Deuteronomium 18
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1De levietische priesters, heel de stam van Levi, zal geen deel en geen erfbezit verkrijgen met Israël, maar van de vuuroffers van Jahweh en van zijn aandeel eten.
1ปุโรหิตและคนเลวี คือเผ่าเลวีทั้งหมด จะไม่มีส่วนแบ่งหรือมรดกร่วมกับอิสราเอล พวกเขาจะกินของถวายแด่พระยาห์เวห์ที่เผาด้วยไฟและส่วนที่เป็นของพระองค์
2Hij zal geen erfdeel hebben onder zijn broeders: want Jahweh is zijn erfdeel, zoals Hij het hem heeft beloofd.
2พวกเขาจะไม่มีมรดกร่วมกับพี่น้อง พระยาห์เวห์ทรงเป็นมรดกของพวกเขา ตามที่พระองค์ตรัสไว้
3Het volgende komt de priesters van de kant van het volk rechtens toe. Zij, die een slachtoffer opdragen, rund of schaap, moeten aan den priester het schouderstuk geven, de beide kinnebakken en de maag;
3ส่วนที่ปุโรหิตมีสิทธิ์ได้รับจากประชาชนผู้ถวายเครื่องบูชา ไม่ว่าจะเป็นวัวหรือแกะ คือหัวไหล่ แก้มทั้งสองข้าง และเครื่องใน
4bovendien moet ge hem de eerstelingen van uw koren, most en olie en de eerste wol van uw schapen geven.
4จงให้ผลแรกจากธัญพืช เหล้าองุ่นใหม่ และน้ำมันของพวกคุณแก่เขา รวมทั้งขนแกะชุดแรกที่ตัดได้
5Want Jahweh, uw God, heeft hem uit al uw stammen uitverkoren, om met zijn zonen steeds voor het aanschijn van Jahweh, uw God, te staan, Hem te dienen en in de Naam van Jahweh te zegenen.
5เพราะพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณทรงเลือกเขาจากทุกเผ่า ให้เขาและลูกชายของเขารับใช้ในพระนามของพระยาห์เวห์ตลอดไป
6En wanneer een leviet geheel uit eigen beweging uit een der steden van heel Israël, waar hij verblijf houdt, naar de plaats komt, die Jahweh zal uitverkiezen,
6ถ้าคนเลวีคนหนึ่งปรารถนาอย่างยิ่งที่จะมายังสถานที่ที่พระยาห์เวห์จะทรงเลือก และเดินทางมาจากเมืองใดในอิสราเอลที่เขาอาศัยอยู่
7dan mag hij dienst doen in de Naam van Jahweh, zijn God, evenals zijn levietische broeders, die daar voor het aanschijn van Jahweh staan.
7เขาก็รับใช้ในพระนามของพระยาห์เวห์พระเจ้าของตนได้ เช่นเดียวกับพี่น้องคนเลวีทุกคนที่รับใช้พระยาห์เวห์อยู่ที่นั่น
8Hij zal dan hetzelfde aandeel genieten, afgezien van wat hij trekt van zijn vaderlijk bezit.
8พวกเขามีสิทธิ์ได้รับส่วนอาหารเท่าเทียมกัน นอกเหนือจากรายได้ที่เขาได้จากการขายทรัพย์สินของครอบครัว
9Wanneer gij in het land zijt gekomen, dat Jahweh, uw God, u zal geven, moogt gij u niet de afschuwelijke praktijken van die volken eigen maken.
9เมื่อพวกคุณเข้าไปในแผ่นดินที่พระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณประทานให้ อย่าเรียนรู้ที่จะทำตามสิ่งน่าสะอิดสะเอียนของชนชาติเหล่านั้น
10Er mag onder u niemand worden gevonden, die zijn zoon of zijn dochter aan het vuur prijs geeft, niemand die waarzeggerij, toverij, wichelarij, zwarte kunst
10อย่าให้มีใครในหมู่พวกคุณนำลูกชายหรือลูกสาวผ่านไฟ หรือเป็นผู้เสี่ยงทาย ผู้ทำนายโชคชะตา ผู้ใช้มนตร์สะกด หรือผู้ใช้เวทมนตร์
11en hekserij uitoefent; niemand die onderaardse of waarzeggende geesten raadpleegt, of doden ondervraagt.
11ผู้ร่ายมนตร์ ผู้ติดต่อวิญญาณ ผู้ใช้ไสยศาสตร์ หรือผู้เรียกวิญญาณคนตาย
12Want iedereen, die zo iets doet, is een afschuw voor Jahweh; en juist om deze gruwelen verdrijft Jahweh, uw God, deze volken voor u.
