Ezra
Chapter 3
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Freedom Bible (Thai)
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Toen Israël in zijn steden woonde, en de zevende maand was genaderd, kwam het volk als één man te Jerusalem bijeen.
1เมื่อถึงเดือนที่ 7 ชาวอิสราเอลตั้งถิ่นฐานอยู่ตามเมืองต่าง ๆ แล้ว ประชาชนจึงมารวมกันอย่างพร้อมเพรียงที่กรุงเยรูซาเล็ม
2Nu sloegen Jesjóea, de zoon van Josadak met zijn medepriesters, en Zorobabel, de zoon van Salatiël, met zijn broeders, de hand aan het werk, om het altaar van Israëls God te bouwen en er de brandoffers op te dragen, zoals dit voorgeschreven staat in de Wet van Moses, den man Gods.
2เยชูอา บุตรของโยซาดัก พร้อมกับพี่น้องปุโรหิต และเศรุบบาเบล บุตรของเชอัลทิเอล พร้อมกับญาติพี่น้อง ลงมือสร้างแท่นบูชาของพระเจ้าแห่งอิสราเอล เพื่อถวายเครื่องเผาบูชาบนแท่น ตามที่เขียนไว้ในบทบัญญัติของโมเสส คนของพระเจ้า
3Maar daar ze bevreesd waren voor de landsbevolking, bouwden ze enkel het altaar op zijn vroegere grondslagen, en brachten daarop brandoffers aan Jahweh, morgen- en avondoffers.
3แม้จะกลัวชนชาติในดินแดนโดยรอบ พวกเขาก็ตั้งแท่นบูชาขึ้นบนฐาน แล้วถวายเครื่องเผาบูชาแด่พระยาห์เวห์บนแท่นนั้น ทั้งเวลาเช้าและเวลาเย็น
4Ook vierden zij het Loofhuttenfeest, zoals het voorgeschreven was, en brachten iedere dag van het feest brandoffers, zoals dat voor elke dag was bepaald.
4พวกเขาฉลองเทศกาลอยู่เพิงตามที่เขียนไว้ และถวายเครื่องเผาบูชาประจำวันตามจำนวนที่กำหนดไว้สำหรับแต่ละวัน
5Van toen af droegen zij ook het dagelijks brandoffer op, evenals de offers bij gelegenheid van de nieuwe maan en van alle heilige hoogfeesten van Jahweh, met de offers van al wie een vrijwillige gave aan Jahweh bracht.
5หลังจากนั้นก็ถวายเครื่องเผาบูชาตามปกติ ถวายเครื่องบูชาในวันขึ้นเดือนใหม่และในเทศกาลที่กำหนดให้เป็นวันบริสุทธิ์ของพระยาห์เวห์ทั้งหมด รวมทั้งเครื่องบูชาที่แต่ละคนสมัครใจถวายแด่พระยาห์เวห์
6Ofschoon men dus sinds de eerste dag der zevende maand begonnen was, offers aan Jahweh te brengen, waren toch de fundamenten van de tempel van Jahweh nog niet gelegd.
6พวกเขาเริ่มถวายเครื่องเผาบูชาแด่พระยาห์เวห์ตั้งแต่วันที่ 1 เดือนที่ 7 ทั้งที่ยังไม่ได้วางฐานรากของพระวิหารของพระยาห์เวห์
7Daarom gaf men geld voor de steenhouwers en timmerlieden, en spijs en drank en olie voor de Sidoniërs en Tyriërs, om ceders van de Libanon over zee naar Joppe te brengen, zoals Cyrus, de koning der Perzen, het hun had toegestaan.
7พวกเขาจ่ายเงินให้ช่างหินและช่างไม้ และให้อาหาร เครื่องดื่ม และน้ำมันแก่ชาวไซดอนกับชาวไทระ เพื่อนำไม้ซีดาร์จากเลบานอนมาทางทะเลถึงยัฟฟา ตามที่ไซรัส กษัตริย์แห่งเปอร์เซียอนุญาต
8En in de tweede maand van het tweede jaar na hun aankomst bij het huis van God te Jerusalem, maakten Zorobabel, de zoon van Salatiël, en Jesjóea, de zoon van Josadak, met hun broeders, de overige priesters en levieten, en allen die uit de gevangenschap naar Jerusalem waren gekomen, een begin met het werk, en stelden zij de levieten van twintig jaar en daarboven aan, om toezicht te houden op de werkzaamheden aan het huis van Jahweh.
