหวี่ยงขวานฟันต้นไม้ แต่หัวขวานหลุดจากด้ามไปถูกเพื่อนบ้านจนตาย เขาก็หนีไปยังเมืองใดเมืองหนึ่งเหล่านี้และมีชีวิตอยู่ได้
6Anders zou de bloedwreker hem, die de dood heeft veroorzaakt, in zijn woede vervolgen, hem inhalen, omdat de afstand te groot is, en hem om het leven brengen, ofschoon hij de dood niet verdiende, daar hij hem tevoren niet heeft gehaat.
6มิฉะนั้น ผู้แก้แค้นแทนผู้ตายอาจไล่ตามผู้ฆ่าคนนั้นด้วยความโกรธพลุ่งพล่าน และตามทันเพราะทางไกล แล้วฆ่าเขา ทั้งที่เขาไม่สมควรตาย เพราะเขาไม่เคยเกลียดชังผู้ตายมาก่อน
7Daarom beveel ik u: wijs drie steden aan.
7เพราะฉะนั้นผมจึงสั่งให้พวกคุณแยกเมืองสามเมืองไว้
8En wanneer Jahweh, uw God, uw gebied heeft vergroot, zoals Hij aan uw vaderen heeft gezworen, en wanneer Hij u heel het land heeft gegeven, dat Hij aan uw vaderen beloofd heeft,
8ถ้าพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณทรงขยายเขตแดนตามที่ทรงปฏิญาณไว้กับบรรพบุรุษ และประทานแผ่นดินทั้งหมดที่ทรงสัญญาไว้กับบรรพบุรุษ
9als gij alle geboden nauwgezet onderhoudt, die ik u heden beveel, en gij Jahweh, uw God, bemint en altijd zijn wegen bewandelt: dan moet ge bij deze drie steden nog drie andere voegen,
9ถ้าพวกคุณระมัดระวังทำตามพระบัญชาทั้งหมดที่ผมกำลังสั่งในวันนี้ คือรักพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณและดำเนินตามทางของพระองค์เสมอ ก็ให้เพิ่มอีกสามเมืองจากสามเมืองนี้
10opdat er geen onschuldig bloed in uw land wordt vergoten, dat Jahweh, uw God, u tot erfdeel geeft, en er geen bloedschuld op u rust.
10เพื่อจะไม่มีการหลั่งเลือดผู้บริสุทธิ์ในแผ่นดินที่พระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณประทานให้เป็นมรดก และพวกคุณจะไม่ต้องรับผิดเพราะเลือดนั้น
11Maar wanneer iemand zijn naaste haat, hem lagen legt, overvalt en doodslaat, en hij vlucht dan naar een van die steden,
11แต่ถ้าชายคนหนึ่งเกลียดเพื่อนบ้าน ดักซุ่มรอ ลุกขึ้นทำร้ายจนตาย แล้วหนีไปยังเมืองใดเมืองหนึ่งเหล่านี้
12dan moeten de oudsten van zijn stad hem vandaar laten weghalen en hem aan den bloedwreker uitleveren, opdat hij sterve.
12ให้พวกผู้ใหญ่ของเมืองเขาส่งคนไปนำตัวเขากลับมา แล้วมอบไว้ในมือของผู้แก้แค้นแทนผู้ตายเพื่อให้เขาตาย
13Ge moet geen medelijden met hem hebben, en geen onschuldig bloed op Israël laten rusten. Dan zal het u goed gaan.
13อย่าสงสารเขา จงขจัดความผิดจากการหลั่งเลือดผู้บริสุทธิ์ออกจากอิสราเอล แล้วพวกคุณจะอยู่ดีมีสุข
14Gij moogt in het erfdeel, dat gij in het land zult verkrijgen, dat Jahweh, uw God, u in bezit gaat geven, de grens van uw naaste, die de voorvaderen hebben vastgesteld, niet verleggen.
14อย่าย้ายหลักเขตของเพื่อนบ้านซึ่งคนรุ่นก่อนปักไว้ ในมรดกที่พวกคุณจะได้รับ ในแผ่นดินที่พระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณประทานให้ครอบครอง
15Welke misdaad of welke zonde iemand ook heeft misdreven, één getuige zal tegen hem niet gelden, maar de uitspraak moet op de verklaring van twee of drie getuigen berusten.
15จะกล่าวหาใครว่าทำผิดหรือทำบาปโดยอาศัยพยานเพียงคนเดียวไม่ได้ เรื่องหนึ่งจะยืนยันได้ด้วยคำให้การของพยานสองหรือสามคน
16Wanneer een verdachte getuige tegen iemand optreedt, om hem van een vergrijp te beschuldigen,
16ถ้ามีพยานคนหนึ่งลุกขึ้นกล่าวหาใครอย่างไม่เป็นธรรมว่าทำผิด
17dan moeten de beide mannen, tussen wie het geding gaat, in tegenwoordigheid van de priesters en rechters, die er in die dagen zullen zijn, voor het aanschijn van Jahweh treden.
17ให้ชายทั้งสองที่มีข้อพิพาทกันยืนต่อหน้าพระยาห์เวห์ ต่อหน้าปุโรหิตและผู้พิพากษาที่ทำหน้าที่ในเวลานั้น
18en de rechters moeten dan een zorgvuldig onderzoek instellen. Blijkt nu de getuige een valse getuige te zijn, en heeft hij een valse getuigenis tegen zijn broeder afgelegd,
18ผู้พิพากษาต้องสอบสวนอย่างละเอียด ถ้าพบว่าพยานคนนั้นเป็นพยานเท็จและกล่าวหาเพื่อนร่วมชาติอย่างเท็จ
19dan zal men hem aandoen, wat hij zijn broeder dacht te berokkenen. Zo zult gij dit kwaad uw uit midden uitroeien;
19จงทำกับเขาอย่างที่เขาตั้งใจจะทำกับเพื่อนร่วมชาติ จงกำจัดความชั่วออกจากท่ามกลางพวกคุณ
20de anderen zullen het horen en vrezen, en nooit meer een dergelijk kwaad in uw midden bedrijven.
20คนที่เหลือจะได้ยินและเกรงกลัว และจะไม่ทำความชั่วเช่นนี้ในหมู่พวกคุณอีก
21Ge moet geen medelijden hebben: leven voor leven, oog voor oog, tand voor tand, hand voor hand, voet voor voet.
21อย่าสงสาร ชีวิตแทนชีวิต ตาแทนตา ฟันแทนฟัน มือแทนมือ เท้าแทนเท้า
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.