12เพราะทุกคนที่ทำสิ่งเหล่านี้น่าสะอิดสะเอียนต่อพระยาห์เวห์ และเพราะสิ่งน่าสะอิดสะเอียนเหล่านี้ พระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณจึงทรงขับไล่ชนชาติเหล่านั้นออกไป
13Gij moet onafscheidelijk met Jahweh, uw God, zijn verbonden;
13จงดำเนินชีวิตอย่างไร้ตำหนิต่อพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณ
14maar deze volken, die gij gaat verjagen, luisteren naar waarzeggers en tovenaars, en dat staat Jahweh, uw God, u niet toe.
14เพราะชนชาติเหล่านี้ที่พวกคุณกำลังจะขับไล่ออกไปฟังผู้ใช้เวทมนตร์และผู้เสี่ยงทาย แต่พระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณไม่ทรงอนุญาตให้พวกคุณทำเช่นนั้น
15Jahweh, uw God, zal uit de kring van uw broeders een profeet opwekken, gelijk aan mij; naar hem moet gij luisteren!
15พระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณจะทรงตั้งผู้เผยพระวจนะคนหนึ่งขึ้นจากหมู่พวกคุณเอง จากพี่น้องร่วมชาติ เหมือนผม พวกคุณต้องฟังเขา
16Gij hebt het toch zelf van Jahweh, uw God, verlangd bij de Horeb, toen ge bijeen waart geroepen en vroegt: Laat mij de stem van Jahweh, mijn God, nooit meer horen, en dat grote vuur nooit meer zien, opdat ik niet sterve!
16ทั้งนี้เป็นไปตามที่พวกคุณขอจากพระยาห์เวห์พระเจ้าของพวกคุณที่โฮเรบในวันชุมนุมว่า ‘ขออย่าให้ฉันได้ยินเสียงของพระยาห์เวห์พระเจ้าของฉันอีก และอย่าให้ฉันเห็นไฟใหญ่นี้อีกเลย เพื่อฉันจะไม่ตาย’
17En Jahweh zeide tot mij: Hoe voortreffelijk hebben zij het gezegd!
17พระยาห์เวห์ตรัสกับผมว่า ‘สิ่งที่พวกเขาพูดนั้นดีแล้ว
18Ik zal een profeet, aan u gelijk, uit de kring van hun broeders doen opstaan, en mijn woorden in zijn mond leggen; hij zal tot hen spreken, al wat Ik hem zal bevelen.
18เราจะตั้งผู้เผยพระวจนะคนหนึ่งขึ้นจากพี่น้องของพวกเขาเหมือนเจ้า เราจะใส่ถ้อยคำของเราไว้ในปากของเขา และเขาจะพูดทุกสิ่งที่เราบัญชาแก่พวกเขา
19En wanneer iemand niet naar zijn woorden, die hij in mijn Naam zal spreken, luistert, dan zal Ik het op hem wreken.
19ผู้ใดไม่ฟังถ้อยคำของเราที่เขาพูดในนามของเรา เราจะเอาผิดผู้นั้นเอง
20Maar de profeet, die vermetel genoeg is, in mijn Naam een woord te spreken, wat Ik hem niet heb bevolen, of die in de naam van vreemde goden durft spreken, zal sterven.
20แต่ผู้เผยพระวจนะคนใดอวดดีพูดในนามของเราในสิ่งที่เราไม่ได้สั่งให้พูด หรือพูดในนามของเทพเจ้าอื่น ผู้เผยพระวจนะคนนั้นต้องตาย’
21En zo ge bij u zelf denkt: Hoe zullen we weten, dat Jahweh dat woord niet heeft gesproken?
21พวกคุณอาจคิดในใจว่า ‘เราจะรู้ได้อย่างไรว่าถ้อยคำนั้นพระยาห์เวห์ไม่ได้ตรัส?’
22Welnu, wanneer een profeet in de Naam van Jahweh spreekt, en het woord komt niet uit en wordt niet vervuld, dan kan dat het woord van Jahweh niet zijn. Dan heeft de profeet vermetel gesproken; gij behoeft dan geen ontzag voor hem te hebben.
22เมื่อผู้เผยพระวจนะพูดในพระนามของพระยาห์เวห์ ถ้าเรื่องนั้นไม่เกิดขึ้นและไม่เป็นจริง นั่นคือถ้อยคำที่พระยาห์เวห์ไม่ได้ตรัส ผู้เผยพระวจนะคนนั้นพูดด้วยความอวดดี พวกคุณไม่ต้องกลัวเขา
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.