8ในเดือนที่ 2 ของปีที่ 2 นับจากที่พวกเขามาถึงพระวิหารของพระเจ้าที่กรุงเยรูซาเล็ม เศรุบบาเบล บุตรของเชอัลทิเอล เยชูอา บุตรของโยซาดัก และพี่น้องที่เหลือ คือปุโรหิตกับชาวเลวี รวมทั้งทุกคนที่กลับมาจากการเป็นเชลยถึงเยรูซาเล็ม เริ่มงานก่อสร้าง พวกเขาแต่งตั้งชาวเลวีอายุ 20 ปีขึ้นไปให้ควบคุมงานสร้างพระวิหารของพระยาห์เวห์
9Zo hielden Jesjóea met zijn zonen en broers, Kadmiël met zijn zonen, de zonen van Hodawja en de zonen van Chenadad met hun zonen en broers, die allen levieten waren, tezamen toezicht op de arbeiders aan het huis van God.
9เยชูอาพร้อมกับบุตรและพี่น้อง คัดมีเอลพร้อมกับบุตร และลูกหลานของยูดาห์ ร่วมกันควบคุมคนงานในพระวิหารของพระเจ้า รวมทั้งลูกหลานของเฮนาดัด พร้อมกับบุตรและพี่น้องของพวกเขาที่เป็นชาวเลวี
10Toen de bouwlieden het fundament van de tempel van Jahweh hadden gelegd, stelden zich de priesters in ambtsgewaad met de trompetten op, en de levieten, de zonen van Asaf, met de cymbalen, om Jahweh te loven naar de voorschriften van David, koning van Israël.
10เมื่อช่างก่อสร้างวางฐานรากของพระวิหารของพระยาห์เวห์ พวกเขาจัดให้ปุโรหิตสวมเสื้อประจำตำแหน่งและถือแตร และชาวเลวีที่เป็นลูกหลานของอาสาฟถือฉาบ ยืนสรรเสริญพระยาห์เวห์ตามคำสั่งของดาวิด กษัตริย์แห่งอิสราเอล
11Ze hieven aan: “Prijst en looft Jahweh; want Hij is goed, en zijn goedheid voor Israël duurt eeuwig!” En heel het volk jubelde mee bij die lofzang ter ere van Jahweh, omdat het fundament van Jahweh’s huis was gelegd.
11พวกเขาร้องรับกันเพื่อสรรเสริญและขอบคุณพระยาห์เวห์ว่า “พระองค์ดี และความเมตตาของพระองค์ต่ออิสราเอลคงอยู่ตลอดไป” ประชาชนทั้งหมดโห่ร้องเสียงดังสรรเสริญพระยาห์เวห์ เพราะได้วางฐานรากของพระวิหารของพระยาห์เวห์แล้ว
12Maar terwijl de menigte juichte en jubelde van vreugde, begonnen velen van de oudere priesters, levieten en familiehoofden, die de vroegere tempel nog hadden gezien, te jammeren, toen hun ogen de fundamenten van dit huis aanschouwden.
12แต่ปุโรหิต ชาวเลวี และหัวหน้าตระกูลจำนวนมากที่ชราแล้วและเคยเห็นพระวิหารหลังแรก เมื่อเห็นการวางฐานรากของพระวิหารหลังนี้ต่อหน้าต่อตา ก็ร้องไห้เสียงดัง ส่วนอีกหลายคนโห่ร้องด้วยความยินดี
13Doch men kon door de jubelkreten van het volk het gejammer der schare niet horen; want het volk juichte luid, zodat het gejoel in de verte gehoord werd.
13เสียงโห่ร้องยินดีกับเสียงร้องไห้ปะปนกันจนแยกไม่ออก ประชาชนโห่ร้องกันดังมาก เสียงนั้นได้ยินไปไกล

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.