Galaten
Chapter 6

Galaten

Petrus Canisius Bible, 1…
vs Kralice Bible (1613)
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kralice Bible (1613)
1Broeders, wanneer iemand onverhoopt een mis. stap heeft begaan, dan moet gij, die geestelijk zijt, hem terecht helpen in de geest van zachtmoedigheid; slaat een blik op uzelf, want ook gij kunt worden bekoord.
1Bratří, byl-li by zachvácen člověk v nějakém pádu, vy duchovní napravte takového v duchu tichosti, prohlédaje každý sám k sobě, abys snad i ty nebyl pokoušín.
2Draagt elkanders lasten; zo zult gij de Wet van Christus volbrengen.
2Jedni druhých břemena neste a tak plňte zákon Kristův.
3Want wanneer iemand zich inbeeldt, iets te zijn, terwijl hij niets is, dan bedriegt hij zichzelf.
3Nebo zdá-li se komu, že by něco byl, nic nejsa, takového vlastní mysl jeho svodí.
4Laat iedereen zijn eigen gedrag maar eens onderzoeken; dan zal hij zich hoogstens op zichzelf kunnen beroemen, maar zeker niet door een vergelijking met anderen;
4Ale díla svého zkus jeden každý, a takť sám v sobě chválu míti bude, a ne v jiném.
5want iedereen gaat onder zijn eigen last gebukt.
5Neb jeden každý své břímě ponese.
6Die onderwezen wordt in de leer, moet zijn leraar in al zijn goederen doen delen.
6Sdílejž se pak ten, kterýž naučení přijímá v slovu Páně, s tím, od kohož naučení béře, vším svým statkem.
7Bedriegt u niet: God laat niet met Zich spotten. Wat de mens zaait, zal hij ook oogsten;
7Nemylte se, Bůhť nebude oklamán; nebo cožkoli rozsíval by člověk, toť bude i žíti.
8wie zaait in het vlees, zal verderf oogsten uit het vlees; maar wie zaait in de geest, zal eeuwig leven oogsten uit de geest.
8A kdož rozsívá tělu svému, z těla žíti bude porušení; ale kdož rozsívá Duchu, z Duchať žíti bude život věčný.
9Laat ons dus niet moede worden, het goede te doen; want verslappen we niet, dan zullen we oogsten te zijner tijd.
9Èiníce pak dobře, neoblevujme; nebo časem svým budeme žíti, neustávajíce.
10Welnu dan, zolang we nog tijd hebben, laat ons wèl doen aan allen, maar het meest aan de huisgenoten des geloofs.
10A protož dokudž čas máme, čiňme dobře všechněm, a zvláště nejvíce pak domácím víry
11Ziet, met wat grote letters ik u schrijf met eigen hand.
11Hle, jaký jsem vám list napsal svou rukou.
12Zij die erg bezorgd naar het vlees willen zijn, dwingen u tot de besnijdenis, enkel en alleen, om niet vervolgd te worden terwille van Christus’ kruis.
12Ti, kteříž chtějí tvární býti podle těla, nutí vás, abyste se obřezovali, jediné aby protivenství pro kříž Kristův netrpěli.
13Want ofschoon ze besnedenen zijn, nemen ze zelf de Wet niet in acht; maar ze willen u laten besnijden, om in uw vlees te kunnen roemen.
13Nebo ani sami ti, kteříž se obřezují, nezachovávají Zákona, ale chtí, abyste se obřezovali proto, aby se tělem vaším chlubili.
14Wat mijzelf betreft: het zij verre van mij, op iets anders te roemen dan op het kruis van onzen Heer Jesus Christus, waardoor de wereld voor mij is gekruisigd, en ik voor de wereld.
14Ale ode mne odstup to, ať abych se v čem chlubil, jediné v kříži Pána našeho Jezukrista, skrze něhož jest mi svět ukřižován, a já světu.
15Want noch besnijdenis, noch onbesnedenheid heeft waarde, maar wel het nieuwe schepsel.
15Nebo v Kristu Ježíši ani obřízka nic neplatí, ani neobřízka, ale nové stvoření.
16En over allen, die naar deze regel zullen leven, moge vrede en barmhartigheid komen: over hen en over het Israël Gods.
16A kteříkoli tohoto pravidla následují, pokoj přijde na ně a milosrdenství, i na lid Boží Izraelský.
17Laat niemand mij meer lastig vallen; want ik draag de merktekenen van Jesus in mijn lichaam!
17Dále pak žádný mi nečiň zaměstknání, já zajisté jízvy Pána Ježíše nosím na těle svém.
18Broeders, de genade van onzen Heer Jesus Christus zij met uw geest. Amen!
18Milost Pána Ježíše Krista budiž s duchem vaším, bratří. Amen.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.