1 Korintiers 13
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
1Al spreek ik de talen van mensen en engelen, Maar ik heb de liefde niet: Ik ben een rinkelend bekken, Of een rammelend cymbaal.
1我若能说万人的方言,并天使的话语,却没有爱,我就成了鸣的锣,响的钹一般。
2Al heb ik de gave der profetie, Al bezit ik alle geheimen en kennis, Al heb ik het volle geloof, dat bergen verzet: Zonder liefde ben ik niets.
2我若有先知讲道 之能 ,也明白各样的奥秘,各样的知识,而且有全备的信,叫我能够移山,却没有爱,我就算不得什么。
3Al schenk ik weg al wat ik heb, Al geef ik mijn lichaam, om mij te laten verbranden: Zo ik de liefde niet heb, Het dient mij tot niets.
3我若将所有的周济 穷人 ,又舍己身叫人焚烧,却没有爱,仍然与我无益。
4De liefde is geduldig, De liefde is goedertieren, De liefde is niet afgunstig, Niet pronkzuchtig, niet verwaand.
4爱是恒久忍耐,又有恩慈;爱是不嫉妒;爱是不自夸,不张狂,
5Zij handelt niet onedel, En zoekt zichzelve niet, Zij laat zich niet verbitteren, En rekent het kwade niet aan.
5不做害羞的事,不求自己的益处,不轻易发怒,不计算 人的 恶,
6Over onrecht is zij niet blijde, Maar over de waarheid verheugd.
6不喜欢不义,只喜欢真理;
7Alles bedekt zij, alles gelooft zij, Alles hoopt zij, alles duldt zij.
7凡事包容,凡事相信,凡事盼望,凡事忍耐。
8De liefde: zij vergaat nimmer! Maar profetieën: zij houden op, En talen: zij zullen verstommen, En kennis: zij zal vergaan.
8爱是永不止息。先知讲道之能终必归于无有;说方言之能终必停止;知识也终必归于无有。
9Want ons kennen is ten halve, Ons profeteren slechts ten dele;
9我们现在所知道的有限,先知所讲的也有限,
10Maar komt eens het volmaakte, Het onvolmaakte verdwijnt.
10等那完全的来到,这有限的必归于无有了。
11Toen ik een kind was, sprak ik als kind, Voelde ik als kind, dacht ik als kind;
11我作孩子的时候,话语像孩子,心思像孩子,意念像孩子,既成了人,就把孩子的事丢弃了。
12Nu ik een man ben, Leg ik het kinderlijke af. Thans zien wij in een wazige spiegel; Straks aangezicht tot aangezicht. Thans ken ik slechts ten halve; Straks ten volle, zoals ik zelf ben gekend.
12我们如今仿佛对着镜子观看,模糊不清,到那时就要面对面了。我如今所知道的有限,到那时就全知道,如同主知道我一样。
13Zo blijven bestaan Geloof, hoop en liefde, Drie in getal; Maar de grootste daarvan is de liefde.
13如今常存的有信,有望,有爱这三样,其中最大的是爱。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.