2 Koningen 20
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
1In die dagen werd Ezekias dodelijk ziek. De profeet Isaias, de zoon van Amos, ging naar hem toe, en sprak tot hem: Dit zegt Jahweh! Maak uw zaken in orde; want ge moet sterven en zult niet langer leven.
1那時, 希西家 病得要死。 亞摩斯 的兒子先知 以賽亞 去見他,對他說:「耶和華如此說:『你當留遺命與你的家,因為你必死,不能活了。』」
2Toen keerde Ezekias zijn gezicht naar de muur en bad tot Jahweh:
2希西家 就轉臉朝牆,禱告耶和華說:
3Ach Jahweh, denk er toch aan, hoe ik trouw en in oprechtheid des harten voor U heb geleefd, en steeds heb gedaan, wat U aangenaam was. En Ezekias barstte in tranen uit.
3「耶和華啊,求你記念我在你面前怎樣存完全的心,按誠實行事,又做你眼中所看為善的。」 希西家 就痛哭了。
4Isaias had de binnenhof nog niet verlaten, of het woord van Jahweh werd tot hem gericht:
4以賽亞 出來,還沒有到中院,耶和華的話就臨到他,說:
5Keer terug, en zeg tot Ezekias, den vorst van mijn volk: Zo spreekt Jahweh, de God van David, uw vader! Ik heb uw smeken gehoord en uw tranen gezien. Zie, Ik zal u genezen; overmorgen zult ge naar de tempel van Jahweh gaan.
5「你回去告訴我民的君 希西家 說:耶和華-你祖 大衛 的上帝如此說:『我聽見了你的禱告,看見了你的眼淚,我必醫治你;到第三日,你必上到耶和華的殿。
6En Ik zal uw leven met vijftien jaren verlengen; ook zal Ik u en deze stad uit de macht van den assyrischen koning bevrijden, en deze stad in bescherming nemen ter wille van Mijzelf en van David, mijn dienaar.
6我必加增你十五年的壽數,並且我要救你和這城脫離 亞述 王的手。我為自己和我僕人 大衛 的緣故,必保護這城。』」
7Toen sprak Isaias: Haal een vijgenkoek. Ze deden het en legden hem op het gezwel. En Ezekias genas.
7以賽亞 說:「當取一塊無花果餅來。」人就取了來,貼在瘡上,王便痊癒了。
8Ezekias vroeg Isaias: Wat is het teken, dat Jahweh mij zal genezen, en dat ik binnen drie dagen naar de tempel van Jahweh zal gaan?
8希西家 問 以賽亞 說:「耶和華必醫治我,到第三日,我能上耶和華的殿,有甚麼兆頭呢?」
9Isaias zeide: Dit is voor u het teken van Jahweh, dat Jahweh wat Hij beloofd heeft, zal doen. Moet de schaduw tien graden vooruit, of tien graden teruggaan?
9以賽亞 說:「耶和華必成就他所說的。這是他給你的兆頭:你要日影向前進十度呢?是要往後退十度呢?」
10Ezekias zeide: Het zegt niet veel, wanneer de schaduw tien graden naar beneden gaat; neen zij moet teruggaan, tien graden achteruit.
10希西家 回答說:「日影向前進十度容易,我要日影往後退十度。」
11Nu riep de profeet Isaias Jahweh aan, en de schaduw op de zonnewijzer van Achaz ging tien graden terug, juist zoveel als zij reeds gedaald was.
11先知 以賽亞 求告耶和華,耶和華就使 亞哈斯 的日晷向前進的日影,往後退了十度。
12In die tijd zond Merodak-Baladan, de zoon van Baladan en koning van Babel, gezanten naar Ezekias met brieven en geschenken; want hij had van zijn ziekte gehoord.
12那時, 巴比倫 王 巴拉但 的兒子 米羅達‧巴拉但 聽見 希西家 病而痊癒,就送書信和禮物給他。
13In zijn vreugde hierover liet Ezekias hun heel zijn schatkamer zien met het zilver en het goud, de specerijen en de kostbare olie: heel zijn tuighuis en al wat er in zijn magazijnen lag opgestapeld. Er was niets in zijn paleis en heel zijn gebied, wat Ezekias hun niet liet zien.
13希西家 聽從使者的話,就把他寶庫的金子、銀子、香料、貴重的膏油,和他武庫的一切軍器,並他所有的財寶,都給他們看。他家中和他全國之內, 希西家 沒有一樣不給他們看的。
14Toen ging de profeet Isaias naar koning Ezekias toe, en zeide tot hem: Wat hebben deze mannen gezegd, en waar vandaan zijn ze tot u gekomen? Ezekias antwoordde: Uit een ver land zijn ze mij komen bezoeken, uit Babel.
14於是先知 以賽亞 來見 希西家 王,問他說:「這些人說甚麼?他們從哪裏來見你?」 希西家 說:「他們從遠方的 巴比倫 來。」
15Hij vroeg: Wat hebben ze in uw paleis gezien? Ezekias antwoordde: Ze hebben alles gezien wat in mijn paleis is; en er is ook niets in mijn magazijnen, wat ik hun niet heb getoond.
15以賽亞 說:「他們在你家裏看見了甚麼?」 希西家 說:「凡我家中所有的,他們都看見了;我財寶中沒有一樣不給他們看的。」
16Toen sprak Isaias tot Ezekias: Hoor dan het woord van Jahweh!
16以賽亞 對 希西家 說:「你要聽耶和華的話,
17Zie, de dagen zullen komen, waarin al wat zich in uw paleis bevindt en al wat uw vaderen tot heden toe hebben opgestapeld, naar Babel zal worden overgebracht; niets blijft er over, zegt Jahweh!
17日子必到,凡你家裏所有的,並你列祖積蓄到如今的,都要被擄到 巴比倫 去,不留下一樣。這是耶和華說的。
18En uit uw zonen, uw eigen kinderen, die gij zult verwekken, zal men er kiezen, om ze tot eunuchen te maken in het paleis van den koning van Babel.
18並且從你本身所生的眾子,其中必有被擄去在 巴比倫 王宮裏當太監的。」
19Toen zeide Ezekias tot Isaias: Het woord van Jahweh, dat gij gesproken hebt, is goed! Hij dacht: dan is er althans in mijn tijd bestendige vrede.
19希西家 對 以賽亞 說:「你所說耶和華的話甚好!若在我的年日中有太平和穩固的景況,豈不是好嗎?」
20De verdere geschiedenis van Ezekias, met al zijn krijgsverrichtingen, en hoe hij de vijver en het kanaal maakte en zo het water in de stad bracht, is beschreven in het boek der kronieken van de koningen van Juda.
20希西家 其餘的事和他的勇力,他怎樣挖池、挖溝、引水入城,都寫在 猶大 列王記上。
21Ezekias ging bij zijn vaderen te ruste, en zijn zoon Manasses volgde hem op.
21希西家 與他列祖同睡。他兒子 瑪拿西 接續他作王。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.